Al-Morsalaat

بِسۡمِ اللّٰہِ الرَّحۡمٰنِ الرَّحِیۡمِ

وَ الۡمُرۡسَلٰتِ عُرۡفًا ۙ﴿۱﴾

077.001 Waalmursalati AAurfan

1. Bij de met goedheid gezondenen. Bij de achtereenvolgens losgelatenen!

فَالۡعٰصِفٰتِ عَصۡفًا ۙ﴿۲﴾

077.002 FaalAAasifati AAasfan

2. En bij hen die verbrijzelen. En de er op los stormenden!

وَّ النّٰشِرٰتِ نَشۡرًا ۙ﴿۳﴾

077.003 Waalnnashirati nashran

3. En bij hen, die heinde en ver verspreiden. En de wijd verspreidenden!

فَالۡفٰرِقٰتِ فَرۡقًا ۙ﴿۴﴾

077.004 Faalfariqati farqan

4. En bij hen die goed onderscheiden. En de duidelijk onderscheidenden!

فَالۡمُلۡقِیٰتِ ذِکۡرًا ۙ﴿۵﴾

077.005 Faalmulqiyati thikran

5. En bij hen die de vermaning toedienen, En de vermaning brengenden,

عُذۡرًا اَوۡ نُذۡرًا ۙ﴿۶﴾

077.006 AAuthran aw nuthran

6. Om tot verontschuldiging te brengen en te waarschuwen. ter verontschuldiging of ter waarschuwing!

اِنَّمَا تُوۡعَدُوۡنَ لَوَاقِعٌ ؕ﴿۷﴾

077.007 Innama tooAAadoona lawaqiAAun

7. Voorwaar, hetgeen u is beloofd moet gebeuren. Wat jullie is aangezegd gebeurt.

فَاِذَا النُّجُوۡمُ طُمِسَتۡ ۙ﴿۸﴾

077.008 Fa-itha alnnujoomu tumisat

8. Dus, als de sterren verduisterd zullen zijn. Wanneer dan de sterren worden uitgewist.

وَ اِذَا السَّمَآءُ فُرِجَتۡ ۙ﴿۹﴾

077.009 Wa-itha alssamao furijat

9. En als de hemelen geopend zullen worden. En wanneer de hemel wordt gesplitst.

وَ اِذَا الۡجِبَالُ نُسِفَتۡ ﴿ۙ۱۰﴾

077.010 Wa-itha aljibalu nusifat

10. En als de bergen verstrooid zullen zijn. En wanneer de bergen worden verstrooid.

وَ اِذَا الرُّسُلُ اُقِّتَتۡ ﴿ؕ۱۱﴾

077.011 Wa-itha alrrusulu oqqitat

11. En als de gezanten verzameld zullen worden. En wanneer voor de gezanten de tijd is bepaald,

لِاَیِّ یَوۡمٍ اُجِّلَتۡ ﴿ؕ۱۲﴾

077.012 Li-ayyi yawmin ojjilat

12. Tot welke Dag is dit einde uitgesteld? voor welke dag de termijn is vastgesteld,

لِیَوۡمِ الۡفَصۡلِ ﴿ۚ۱۳﴾

077.013 Liyawmi alfasli

13. Tot de Dag van de beslissing. voor de dag van de schifting.

وَ مَاۤ اَدۡرٰىکَ مَا یَوۡمُ الۡفَصۡلِ ﴿ؕ۱۴﴾

077.014 Wama adraka ma yawmu alfasli

14. En wat weet u ervan wat de Dag van de beslissing is? En hoe zul jij te weten komen wat de dag van de schifting is?

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۱۵﴾

077.015 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

15. Wee op die Dag, degenen die loochenen. Wee op die dag de loochenaars!

اَلَمۡ نُہۡلِکِ الۡاَوَّلِیۡنَ ﴿ؕ۱۶﴾

077.016 Alam nuhliki al-awwaleena

16. Hebben Wij de vroegere (ongelovigen) niet vernietigd? Hebben Wij hen die er eertijds waren niet vernietigd?

ثُمَّ نُتۡبِعُہُمُ الۡاٰخِرِیۡنَ ﴿۱۷﴾

077.017 Thumma nutbiAAuhumu al-akhireena

17. Wij zullen daarom die van latere tijden hen doen volgen. Maar dan laten Wij de lateren hen volgen.

کَذٰلِکَ نَفۡعَلُ بِالۡمُجۡرِمِیۡنَ ﴿۱۸﴾

077.018 Kathalika nafAAalu bialmujrimeena

18. Zo behandelen Wij de schuldigen. Zo doen Wij met de boosdoeners.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۱۹﴾

077.019 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

19. Wee op die Dag degenen die loochenen! Wee op die dag de loochenaars!

اَلَمۡ نَخۡلُقۡکُّمۡ مِّنۡ مَّآءٍ مَّہِیۡنٍ ﴿ۙ۲۰﴾

077.020 Alam nakhluqkum min ma-in maheenin

20. Schiepen Wij u niet uit een kleine levenskiem Hebben Wij uit verachtelijk water niet jullie geschapen,

فَجَعَلۡنٰہُ فِیۡ قَرَارٍ مَّکِیۡنٍ ﴿ۙ۲۱﴾

077.021 FajaAAalnahu fee qararin makeenin

21. Die Wij op een veilige plaats bewaarden. die Wij toen in een solide verblijfplaats legden,

اِلٰی قَدَرٍ مَّعۡلُوۡمٍ ﴿ۙ۲۲﴾

077.022 Ila qadarin maAAloomin

22. Voor een bepaalde tijd? tot een vastgestelde duur?

فَقَدَرۡنَا ٭ۖ فَنِعۡمَ الۡقٰدِرُوۡنَ ﴿۲۳﴾

077.023 Faqadarna faniAAma alqadiroona

23. Zo hebben Wij bepaald. Hoe voortreffelijk zijn Wij in het bepalen! Wij hebben die bepaald en een voortreffelijke bepaler zijn Wij.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۲۴﴾

077.024 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

24. Wee op die Dag degenen die loochenen! Wee op die dag de loochenaars!

اَلَمۡ نَجۡعَلِ الۡاَرۡضَ کِفَاتًا ﴿ۙ۲۵﴾

077.025 Alam najAAali al-arda kifatan

25. Hebben Wij de aarde niet gemaakt om Hebben Wij de aarde niet gemaakt voor het opnemen

اَحۡیَآءً وَّ اَمۡوَاتًا ﴿ۙ۲۶﴾

077.026 Ahyaan waamwatan

26. De levenden en de doden te kunnen bevatten? van levenden en doden?

وَّ جَعَلۡنَا فِیۡہَا رَوَاسِیَ شٰمِخٰتٍ وَّ اَسۡقَیۡنٰکُمۡ مَّآءً فُرَاتًا ﴿ؕ۲۷﴾

077.027 WajaAAalna feeha rawasiya shamikhatin waasqaynakum maan furatan

27. En hebben Wij er geen hoge bergen op geplaatst en u zoet (zuiver) watergegeven om te drinken. En Wij hebben stevige hoog uitstekende bergen op haar gemaakt en jullie fris water te drinken gegeven.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۲۸﴾

077.028 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

28. Wee op die Dag degenen die loochenen. Wee op die dag de loochenaars!

اِنۡطَلِقُوۡۤا اِلٰی مَا کُنۡتُمۡ بِہٖ تُکَذِّبُوۡنَ ﴿ۚ۲۹﴾

077.029 Intaliqoo ila ma kuntum bihi tukaththiboona

29. Men zal zeggen: "Gaat naar (de straf) welke u loochende. "Gaat op weg naar wat jullie altijd loochenden.

اِنۡطَلِقُوۡۤا اِلٰی ظِلٍّ ذِیۡ ثَلٰثِ شُعَبٍ ﴿ۙ۳۰﴾

077.030 Intaliqoo ila thillin thee thalathi shuAAabin

30. Begeeft u tot een schaduw van drie takken, Gaat op weg naar een schaduw van drie takken,

لَّا ظَلِیۡلٍ وَّ لَا یُغۡنِیۡ مِنَ اللَّہَبِ ﴿ؕ۳۱﴾

077.031 La thaleelin wala yughnee mina allahabi

31. Die geen koelte geeft, noch beschermt tegen de vlam." die geen schaduw geeft en die niet tegen de vuurgloed helpt."

اِنَّہَا تَرۡمِیۡ بِشَرَرٍ کَالۡقَصۡرِ ﴿ۚ۳۲﴾

077.032 Innaha tarmee bishararin kaalqasri

32. Ziet! Het (Vuur van de hel) gooit vonken op als kastelen. Hij schiet vonken torenhoog,

کَاَنَّہٗ جِمٰلَتٌ صُفۡرٌ ﴿ؕ۳۳﴾

077.033 Kaannahu jimalatun sufrun

33. Alsof zij kamelen van een gele kleur waren. alsof het gele kamelen waren.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۳۴﴾

077.034 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

34. Wee op die Dag degenen die loochenen! Wee op die dag de loochenaars!

ہٰذَا یَوۡمُ لَا یَنۡطِقُوۡنَ ﴿ۙ۳۵﴾

077.035 Hatha yawmu la yantiqoona

35. Dit is een Dag waarop zij (de schuldigen) niet mogen spreken, Dit is de dag waarop zij niet spreken.

وَ لَا یُؤۡذَنُ لَہُمۡ فَیَعۡتَذِرُوۡنَ ﴿۳۶﴾

077.036 Wala yu/thanu lahum fayaAAtathiroona

36. Noch zal hun worden toegestaan verontschuldigingen aan te bieden. En het wordt hun niet toegestaan zich te verontschuldigen.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۳۷﴾

077.037 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

37. Wee op die Dag degenen die loochenen. Wee op die dag de loochenaars!

ہٰذَا یَوۡمُ الۡفَصۡلِ ۚ جَمَعۡنٰکُمۡ وَ الۡاَوَّلِیۡنَ ﴿۳۸﴾

077.038 Hatha yawmu alfasli jamaAAnakum waal-awwaleena

38. Dit is de Dag van de beslissing; Wij hebben u en degenen die vroeger leefden bijeengebracht. "Dit is de dag van de schifting waarop wij jullie en hen die er eertijds waren bijeenbrengen.

فَاِنۡ کَانَ لَکُمۡ کَیۡدٌ فَکِیۡدُوۡنِ ﴿۳۹﴾

077.039 Fa-in kana lakum kaydun fakeedooni

39. Indien u nu enig plan heeft, gebruikt het dan tegen Mij. En als jullie nog een list hebben, gebruikt die dan tegen Mij."

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿٪۴۰﴾

077.040 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

40. Wee op die Dag degenen die loochenen! Wee op die dag de loochenaars!

اِنَّ الۡمُتَّقِیۡنَ فِیۡ ظِلٰلٍ وَّ عُیُوۡنٍ ﴿ۙ۴۱﴾

077.041 Inna almuttaqeena fee thilalin waAAuyoonin

41. De godvruchtigen zullen te midden van schaduwen en bronnen wonen, Maar de godvrezenden zijn in schaduwen en bij bronnen

وَّ فَوَاکِہَ مِمَّا یَشۡتَہُوۡنَ ﴿ؕ۴۲﴾

077.042 Wafawakiha mimma yashtahoona

42. En fruit ontvangen, zoals zij zich mogen wensen. en bij vruchten die zij maar verlangen.

کُلُوۡا وَ اشۡرَبُوۡا ہَنِیۡٓــًٔۢا بِمَا کُنۡتُمۡ تَعۡمَلُوۡنَ ﴿۴۳﴾

077.043 Kuloo waishraboo hanee-an bima kuntum taAAmaloona

43. (Men zal zeggen): "Eet en drinkt met smaak als beloning voor hetgeen u placht te doen." "Eet en drinkt met genoegen [als beloning] voor wat jullie gedaan hebben."

اِنَّا کَذٰلِکَ نَجۡزِی الۡمُحۡسِنِیۡنَ ﴿۴۴﴾

077.044 Inna kathalika najzee almuhsineena

44. Voorwaar, zo belonen Wij degenen die goed doen. Zo belonen Wij hen die goed doen.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۴۵﴾

077.045 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

45. Wee op die Dag degenen die loochenen. Wee op die dag de loochenaars!

کُلُوۡا وَ تَمَتَّعُوۡا قَلِیۡلًا اِنَّکُمۡ مُّجۡرِمُوۡنَ ﴿۴۶﴾

077.046 Kuloo watamattaAAoo qaleelan innakum mujrimoona

46. "Eet en vermaakt u een poosje (in dit leven). Voorzeker, u bent de schuldigen." "Eet en geniet nog even, want jullie zijn boosdoeners."

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۴۷﴾

077.047 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

47. Wee op die Dag degenen die loochenen. Wee op die dag de loochenaars!

وَ اِذَا قِیۡلَ لَہُمُ ارۡکَعُوۡا لَا یَرۡکَعُوۡنَ ﴿۴۸﴾

077.048 Wa-itha qeela lahumu irkaAAoo la yarkaAAoona

48. En als er tot hen wordt gezegd: "Buigt u neder!" dan buigen zij zich niet. En wanneer tot hen gezegd wordt: "Buigt" dan kunnen zij niet buigen.

وَیۡلٌ یَّوۡمَئِذٍ لِّلۡمُکَذِّبِیۡنَ ﴿۴۹﴾

077.049 Waylun yawma-ithin lilmukaththibeena

49. Wee op die Dag degenen die loochenen. Wee op die dag de loochenaars!

فَبِاَیِّ حَدِیۡثٍۭ بَعۡدَہٗ یُؤۡمِنُوۡنَ ﴿٪۵۰﴾

077.050 Fabi-ayyi hadeethin baAAdahu yu/minoona

50. In welk woord buiten dit zullen zij dan geloven? Aan welk bericht zullen zij dan hierna nog geloven?


www.kuran.nl