At-Taghaabon

بِسۡمِ اللّٰہِ الرَّحۡمٰنِ الرَّحِیۡمِ

یُسَبِّحُ لِلّٰہِ مَا فِی السَّمٰوٰتِ وَ مَا فِی الۡاَرۡضِ ۚ لَہُ الۡمُلۡکُ وَ لَہُ الۡحَمۡدُ ۫ وَ ہُوَ عَلٰی کُلِّ شَیۡءٍ قَدِیۡرٌ ﴿۱﴾

064.001 Yusabbihu lillahi ma fee alssamawati wama fee al-ardi lahu almulku walahu alhamdu wahuwa AAala kulli shay-in qadeerun

1. Wat er ook in de hemelen en op aarde is, verheerlijkt Allah; Hem is het Koninkrijk en de Lof, want Hij heeft macht over alle dingen. Wat er in de hemelen en op de aarde is prijst Allah. Hij heeft de heerschappij en Hem zij lof; Hij is almachtig.

ہُوَ الَّذِیۡ خَلَقَکُمۡ فَمِنۡکُمۡ کَافِرٌ وَّ مِنۡکُمۡ مُّؤۡمِنٌ ؕ وَ اللّٰہُ بِمَا تَعۡمَلُوۡنَ بَصِیۡرٌ ﴿۲﴾

064.002 Huwa allathee khalaqakum faminkum kafirun waminkum mu/minun waAllahu bima taAAmaloona baseerun

2. Hij is het Die u geschapen heeft; maar sommigen uwer zijn ongelovig en sommigen uwer zijn gelovig; en Allah ziet hoe u handelt. Hij is het die jullie geschapen heeft, maar sommigen van jullie zijn ongelovig en anderen zijn gelovig; Allah doorziet wel wat jullie doen.

خَلَقَ السَّمٰوٰتِ وَ الۡاَرۡضَ بِالۡحَقِّ وَ صَوَّرَکُمۡ فَاَحۡسَنَ صُوَرَکُمۡ ۚ وَ اِلَیۡہِ الۡمَصِیۡرُ ﴿۳﴾

064.003 Khalaqa alssamawati waal-arda bialhaqqi wasawwarakum faahsana suwarakum wa-ilayhi almaseeru

3. Hij schiep de hemelen en de aarde in waarheid, en Hij heeft u gevormd en een schone gedaante gegeven, en tot Hem is aller terugkeer. Hij heeft de hemelen en de aarde in waarheid geschapen en jullie gevormd; Hij heeft jullie een mooie vorm gegeven. En bij Hem is de bestemming.

یَعۡلَمُ مَا فِی السَّمٰوٰتِ وَ الۡاَرۡضِ وَ یَعۡلَمُ مَا تُسِرُّوۡنَ وَ مَا تُعۡلِنُوۡنَ ؕ وَ اللّٰہُ عَلِیۡمٌۢ بِذَاتِ الصُّدُوۡرِ ﴿۴﴾

064.004 YaAAlamu ma fee alssamawati waal-ardi wayaAAlamu ma tusirroona wama tuAAlinoona waAllahu AAaleemun bithati alssudoori

4. Hij weet wat in de hemelen en op aarde is, Hij weet wat u verbergt en wat u openbaar maakt; en Allah weet alles wat in het innerlijk is. Hij weet wat er in de hemelen en op de aarde is en Hij weet wat jullie in het geheim en wat jullie openlijk doen; Allah weet wat er binnen in de harten is.

اَلَمۡ یَاۡتِکُمۡ نَبَؤُا الَّذِیۡنَ کَفَرُوۡا مِنۡ قَبۡلُ ۫ فَذَاقُوۡا وَبَالَ اَمۡرِہِمۡ وَ لَہُمۡ عَذَابٌ اَلِیۡمٌ ﴿۵﴾

064.005 Alam ya/tikum nabao allatheena kafaroo min qablu fathaqoo wabala amrihim walahum AAathabun aleemun

5. Heeft het verhaal u niet bereikt van degenen die vroeger ongelovig waren? Zo ondergingen zij het kwade gevolg van hun gedrag, en hen wacht een pijnlijke straf. Is tot jullie niet de mededeling gekomen over hen die vroeger ongelovig waren? Zij proefden het walgelijke van hun gedrag en voor hen was er een pijnlijke bestraffing.

ذٰلِکَ بِاَنَّہٗ کَانَتۡ تَّاۡتِیۡہِمۡ رُسُلُہُمۡ بِالۡبَیِّنٰتِ فَقَالُوۡۤا اَبَشَرٌ یَّہۡدُوۡنَنَا ۫ فَکَفَرُوۡا وَ تَوَلَّوۡا وَّ اسۡتَغۡنَی اللّٰہُ ؕ وَ اللّٰہُ غَنِیٌّ حَمِیۡدٌ ﴿۶﴾

064.006 Thalika bi-annahu kanat ta/teehim rusuluhum bialbayyinati faqaloo abasharun yahdoonana fakafaroo watawallaw waistaghna Allahu waAllahu ghaniyyun hameedun

6. Deze (gingen onder) omdat hun boodschappers met duidelijke bewijzen tot hen kwamen, maar zij zeiden: "Zullen stervelingen ons leiden?" Daarom verwierpen zij (de Waarheid) en wendden zich af, Allah toonde Zijn zelfgenoegzaamheid, want AIlah is Zichzelf-genoeg, Geprezen. Dat kwam omdat zij, hoewel hun gezanten met de duidelijke bewijzen tot hen gekomen waren, gezegd hadden: "Zullen mensen ons op het goede pad brengen?" Zij waren ongelovig en keerden zich af. Maar Allah kon het zonder hen stellen; Allah is behoefteloos en lofwaardig.

زَعَمَ الَّذِیۡنَ کَفَرُوۡۤا اَنۡ لَّنۡ یُّبۡعَثُوۡا ؕ قُلۡ بَلٰی وَ رَبِّیۡ لَتُبۡعَثُنَّ ثُمَّ لَتُنَبَّؤُنَّ بِمَا عَمِلۡتُمۡ ؕ وَ ذٰلِکَ عَلَی اللّٰہِ یَسِیۡرٌ ﴿۷﴾

064.007 ZaAAama allatheena kafaroo an lan yubAAathoo qul bala warabbee latubAAathunna thumma latunabbaonna bima AAamiltum wathalika AAala Allahi yaseerun

7. De ongelovigen denken dat zij niet zullen worden opgewekt. Zeg: "Ja, bij mijn Heer, u zult zeker herrijzen; dan zult u worden onderricht omtrent hetgeen u deedt. En dat is gemakkelijk voor Allah." Zij die ongelovig zijn beweren dat zij niet zullen worden opgewekt. Zeg: "Integendeel, jullie zullen worden opgewekt en dan zal aan jullie worden meegedeeld wat jullie gedaan hebben. Dat is voor Allah gemakkelijk."

فَاٰمِنُوۡا بِاللّٰہِ وَ رَسُوۡلِہٖ وَ النُّوۡرِ الَّذِیۡۤ اَنۡزَلۡنَا ؕ وَ اللّٰہُ بِمَا تَعۡمَلُوۡنَ خَبِیۡرٌ ﴿۸﴾

064.008 Faaminoo biAllahi warasoolihi waalnnoori allathee anzalna waAllahu bima taAAmaloona khabeerun

8. Gelooft daarom in Allah en Zijn boodschapper, en in het Licht dat Wij nedergezonden hebben. En Allah is op de hoogte van hetgeen u doet. Gelooft dus in Allah, Zijn gezant en het licht dat Hij heeft neergezonden. Allah is welingelicht over wat jullie doen.

یَوۡمَ یَجۡمَعُکُمۡ لِیَوۡمِ الۡجَمۡعِ ذٰلِکَ یَوۡمُ التَّغَابُنِ ؕ وَ مَنۡ یُّؤۡمِنۡۢ بِاللّٰہِ وَ یَعۡمَلۡ صَالِحًا یُّکَفِّرۡ عَنۡہُ سَیِّاٰتِہٖ وَ یُدۡخِلۡہُ جَنّٰتٍ تَجۡرِیۡ مِنۡ تَحۡتِہَا الۡاَنۡہٰرُ خٰلِدِیۡنَ فِیۡہَاۤ اَبَدًا ؕ ذٰلِکَ الۡفَوۡزُ الۡعَظِیۡمُ ﴿۹﴾

064.009 Yawma yajmaAAukum liyawmi aljamAAi thalika yawmu alttaghabuni waman yu/min biAllahi wayaAAmal salihan yukaffir AAanhu sayyi-atihi wayudkhilhu jannatin tajree min tahtiha al-anharu khalideena feeha abadan thalika alfawzu alAAatheemu

9. Wanneer Hij u voor de Dag van de Verzameling zal bijeenroepen, zal dit de tijd voor onthulling van de gebreken zijn. En hij die gelooft in Allah en recht doet, - hem zal Hij zuiveren van zijn fouten en Hij zal hun tot tuinen toegang geven waardoor rivieren stromen, om daarin voor eeuwig te vertoeven. Dat is de grote zegepraal. De dag dat Hij jullie bijeen zal brengen voor de dag van de bijeenbrenging. Dat is de dag van de zwendel. Wie in Allah gelooft en deugdelijk handelt verzoent Hij zijn slechte daden en laat hem in tuinen binnengaan waar de rivieren onderdoor stromen; zij zullen daarin altijd blijven. Dat is de grote triomf.

وَ الَّذِیۡنَ کَفَرُوۡا وَ کَذَّبُوۡا بِاٰیٰتِنَاۤ اُولٰٓئِکَ اَصۡحٰبُ النَّارِ خٰلِدِیۡنَ فِیۡہَا ؕ وَ بِئۡسَ الۡمَصِیۡرُ ﴿٪۱۰﴾

064.010 Waallatheena kafaroo wakaththaboo bi-ayatina ola-ika as-habu alnnari khalideena feeha wabi/sa almaseeru

10. Maar wie Onze tekenen verwerpen en loochenen, zullen de bewoners van het Vuur zijn, daarin zullen zij vertoeven, en dat is een slechte bestemming! Maar zij die ongelovig zijn en Onze tekenen loochenen, zij zijn het die in het vuur thuishoren; zij zullen daarin altijd blijven. Dat is pas een slechte bestemming!

مَاۤ اَصَابَ مِنۡ مُّصِیۡبَۃٍ اِلَّا بِاِذۡنِ اللّٰہِ ؕ وَ مَنۡ یُّؤۡمِنۡۢ بِاللّٰہِ یَہۡدِ قَلۡبَہٗ ؕ وَ اللّٰہُ بِکُلِّ شَیۡءٍ عَلِیۡمٌ ﴿۱۱﴾

064.011 Ma asaba min museebatin illa bi-ithni Allahi waman yu/min biAllahi yahdi qalbahu waAllahu bikulli shay-in AAaleemun

11. Er gebeurt geen ongeluk zonder toelating van Allah. En wie in Allah gelooft, - Hij leidt zijn hart. - En Allah heeft kennis van alle dingen. Er vindt geen onheil plaats zonder dat het met Allah's toestemming is. En als iemand in Allah gelooft zal Hij zijn hart de goede weg wijzen. Allah is alwetend.

وَ اَطِیۡعُوا اللّٰہَ وَ اَطِیۡعُوا الرَّسُوۡلَ ۚ فَاِنۡ تَوَلَّیۡتُمۡ فَاِنَّمَا عَلٰی رَسُوۡلِنَا الۡبَلٰغُ الۡمُبِیۡنُ ﴿۱۲﴾

064.012 WaateeAAoo Allaha waateeAAoo alrrasoola fa-in tawallaytum fa-innama AAala rasoolina albalaghu almubeenu

12. Gehoorzaamt dus aan Allah en gehoorzaamt de boodschapper. Maar indien u afwendt dan berust op Onze boodschapper alleen, de boodschap duidelijk over te brengen. Gehoorzaamt Allah en gehoorzaamt de gezant, maar als jullie je afkeren, dan heeft Onze gezant alleen maar de plicht van de duidelijke verkondiging.

اَللّٰہُ لَاۤ اِلٰہَ اِلَّا ہُوَ ؕ وَ عَلَی اللّٰہِ فَلۡیَتَوَکَّلِ الۡمُؤۡمِنُوۡنَ ﴿۱۳﴾

064.013 Allahu la ilaha illa huwa waAAala Allahi falyatawakkali almu/minoona

13. Allah! Er is geen God dan Hij; laat de gelovigen daarom in Allah hun vertrouwen stellen. Allah, er is geen god dan Hij en op Allah moeten de gelovigen hun vertrouwen stellen.

یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوۡۤا اِنَّ مِنۡ اَزۡوَاجِکُمۡ وَ اَوۡلَادِکُمۡ عَدُوًّا لَّکُمۡ فَاحۡذَرُوۡہُمۡ ۚ وَ اِنۡ تَعۡفُوۡا وَ تَصۡفَحُوۡا وَ تَغۡفِرُوۡا فَاِنَّ اللّٰہَ غَفُوۡرٌ رَّحِیۡمٌ ﴿۱۴﴾

064.014 Ya ayyuha allatheena amanoo inna min azwajikum waawladikum AAaduwwan lakum faihtharoohum wa-in taAAfoo watasfahoo wataghfiroo fa-inna Allaha ghafoorun raheemun

14. O, u gelovigen, er zijn onder uw echtgenoten en kinderen die uw vijanden zijn, neemt u dus voor hen in acht. En indien u verontschuldigt en door de vingers ziet en vergeeft; dan is Allah Vergevensgezind, Genadevol. Jullie die geloven! Onder jullie vrouwen en jullie kinderen zijn er die jullie tot vijand zijn. Hoedt jullie dus voor hen, maar als jullie het niet aanrekenen, het kwijtschelden en vergeven, dan is Allah vergevend en barmhartig.

اِنَّمَاۤ اَمۡوَالُکُمۡ وَ اَوۡلَادُکُمۡ فِتۡنَۃٌ ؕ وَ اللّٰہُ عِنۡدَہٗۤ اَجۡرٌ عَظِیۡمٌ ﴿۱۵﴾

064.015 Innama amwalukum waawladukum fitnatun waAllahu AAindahu ajrun AAatheemun

15. Uw rijkdommen en uw kinderen zijn slechts een beproeving; maar bij Allah is er een grote beloning. Jullie bezittingen en jullie kinderen zijn een verzoeking voor jullie en Allah, bij Hem is een geweldig loon.

فَاتَّقُوا اللّٰہَ مَا اسۡتَطَعۡتُمۡ وَ اسۡمَعُوۡا وَ اَطِیۡعُوۡا وَ اَنۡفِقُوۡا خَیۡرًا لِّاَنۡفُسِکُمۡ ؕ وَ مَنۡ یُّوۡقَ شُحَّ نَفۡسِہٖ فَاُولٰٓئِکَ ہُمُ الۡمُفۡلِحُوۡنَ ﴿۱۶﴾

064.016 Faittaqoo Allaha ma istataAAtum waismaAAoo waateeAAoo waanfiqoo khayran li-anfusikum waman yooqa shuhha nafsihi faola-ika humu almuflihoona

16. Weest godvruchtig naar vermogen, luistert, gehoorzaamt en geeft weg, dat is beter voor u. En degenen die voor eigen vrekkigheid zijn behoed zullen slagen. Vreest dus Allah zo goed als jullie kunnen en luistert, gehoorzaamt en geeft bijdragen; dat is beter voor jullie zelf. En wie voor de eigen hebzucht behoed worden, dat zijn zij die het welgaat.

اِنۡ تُقۡرِضُوا اللّٰہَ قَرۡضًا حَسَنًا یُّضٰعِفۡہُ لَکُمۡ وَ یَغۡفِرۡ لَکُمۡ ؕ وَ اللّٰہُ شَکُوۡرٌ حَلِیۡمٌ ﴿ۙ۱۷﴾

064.017 In tuqridoo Allaha qardan hasanan yudaAAifhu lakum wayaghfir lakum waAllahu shakoorun haleemun

17. Indien u een goede lening met Allah sluit, zal Hij deze voor u vermenigvuldigen en Hij zal u vergeven; want Allah is Waarderend, Verdraagzaam. En als jullie aan Allah een goede lening geven zal Hij het voor jullie verdubbelen en Hij zal jullie vergeven; Allah is dankbetuigend en zachtmoedig,

عٰلِمُ الۡغَیۡبِ وَ الشَّہَادَۃِ الۡعَزِیۡزُ الۡحَکِیۡمُ ﴿٪۱۸﴾

064.018 AAalimu alghaybi waalshshahadati alAAazeezu alhakeemu

18. De Kenner van het onzienlijke en het zienlijke, de Almachtige, de Alwijze. de kenner van het verborgene en het waarneembare, de machtige, de wijze.


www.kuran.nl