| ANTWOORDDEN........................................................................42 | |
| 133 Of was u aanwezig toen de dood tot Jacob kwam en hij tot zijn zonen zei Wat zult u na mij aanbidden Zij antwoordden Wij zullen uw God aanbidden de God uwer vaderen Abraham Ismaël en Izaäk de enige God aan Hem zijn wij onderworpen | Baqarah 2 |
| 52 Toen Jezus hun der Israëlieten ongeloof bemerkte zei hij Wie zullen mijn helpers zijn terwille van Allah De discipelen antwoordden Wij zijn de helpers van Allah Wij geloven in Allah En getuigt u dat wij Moslims zijn | Imraan 3 |
| 81 En toen Allah met de profeten een verbond sloot zei Hij Voorwaar Ik heb u het Boek en de Wijsheid geschonken en daarna zal een boodschapper tot u komen vervullend hetgeen bij u is in hem zult u geloven en hem zult u helpen En Hij zei Heeft u bekrachtigd en daarmede Mijn verbond aanvaard Zij antwoordden Wij bekrachtigen het Hij zei Getuigt dan en Ik ben met u onder de getuigen | Imraan 3 |
| 173 En toen de mensen tot hen zeiden De volkeren hebben zich tegen u verzameld vreest hen daarom vermeerderde dit hun geloof en zij antwoordden Allah is ons genoeg en Hij is een uitstekende Beschermer | Imraan 3 |
| 23 Zij antwoordden Onze Heer wij hebben onszelf onrecht aangedaan en als U ons niet vergeeft en ons niet genadig bent zullen wij zeker tot de benadeelden behoren | Aaraaf 7 |
| 60 De leiders van zijn volk antwoordden Wij zien dat u in openlijke dwaling verkeert | Aaraaf 7 |
| 75 De leiders van zijn volk die aanmatigend waren zeiden tot de gelovigen die zij zwak achtten Weet u zeker dat Salih een door zijn Heer gezondene is Zij antwoordden Wij geloven voorzeker in hetgeen waarmede hij gezonden is | Aaraaf 7 |
| 88 De leidende mannen van zijn volk die aanmatigend waren antwoordden Wij zullen u o Shoaib en de gelovigen met u zeker uit onze stad verdrijven tenzij u tot onze godsdienst terugkeert Hij zei Zelfs al zijn wij er afkerig van | Aaraaf 7 |
| 125 Zij antwoordden Wij zullen voorzeker naar onze Heer terugkeren | Aaraaf 7 |
| 129 Zij antwoordden Wij werden vervolgd voordat u tot ons kwaamt en nadat u tot ons bent gekomen Hij Mozes zei Waarschijnlijk gaat uw Heer uw vijand vernietigen en u tot stedehouders in het land maken dan zal Hij zien hoe u handelt | Aaraaf 7 |
| 172 En toen uw Heer van Adams kinderen een nageslacht uit hun lendenen voortbracht en hen deed getuigen over henzelf Ben ik uw Heer niet antwoordden zij Ja wij getuigen zodat u op de Dag der Opstanding niet zult zeggen Wij waren ons hiervan zeker niet bewust | Aaraaf 7 |
| 78 Zij antwoordden Bent u tot ons gekomen opdat wij ons mogen afwenden van hetgeen wij onze vaderen zagen volgen zodat er voor u beiden grootheid in het land zou zijn Maar wij zullen in u niet geloven | Jonas 10 |
| 85 En zij antwoordden Wij leggen ons vertrouwen in Allah Onze Heer maak ons niet tot voorwerp van vervolging voor het onrechtvaardige volk | Jonas 10 |
| 27 De leiders der ongelovigen onder zijn volk antwoordden Wij zien in u slechts een man zoals wij en wij zien dat niemand u heeft gevolgd behalve de minsten en de eenvoudigen van geest onder ons En wij zien u niet uitmunten boven ons nee wij geloven dat u een leugenaar bent | Hoed 11 |
| 32 Zij antwoordden O Noach u heeft inderdaad met ons getwist en veel getwist breng ons nu de straf waarmede u ons had gedreigd als u waarachtig bent | Hoed 11 |
| 79 Zij antwoordden U weet wel dat wij geen recht hebben op uw dochters en u weet ook wat wij wensen | Hoed 11 |
| 87 Zij antwoordden O Shoaib beveelt uw gebed dat wij hetgeen onze vaderen aanbaden zouden verlaten of dat wij zouden ophouden met ons eigendom te doen wat wij willen U bent inderdaad verstandig recht geleid | Hoed 11 |
| 91 Zij antwoordden O Shoaib wij begrijpen niet veel van hetgeen u zegt en wij zien voorzeker dat u zwak bent tegenover ons Was het niet om uw gezin wij zouden u zeker stenigen want u bent niet in aanzien bij ons | Hoed 11 |
| 44 Zij antwoordden Het zijn verwarde dromen en wij kennen de verklaring van zulke dromen niet | Jozef 12 |
| 61 Zij antwoordden Wij zullen trachten zijn vader hiertoe over te halen wij zullen het voorzeker kunnen doen | Jozef 12 |
| 73 Zij antwoordden Bij Allah u weet goed dat wij niet kwamen om slecht in het land te handelen en wij zijn geen dieven | Jozef 12 |
| 75 Zij antwoordden De straf er voor zal zijn hij in wiens zadeltas ze wordt gevonden zal zelf de boete er voor zijn Zo straffen wij de boosdoeners | Jozef 12 |
| 91 Zij antwoordden Bij Allah waarlijk Allah heeft u boven ons verkozen en wij zijn inderdaad zondaren geweest | Jozef 12 |
| 95 Zij antwoordden Bij Allah u houdt zeker aan uw oude dwaling vast | Jozef 12 |
| 97 Zij antwoordden O onze vader vraag voor ons vergiffenis voor onze zonden wij zijn inderdaad zondaren geweest | Jozef 12 |
| 10 Hun boodschappers antwoordden Bestaat er twijfel over Allah Schepper der hemelen en der aarde Hij roept u opdat Hij uw zonden moge vergeven en u uitstel moge verlenen voor een vastgestelde periode Zij zeiden U bent slechts mensen als wij u wenst ons afkerig te maken van hetgeen onze vaderen aanbaden Brengt ons daarom een duidelijk bewijs | Ibrahiem 14 |
| 45 Zij antwoordden Onze Heer wij vrezen dat hij tegenover ons gewelddadig zal zijn of opstandig zal worden | Taa Haa 20 |
| 87 Zij antwoordden Wij hebben niet uit eigen beweging onze belofte aan u gebroken maar wij waren belast met een lading sieraden van het volk derhalve wierpen wij deze weg en dat heeft Saamiri voorgesteld | Taa Haa 20 |
| 91 Zij antwoordden Wij zullen in geen geval ophouden het kalf te aanbidden voordat Mozes tot ons is teruggekeerd | Taa Haa 20 |
| 14 Zij antwoordden Wee ons voorzeker wij waren onrechtvaardig | Anmbijaa 21 |
| 53 Antwoordden zij Wij vonden dat onze vaderen deze aanbaden | Anmbijaa 21 |
| 50 Zij antwoordden Dat geeft niet wij zullen voorzeker tot onze Heer terugkeren | Sjoaraa 26 |
| 74 Zij antwoordden Maar wij vonden dat onze vaderen hetzelfde deden | Sjoaraa 26 |
| 111 Zij antwoordden Zullen wij u geloven terwijl slechts de onaanzienlijken u volgen | Sjoaraa 26 |
| 136 Zij antwoordden Het is ons hetzelfde of u predikt of niet | Sjoaraa 26 |
| 33 Zij antwoordden Wij hebben de macht en wij bezitten een grote dapperheid in de oorlog maar de zaak is in uw handen overdenk daarom wat u zult bevelen | Naml 27 |
| 47 Zij antwoordden Wij voorzien kwaad wegens u en degenen die met u zijn Hij zei Uw kwade verwachting is bij Allah Nee u bent een volk dat beproefd wordt | Naml 27 |
| 23 En toen hij bij de bron van Midian aankwam vond hij daar een groep mannen die hun vee drenkten En hij vond naast hen twee vrouwen die haar kudden terughielden Mozes zei tot haar Wat scheelt u Zij antwoordden Wij kunnen niet drenken totdat de herders hun kudden terugnemen want onze vader is een zeer oude man | Qasas 28 |
| 15 Zij de bewoners antwoordden U bent slechts mensen zoals wij en de Barmhartige heeft u niets geopenbaard u liegt slechts | Jaa Sien 36 |
| 19 Zij antwoordden Uw onheil is bij u Zegt u dit omdat u vermaand bent Nee u bent een volk dat alle perken te buiten gaat | Jaa Sien 36 |
| 32 Zij antwoordden Wij zijn naar een schuldig volk gezonden | Zaarijaat 51 |
| 14 O u die gelooft weest Allah's helpers zoals toen Jezus zoon van Maria tot zijn discipelen zei Wie zijn mijn helpers terwille van Allah De discipelen antwoordden Wij zijn Allah's helpers Toen geloofde een gedeelte van de kinderen Israëls terwijl een ander deel niet geloofde maar Wij hielpen de gelovigen tegen hun vijand en zij werden overwinnaars | Saff 61 |
| ANTWOORDEN.........................................................................34 | |
| 97 Voorwaar de engelen zullen tot hen die ze doen sterven terwijl dezen hun eigen ziel onrecht aandoen zeggen In welke toestand was u Zij zullen antwoorden Wij waren in het land machteloos Zij de engelen zullen echter zeggen Was Allah's aarde u niet groot genoeg om daarop te verhuizen Zij zijn het wier tehuis de hel zal zijn en dat is een kwade bestemming | Nisa 4 |
| 116 En wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria heeft u tot de mensen gezegd Beschouwt mij en mijn moeder als twee Goden naast Allah' zal hij antwoorden Heilig bent U Ik zou nooit kunnen zeggen waarop ik geen recht had Indien ik het had gezegd zult U het zeker hebben geweten U weet wat in mijn innerlijk is en ik weet niet wat in U is U bent de Kenner van het onzienlijke | Maidah 5 |
| 30 En wanneer u het slechts zult kunnen zien wanneer zij voor hun Heer zullen worden gebracht zal Hij zeggen Is dit niet de waarheid Zij zullen antwoorden Ja zeker bij onze Heer Hij zal zeggen Ondergaat dan de straf omdat u placht te verwerpen | Anaam 6 |
| 37 Wie is dan onrechtvaardiger dan hij die een leugen over Allah uit of Zijn tekenen verloochent Dezen zijn het die hun lot zullen ondergaan zoals het verordend is als Onze boodschappers hen zullen bezoeken om hun zielen weg te nemen zij zullen hen vragen Waar is hetgeen u naast Allah aanriept Zij zullen antwoorden Het is verloren geraakt voor ons en zij zullen tegen zichzelven getuigen dat zij ongelovig waren | Aaraaf 7 |
| 50 En de bewoners van het Vuur zullen tot de bewoners van het paradijs roepen Giet wat water over ons uit of iets waarmnee Allah u heeft voorzien Zij zullen antwoorden Allah heeft voorzeker dit voor de ongelovigen verboden | Aaraaf 7 |
| 27 Dan zal Hij hen op de Dag der Opstanding vernederen en Hij zal zeggen Waar zijn Mijn medegoden ter wille van wie u placht te strijden Degenen die met kennis zijn begiftigd zullen antwoorden Schande en kwelling zullen deze Dag voorzeker over de ongelovigen zijn | An Nah 16 |
| 52 De Dag waarop Hij u zal roepen zult u Hem met de lof die Hem toekomt antwoorden en u zult denken dat u slechts een korte wijle heeft vertoefd | Israa 17 |
| 52 Gedenk de dag waarop Hij zal zeggen Roept degenen waarvan u beweerde dat zij Mijn deelgenoten waren Dan zullen zij hen de afgoden aanroepen maar dezen zullen hun niet antwoorden en Wij zullen een scheiding tussen hen maken | Kahf 18 |
| 89 Zij zullen antwoorden Dit behoort aan Allah Zeg Waarom wordt u dan misleid | Al Mominoen 23 |
| 106 Zij zullen antwoorden O onze Heer onze tegenspoed heeft ons overweldigd en wij waren een dwalend volk | Al Mominoen 23 |
| 113 Zij zullen antwoorden Wij bleven een dag of een deel van een dag Vraag dus degenen die rekening houden | Al Mominoen 23 |
| 18 Zij zullen antwoorden Ere zij U Het betaamde ons niet andere beschermers dan U te nemen maar U Heeft hen en hun vaderen doen genieten totdat zij de aanmaning vergaten en een verloren volk werden | Forqaan 25 |
| 50 Maar als zij u niet antwoorden weet dan dat zij slechts hun eigen begeerten volgen En wie dwaalt meer dan hij die zijn eigen neigingen volgt zonder de leiding van Allah Voorwaar Allah leidt de onrechtvaardige mensen niet | Qasas 28 |
| 25 En als u hun vraagt Wie schiep de hemelen en de aarde zullen zij gewis antwoorden Allah Zeg Alle roem behoort aan Allah Maar de meesten hunner weten het niet | Loqmaan 31 |
| 23 Geen voorspraak geldt bij Hem behalve voor degenen aan wie Hij het toestaat tot zij wanneer de vrees van hun hart wordt weggenomen zeggen Wat zei uw Heer Zij zullen antwoorden De Waarheid En Hij is de Hoogverhevene de Grote | Saba 34 |
| 41 Zij zullen antwoorden Glorie zij U U bent onze Vriend niet zij Nee zij aanbaden de djinn in hen geloofden de meesten hunner | Saba 34 |
| 14 Als u hen aanroept zullen zij uw roep niet horen en indien zij uw roep horen zullen zij u niet kunnen antwoorden En op de Dag der Opstanding zullen zij uw afgoderij verwerpen Niemand kan u omtrent de waarheid inlichten zoals de Alkennende | Faatir 35 |
| 37 En zij zullen er in schreeuwen zeggende Onze Heer haal ons er uit wij zullen goede werken doen anders dan wij vroeger deden Men zal hun antwoorden Gaven Wij u niet een leven lang genoeg dat wie wilde nadenken daarin kon nadenken bovendien kwam een waarschuwer tot u Ondergaat daarom de straf want voor de boosdoeners is er geen helper | Faatir 35 |
| 29 Zij zullen antwoorden Nee u was zelf geen gelovigen | Saaffaat 37 |
| 60 Zij zullen antwoorden Wee u bent het voor wie geen welkom is U heeft dit voor ons bereid En het is een slechte plaats | Saad 38 |
| 38 Indien u hun vraagt Wie heeft de hemelen en de aarde geschapen zullen zij voorzeker antwoorden Allah Zeg Vertelt mij dan wat u naast Allah aanroept kunnen zij indien Allah mij zou willen benadelen Zijn schade verwijderen Of als Hij mij barmhartigheid wil tonen kunnen zij Zijn barmhartigheid dan tegenhouden Zeg Allah is mij voldoende In Hem zullen de vertrouwenden hun vertrouwen stellen | Zomar 39 |
| 59 God zal antwoorden Nee Mijn tekenen kwamen tot u maar u verloochende deze u was hoogmoedig en behoorde tot de ongelovigen'' | Zomar 39 |
| 71 En de ongelovigen zullen naar de hel worden gedreven wanneer zij deze bereiken zullen de poorten worden geopend en haar wachters zullen tot hen zeggen Kwamen er geen boodschappers van uit uw midden tot u de tekenen van uw Heer verkondigende en u waarschuwende voor de komst van deze Dag Zij zullen antwoorden Ja zeker Maar nu is de uitspraak van de straf tegen de ongelovigen van kracht geworden | Zomar 39 |
| 50 Zij zullen antwoorden Kwamen uw boodschappers niet tot u met duidelijke bewijzen Zij zullen zeggen Ja zeker De bewaarders zullen antwoorden Bidt dan Maar het bidden der ongelovigen is nutteloos | Momin 40 |
| 50 Zij zullen antwoorden Kwamen uw boodschappers niet tot u met duidelijke bewijzen Zij zullen zeggen Ja zeker De bewaarders zullen antwoorden Bidt dan Maar het bidden der ongelovigen is nutteloos | Momin 40 |
| 21 En zij zullen tot hun huiden zeggen Waarom getuigt u tegen ons Deze zullen antwoorden Allah Die alles heeft doen spreken - deed ook ons spreken En Hij is het Die u de eerste keer schiep en u bent tot Hem teruggebracht | Fussilat 41 |
| 47 Naar Hem alleen wordt de kennis van het Uur verwezen En geen vruchten komen voort uit hun bloemscheden noch wordt een enkele vrouw zwanger noch wordt zij verlost dan met Zijn kennis En de Dag waarop Hij tot hen zal roepen Waar zijn Mijn medegoden zullen zij antwoorden Wij verklaren U dat niemand van ons getuige is | Fussilat 41 |
| 77 En zij zullen schreeuwen O Malik laat uw Heer een einde aan ons maken Deze zal antwoorden U moet blijven | Zochrof 43 |
| 5 Wie is verder afgedwaald dan hij die buiten Allah afgoden aanroept die tot de Dag der Opstanding hem nooit zullen kunnen antwoorden en die niet weten dat men hen aanroept | Ahqaaf 46 |
| 34 En de Dag waarop de ongelovigen aan het Vuur zullen worden blootgesteld zal er worden gezegd Is dit niet de waarheid Zij zullen antwoorden Ja zeker bij onze Heer Hij zal zeggen Ondergaat dan de straf omdat u ons woord verwierpt | Ahqaaf 46 |
| 28 God zal antwoorden Redetwist niet in Mijn tegenwoordigheid terwijl Ik u de waarschuwing vooraf heb gezonden | Qaaf 50 |
| 30 Op die Dag zullen Wij tot de hel zeggen Bent u gevuld En zij zal antwoorden Is er nog iets | Qaaf 50 |
| 14 De huichelaars zullen tot de gelovigen roepen Waren wij niet met u Zij zullen antwoorden Ja maar u heeft uzelf in verzoeking laten brengen en gewacht en getwijfeld en uw begeerte bedroog u totdat de verordening van Allah kwam En de bedrieger bedroog u ten opzichte van Allah | Hadied 57 |
| 43 Zij zullen antwoorden Wij behoorden niet tot hen die plachten te bidden | Moddassir 74 |