Volgende Vorige

 
 GEËERDE............................................................................2
26 En zij zeggen De Barmhartige heeft Zich een zoon genomen Heilig is Hij Nee zij zijn slechts geëerde dienaren Anmbijaa 21
24 Heeft het verhaal van Abrahams geëerde gasten u bereikt Zaarijaat 51
 
 GEËERDEN...........................................................................1
27 Hoe mijn Heer mij vergiffenis heeft geschonken en mij tot een der geëerden heeft gemaakt Jaa Sien 36
 
 GEËINDIGD..........................................................................1
10 En als het gebed geëindigd is verspreidt u dan over het land en zoekt naar Allah's genade en gedenkt Allah vaak opdat u moogt slagen Djoemah 62
 
 GEËRFD.............................................................................1
12 En u zult de helft hebben van hetgeen uw vrouwen nalaten indien zij geen kind hebben maar indien zij een kind hebben is er voor u een vierde van hetgeen zij nalaten na de betaling van enig legaat dat zij hebben nagelaten of van schuld En zij zullen een vierde hebben van hetgeen u nalaat als u geen kind heeft maar als u een kind heeft zo is er voor hen een achtste deel van hetgeen u nalaat na de betaling van enig legaat of van onverrekende schuld En indien er een man of een vrouw is van wie wordt geërfd en deze is ouderloos en kinderloos en heeft een broeder of een zuster dan is er voor elk hunner een zesde deel Maar als er meer dan dezen zijn dan zijn zij deelgenoten in een derde na de betaling van enig legaat dat is nagelaten of van schuld zonder benadeling Dit is gebod van Allah en Allah is Alwetend Verdraagzaam Nisa 4
 
 GHAASJIJAH.........................................................................1
88 Het Overweldigende Evenement Al Ghaasjijah Ghaasjijahh 88
 
 GHAYB..............................................................................1
3Dit zijn Degenen die in de Ghayb geloven en het gebed onderhouden en die uitgeven van hetgeen Wij Allah hun hebben voorzien Baqarah 2
 
 GIDS...............................................................................1
186 En wie Allah laat dwalen voor hem kan er geen gids zijn Hij laat dezulken in hun koppigheid blindelings zwerven Aaraaf 7
 
 GIERIG.............................................................................5
180 En laat degenen die gierig zijn ten opzichte van wat Allah hun van Zijn overvloed heeft gegeven niet denken dat het goed voor hen is nee het is slecht voor hen Hetgene waarmee zij gierig zijn zal op de Dag der Opstanding als een halsband om hun nek worden gelegd En aan Allah behoort het erfdeel der hemelen en der aarde en Allah is goed op de hoogte van hetgeen u doet Imraan 3
180 En laat degenen die gierig zijn ten opzichte van wat Allah hun van Zijn overvloed heeft gegeven niet denken dat het goed voor hen is nee het is slecht voor hen Hetgene waarmee zij gierig zijn zal op de Dag der Opstanding als een halsband om hun nek worden gelegd En aan Allah behoort het erfdeel der hemelen en der aarde en Allah is goed op de hoogte van hetgeen u doet Imraan 3
37 Evenmin die gierig zijn en de mensen aansporen ook gierig te zijn en die hetgeen Allah hun van Zijn overvloed heeft gegeven verbergen Wij hebben voor de ongelovigen een vernederende straf bereid Nisa 4
37 Evenmin die gierig zijn en de mensen aansporen ook gierig te zijn en die hetgeen Allah hun van Zijn overvloed heeft gegeven verbergen Wij hebben voor de ongelovigen een vernederende straf bereid Nisa 4
18 En rijkdommen verzamelt en deze gierig terughoudt Ma-aaridj 70
 
 GIERIGHEID.........................................................................1
128 Als een vrouw mishandeling of onverschilligheid van haar man vreest zal het geen blaam voor hen zijn als zij een verzoening met elkander tot stand brengen - verzoening is het beste De mensen zijn tot gierigheid geneigd En als u goed doet en rechtvaardig bent waarlijk dan is Allah op de hoogts van wat u doet Nisa 4
 
 GIET...............................................................................2
50 En de bewoners van het Vuur zullen tot de bewoners van het paradijs roepen Giet wat water over ons uit of iets waarmnee Allah u heeft voorzien Zij zullen antwoorden Allah heeft voorzeker dit voor de ongelovigen verboden Aaraaf 7
48 Giet daarna als marteling kokend water op zijn hoofd Dochaan 44
 
 GIETE..............................................................................1
96 Brengt mij blokken ijzer Zij deden dit totdat hij de ruimte tussen de beide rotsen had opgevuld toen zei hij Blaast totdat het ijzer wit gloeiend werd nu zei hij Brengt mij gesmolten koper opdat ik het er overheen giete Kahf 18
 
 GINDS..............................................................................1
58 En hoeveel steden hebben Wij niet vernietigd die trots waren op hun middelen van bestaan En ginds waren hun woonplaatsen die tot op enkele na niet meer bewoond zijn geworden En Wij zijn het Die de erfgenamen werden Qasas 28
 
 GING...............................................................................15
37 Daarom nam haar Heer haar Maria met welbehagen aan en deed haar goed opgroeien en vertrouwde haar aan Zacharia toe Telkens wanneer Zacharia bij haar in de kamer ging vond hij voedsel bij haar Hij zei O Maria waar heeft u dit vandaan Zij antwoordde Het komt van Allah Voorzeker Allah geeft volop aan wie Hij wil Imraan 3
15 Zij vroegen om een oordeel en dientengevolge ging elke hoogmoedige vijand te gronde Ibrahiem 14
5 Toen dan ook de tijd voor de eerste van de twee bedreigingen kwam zonden Wij Onze dienaren toegerust met grote macht tegen u uit die de huizen binnendrongen dit was een belofte die in vervulling ging Israa 17
35 En hij ging zijn tuin binnen terwijl hij onrechtvaardig was tegenover zichzelf Hij zei Ik denk niet dat dit ooit zal vergaan Kahf 18
89 Vervolgens ging hij een andere weg Kahf 18
92 Vervolgens ging hij weer een andere weg Kahf 18
15 En hij ging de stad binnen op een tijdstip waarop de bewoners achteloos waren en hij vond er twee vechtende mannen de ene van zijn eigen volk en de andere van zijn vijanden En hij die van zijn volk was zocht hulp tegen hem die tot zijn vijanden behoorde Daarom stompte Mozes hem zodat deze stierf Hij zei Dit is Satan's werk en deze is inderdaad een vijand en openbare verleider Qasas 28
21 Daarop ging hij heen vrezende en op zijn hoede Hij bad Mijn Heer verlos mij van het kwaadaardige volk Qasas 28
24 Daarop drenkte hij voor haar Daarna ging hij opzij in de schaduw en zei Mijn Heer ik heb behoefte aan wat U mij voor goeds moogt nederzenden Qasas 28
29 Toen Mozes de termijn had voltooid en met zijn familie op reis ging bemerkte hij een vuur in de richting van de berg Sinaï Hij zei tot zijn familie Wacht hier ik zie een vuur misschien kan ik u nieuws of wat vuur daarvan brengen opdat u moogt verwarmen Qasas 28
91 En hij ging heimelijk tot hun goden en zei Waarom eet u niet Saaffaat 37
14 En de Bosbewoners en het volk van Tobba elk hunner verloochende de boodschapper Daarom ging de bedreiging in vervulling Qaaf 50
26 Maar hij ging rustig naar zijn gezin en bracht een toebereid vet kalf Zaarijaat 51
17 Wendde zijn oog zich niet af noch ging het de grens te buiten Nadjm 53
33 Dan ging hij trots naar zijn familie terug Qijaamah 75
 
 GINGEN.............................................................................16
214 Denkt u dat u de Hemel zult binnengaan terwijl de toestand dergenen die vòòr u gingen nog niet over u is gekomen Armoede en tegenslagen kwamen over hen en zij werden hevig geschokt totdat de boodschapper en de gelovigen met hem zeiden Wanneer komt Allah's hulp Ja voorzeker de hulp van Allah is nabij Baqarah 2
92 Noch op degenen die tot u kwamen en verzochten dat u hun een rijdier zult verschaffen en u antwoordde Ik kan niets vinden waarop ik u kan doen rijden Zij gingen met hun ogen vol tranen terug uit spijt dat zij niets konden vinden om hiertoe zelf bij te dragen Taubah 9
36 En er gingen met hem twee jonge mannen de gevangenis binnen Een hunner zei Ik zag mij wijn persen En de andere zei Ik zag mij in een droom brood op mijn hoofd dragen waarvan de vogelen aten Geef ons de verklaring er van voorzeker wij zien dat u tot de goeden behoort Jozef 12
58 En Jozefs broeders kwamen en gingen bij hem binnen en hij herkende hen maar zij herkenden hem niet Jozef 12
68 Maar toen zij de stad binnen gingen zoals hun vader hen had bevolen kon hen dit tegen Allah toch niets baten het was slechts dat Jacob zijn zin gedaan kreeg want hij had voorzeker grote kennis omdat Wij hem hadden onderwezen maar de meeste mensen weten het niet Jozef 12
7 Zeggende Indien u goed doet doet u goed voor uzelf en indien u kwaad doet is het tegen uzelf En toen de tijd was gekomen voor de tweede bedreiging zonden Wij andere volkeren om u met schande te treffen zodat zij de Moskee zouden binnendringen zoals zij er de eerste keer binnen gingen om alles wat zij veroverd hadden te verwoesten Israa 17
62 En toen zij verder gingen zei hij tot zijn dienaar Breng ons het ochtendmaal Waarlijk vermoeidheid heeft ons bevangen vanwege onze reis Kahf 18
80 O kinderen van Israël Wij bevrijdden u van uw vijand en Wij gingen met u een verbond aan aan de rechter zijde van de Berg Sinaï en zonden manna en kwartels op u neder Taa Haa 20
90 En zij wendden zich van hem af en gingen weg Saaffaat 37
85 Maar nadat zij Onze straf hadden gezien kon hun geloof hun niet meer baten Dit is Allah's wet die haar loop neemt ten opzichte van Zijn dienaren en zo gingen de ongelovigen verloren Momin 40
29 En toen Wij een aantal van de djinn naar u deden komen die de Koran wensten te horen en toen zij bij u kwamen zeiden zij Weest stil en toen het de prediking beëindigd was gingen zij naar hun volk terug en waarschuwden dit Ahqaaf 46
5 Degenen die tegen Allah en Zijn boodschapper ingaan zullen zeker vernederd worden zoals degenen die hen vooraf gingen vernederd werden want Wij hebben reeds duidelijke tekenen nedergezonden En de ongelovigen zullen een onterende straf ontvangen Modjaadalah 58
6 Deze gingen onder omdat hun boodschappers met duidelijke bewijzen tot hen kwamen maar zij zeiden Zullen stervelingen ons leiden Daarom verwierpen zij de Waarheid en wendden zich af Allah toonde Zijn zelfgenoegzaamheid want Allah is Zichzelf-genoeg Geprezen Taghaabon 64
23 En zij gingen fluisterend met elkander op weg Qalam 68
25 En zij gingen vroeg in de morgen uit denkende dat zij de macht hadden om het te verhinderen Qalam 68
30 Toen gingen zij elkaar beschuldigen Qalam 68
 
 GISSEN.............................................................................2
116 En als u het merendeel dergenen die op aarde zijn volgt zullen zij u van Allah's weg doen afdwalen Zij volgen slechts vermoedens en zij doen niets dan gissen Anaam 6
66 Ziet voorzeker van Allah is al hetgeen in de hemelen en op aarde bestaat Wat volgen zij die buiten Allah afgoden aanroepen Zij volgen slechts een vermoeden en doen niets dan gissen Jonas 10
 
 GISSENDE...........................................................................1
22 Sommigen zullen zeggen Er waren er drie en de vierde was hun hond En sommigen zullen zeggen Er waren er vijf en de zesde was hun hond gissende in het wilde weg en sommigen zullen zeggen Er waren er zeven de achtste was hun hond Zeg Mijn Heer kent hun getal het beste Niemand kent hen enkelen uitgezonderd Redetwist dus niet over hen er diep op ingaande en vraag evenmin van één hunner inlichtingen over hen Kahf 18
 
 GISSINGEN..........................................................................1
53 Terwijl zij voorheen hebben verworpen En zij uiten gissingen omtrent het onzichtbare van een verre plaats Saba 34
 
 GISTEREN...........................................................................1
19 En toen hij hem wilde grijpen die een vijand van beiden was zei deze O Mozes wilt u mij ook doden zoals u gisteren een man gedood had U wenst slechts een geweldenaar te worden in het land en wilt geen vredestichter zijn Qasas 28
 
 GLADDE.............................................................................1
264 O u die gelooft maakt uw aalmoezen niet waardeloos door verwijt of krenking zoals hij die zijn rijkdommen weggeeft om op te vallen bij de mensen en hij gelooft niet in Allah en de laatste dag Hij is als een gladde rots die met aarde is bedekt waarop een stortregen valt welke haar kaal achterlaat Zij hebben geen macht over wat zij verdienen En Allah leidt het ongelovige volk niet Baqarah 2
 
 GLANS..............................................................................2
43 Heeft u niet gezien dat Allah de wolken voortdrijft ze dan verzamelt en daarna ophoopt zodat u regen uit hun midden ziet voortkomen En Hij zendt van de hemel neder wolken als bergen waarin zich hagel bevindt en Hij treft daarmee wie Hij wil en wendt het af van wie Hij wil De glans van de bliksem neemt het gezicht bijna weg An Noer 24
24 U zult in hun gezicht de glans der gelukzaligheid herkennen Motaffifeen 83
 
 GLANST.............................................................................1
4 Zeide hij Mijn Heer het gebeente in mij is zwak geworden en mijn hoofd glanst met grijze haren niettemin ben ik niet wanhopig mijn Heer bij mijn aanroep tot U Marjam 19
 
 GLANZEN............................................................................1
77 En toen hij de maan zag glanzen zei hij Dit is mijn Heer Maar toen zij onderging zei hij Had mijn Heer mij niet geleid dan zou ik zeker tot het dwalende volk behoren Anaam 6
 
 GLANZENDE..........................................................................1
61 Gezegend is Hij Die de sterren de stralende zon en de glanzende maan aan de hemel heeft geplaatst Forqaan 25
 
 GLAS...............................................................................3
35 Allah is het Licht van de hemelen en de aarde De gelijkenis van Zijn Licht is als een nis waarin een lamp staat De lamp is door een glas omsloten het glas is als een schitterende ster Het wordt aangestoken met olie van een gezegende boom een olijfboom die van het Oosten noch van het Westen is welks olie bijna zou lichten zelfs al raakte vuur haar niet Licht op Licht Allah leidt tot Zijn Licht wie Hij wil - Allah geeft gelijkenissen voor de mensen Allah heeft kennis van alle dingen An Noer 24
35 Allah is het Licht van de hemelen en de aarde De gelijkenis van Zijn Licht is als een nis waarin een lamp staat De lamp is door een glas omsloten het glas is als een schitterende ster Het wordt aangestoken met olie van een gezegende boom een olijfboom die van het Oosten noch van het Westen is welks olie bijna zou lichten zelfs al raakte vuur haar niet Licht op Licht Allah leidt tot Zijn Licht wie Hij wil - Allah geeft gelijkenissen voor de mensen Allah heeft kennis van alle dingen An Noer 24
44 Er werd tot haar gezegd Ga het paleis binnen En toen zij het zag dacht zij dat het een massa water was en zij raakte in verwarring Hij zei Het is een paleis dat geplaveid is met glas Zij zei Mijn Heer ik heb mijn ziel inderdaad onrecht aangedaan en ik onderwerp mij met Salomo aan Allah de Heer der Werelden Naml 27

Volgende Terug naar het Begin