Volgende Vorige

 
 MOSKEEËN...........................................................................4
187 Het is u veroorloofd om op de nacht van het vasten tot uw vrouwen in te gaan Zij zijn een gewaad voor u en u bent haar een gewaad Allah weet dat u onrechtvaardig heef gehandeld tegenover uzelf en heeft Zich met barmhartigheid tot u gewend en u verlichting geschonken Daarom moogt u nu tot haar ingaan en betrachten hetgeen Allah u heeft verordend en eet en drinkt totdat bij de dageraad de witte draad zich onderscheidt van de zwarte draad Voltooit dan het vasten tot het vallen van de avond En verbreng uw tijd niet met uw vrouwen wanneer u in de Moskeeën de I'tikaf vericht Dit zijn de beperkingen van Allah - dus nadert deze niet Zo zet Allah zijn geboden uiteen voor de mensen opdat zij vroom zullen zijn Baqarah 2
17 De afgodendienaren kunnen de Moskeeën van Allah niet onderhouden terwijl zij van ongeloof tegen zichzelf getuigen Zij zijn het wier werken ijdel zullen zijn en zij zullen in het Vuur vertoeven Taubah 9
18 Alleen hij kan de Moskeeën onderhouden die in Allah en de laatste Dag gelooft en het gebed houdt en de Zakaat betaalt en niemand vreest behalve Allah Dezen zijn het die tot de geleiden behoren Taubah 9
40 Degenen die ten onrechte uit hun huizen werden verdreven alleen omdat zij zeiden Onze Heer is Allah - En indien Allah sommige mensen niet met behulp van anderen tegenhield zouden ongetwijfeld kloosters kerken synagogen en moskeeën waarin dikwijls de naam van Allah wordt herdacht afgebroken zijn Allah zal ongetwijfeld degene ondersteunen die Hem helpt - Allah is inderdaad Sterk Almachtig Hadj 22
 
 MOSLIM.............................................................................4
67 Abraham was noch een Jood noch een Christen maar hij was een oprecht Moslim En hij behoorde niet tot de afgodendienaren Imraan 3
102 O u die gelooft vreest Allah zoals het behoort en sterft niet tenzij u Moslim bent Imraan 3
101 O mijn Heer U hebt mij macht gegeven en de verklaring van dromen onderwezen O Schepper der hemelen en der aarde U bent mijn Beschermer in deze wereld en in het Hiernamaals Doe mij sterven als Moslim en verenig mij met de rechtvaardigen Jozef 12
5 Indien hij van u scheidt is het mogelijk dat zijn Heer hem betere vrouwen dan u zal geven die Moslim zijn en onderdanig gelovig gehoorzaam berouwvol vroom gewend te vasten weduwen of maagden Tahriem 66
 
 MOSLIMA'S..........................................................................1
35 Voorwaar de Moslims en de Moslima's en de gelovige mannen en vrouwen de gehoorzame mannen en vrouwen de waarachtige mannen en vrouwen de standvastige mannen en vrouwen de mannen en de vrouwen die nederig zijn de mannen en de vrouwen die aalmoezen geven de mannen en de vrouwen die vasten de mannen en de vrouwen die hun kuisheid bewaren de mannen en de vrouwen die Allah vaak gedenken - voor zulken heeft Allah vergiffenis en een grote beloning bereid Ahzaab 33
 
 MOSLIMS............................................................................22
132 En hetzelfde legde Abraham aan zijn zonen op en Jacob deed desgelijks zeggende O mijn zonen Allah heeft waarlijk dit geloof voor u verkozen sterft daarom niet tenzij u Moslims bent Baqarah 2
52 Toen Jezus hun der Israëlieten ongeloof bemerkte zei hij Wie zullen mijn helpers zijn terwille van Allah De discipelen antwoordden Wij zijn de helpers van Allah Wij geloven in Allah En getuigt u dat wij Moslims zijn Imraan 3
64 Zeg O mensen van het Boek komt tot één woord waarin wij met elkander overeenstemmen dat wij niemand dan Allah aanbidden en dat wij niets met Hem vereenzelvigen en dat sommigen onzer geen anderen tot goden nemen buiten Allah Maar als zij zich afwenden zegt dan Getuigt dat wij Moslims zijn Imraan 3
72 En een gedeelte der mensen van het Boek zegt Gelooft in hetgeen de gelovigen Moslims is geopenbaard in de vroege ochtendstond en verwerpt het aan het einde van de dag misschien keren zij wel terug Imraan 3
80 Noch zal hij u gebieden de engelen en de profeten als goden te aanvaarden Zou hij u ongeloof bevelen nadat u Moslims werd Imraan 3
110 U Moslims bent het beste volk dat voor de mensheid ter lering is verwekt u gebiedt wat goed is verbiedt wat kwaad is en gelooft in Allah En indien de mensen van het Boek hadden geloofd zou het zeker beter voor hen zijn geweest Sommigen hunner zijn gelovigen maar de meesten hunner zijn overtreders Imraan 3
140 Als u Moslims letsel krijgt in de strijd dat volk de tegenstander is reeds een dergelijk letsel overkomen Zulke dagen laten Wij onder de mensen wisselen opdat Allah degenen die geloven onderscheide en uit uw midden getuigen martelaren neme en Allah heeft de onrechtvaardigen niet lief Imraan 3
163 Hij heeft geen gelijken Zo is mij bevolen en ik ben de eerste der Moslims Anaam 6
49 Toen de huichelaars en degenen in wier hart een ziekte is zeiden Hun Moslims geloof heeft dezen bedrogen Maar wie zijn vertrouwen in Allah legt voorzeker Allah is Almachtig Alwijs Anfaal 8
72 Maar als u terugtrekt vraag ik van u geen beloning Mijn beloning is bij Allah alleen en het is mij bevolen tot de Moslims te behoren Jonas 10
84 En Mozes zei O mijn volk indien u in Allah heeft geloofd stelt dan uw vertrouwen in Hem als u Moslims bent Jonas 10
90 En Wij brachten de kinderen Israëls over de zee Pharao en zijn scharen vervolgden hen op een onrechtvaardige en aanvallende wijze totdat hij toen hij bijna verdronk zei Ik geloof dat er geen God is dan Hij in Wie de kinderen Israëls geloven en ik behoor tot de Moslims Jonas 10
2 De ongelovigen zullen dikwijls wensen dat zij Moslims waren Hidjr 15
78 En strijdt voor de zaak van Allah zoals er voor behoort te worden gestreden Hij heeft u verkozen en heeft u in de godsdienst geen lasten opgelegd - dit is het geloof van uw vader Abraham Hij heeft u Moslims genoemd voorheen en in dit Boek opdat Onze boodschapper getuige over u zij en dat u getuige moogt zijn over de mensheid Onderhoudt het gebed betaalt de Zakaat en houdt u aan Allah vast Hij is uw Beschermer Een uitmuntend Meester en een uitnemend Helper Hadj 22
91 Zeg Het is mij geboden alleen de Heer dezer stad die Hij heilig heeft verklaard te aanbidden en aan Hem behoren alle dingen en het is mij geboden tot de Moslims te behoren Naml 27
35 Voorwaar de Moslims en de Moslima's en de gelovige mannen en vrouwen de gehoorzame mannen en vrouwen de waarachtige mannen en vrouwen de standvastige mannen en vrouwen de mannen en de vrouwen die nederig zijn de mannen en de vrouwen die aalmoezen geven de mannen en de vrouwen die vasten de mannen en de vrouwen die hun kuisheid bewaren de mannen en de vrouwen die Allah vaak gedenken - voor zulken heeft Allah vergiffenis en een grote beloning bereid Ahzaab 33
12 En mij is bevolen de eerste der Moslims te zijn Zomar 39
33 En wie spreekt beter woord dan hij die mensen tot Allah uitnodigt en goede werken doet en zegt Waarlijk ik behoor tot de Moslims Fussilat 41
15 En Wij hebben de mens vriendelijkheid jegens zijn ouders geboden Zijn moeder draagt hem met ongemak en baart hem met smart En zijn dragen en spenen nemen dertig maanden in beslag totdat wanneer hij zijn volle kracht bereikt heeft en veertig jaren wordt hij zegt Mijn Heer stel mij in staat dat ik dankbaar moge zijn voor de gunsten die U mij en mijn ouders heeft bewezen en dat ik het goede moge doen dat U behaagt En laat mijn nakomelingen rechtvaardig zijn Ik wend mij tot U en waarlijk ik behoor tot de Moslims Ahqaaf 46
36 Maar Wij vonden er slechts één huis der Moslims Zaarijaat 51
13 Voorzeker zij hebben meer angst in hun hart voor u Moslims dan voor Allah Dat is omdat zij een volk zijn dat niet begrijpt Hasjr 59
14 En er zijn onder ons Moslims en er zijn onder ons die van de rechte weg zijn afgeweken En zij die zich onderwerpen - hebben de rechte weg gezocht Djinn 72
 
 MOSTERDZAADJE......................................................................2
47 En Wij zullen weegschalen der gerechtigheid instellen op de Dag der Opstanding zodat geen enkele ziel in enig opzicht onrecht zal worden aangedaan En al was het slechts het gewicht van een mosterdzaadje Wij zullen het naar voren brengen en Wij zijn voldoende als Rekenaar Anmbijaa 21
16 O mijn lieve zoon Al zou het het gewicht van een mosterdzaadje zijn en al zou het zich in een rots bevinden of in de hemelen of op aarde Allah zal het zeker openbaar maken Voorwaar Allah is Aldoordringend Alkennend Loqmaan 31
 
 MOTAFFIFEEN........................................................................1
83 Daden in fraude Al Motaffifeen Motaffifeen 83
 
 MOTTEN.............................................................................1
4 Een Dag waarop de mensen als motten verstrooid zullen zijn Qaariah 101
 
 MOZES..............................................................................163
51 En toen Wij met Mozes een tijd afspraken van veertig nachten toen naamt u in zijn afwezigheid het kalf om het te aanbidden en u werdt overtreders Baqarah 2
53 En toen gaven Wij Mozes het Boek en het oordeel des onderscheids opdat u recht geleid zult worden Baqarah 2
54 En toen Mozes tot zijn volk zei O mijn volk u heeft uzelf onrecht aangedaan door het kalf te aanvaarden derhalve keert terug tot Uw Schepper en doodt uw eigen ik dat is het beste voor u in het oog van uw Schepper Daarna wendde Hij zich genadig tot u Voorzeker Hij is Berouwaanvaardend Genadevol Baqarah 2
55 En toen u zei O Mozes wij zullen u geenszins geloven totdat wij Allah van aangezicht tot aangezicht zien toen trof u een donderslag terwijl u toezaagt Baqarah 2
60 En toen Mozes om water voor zijn volk bad zeiden Wij Sla op de rots met uw staf en er ontsprongen twaalf bronnen aan waardoor elke stam zijn drinkplaats kende Eet en drinkt van wat Allah heeft voortgebracht en wandelt niet op aarde onheil stichtende Baqarah 2
61 En toen u zei O Mozes wij verdragen niet langer één soort voedsel bid daarom voor ons tot uw Heer dat Hij van hetgeen op aarde groeit - groenten en komkommers en tarwe en linzen en uien - voor ons voortbrenge zei Hij Zoudt u hetgeen minderwaardig is in ruil willen nemen voor hetgeen beter is Gaat naar een stad daar zult u vinden waarom u vraagt En zij kwamen in vernedering en armoede en brachten Allah's toorn over zich dit kwam omdat zij de tekenen van Allah verwierpen en de profeten onrechtvaardig doodden want zij waren ongehoorzaam en telkens weer in overtreding Baqarah 2
67 En toen Mozes tot zijn volk zei Waarlijk Allah gebiedt u een koe te slachten zeiden zij Drijft u de spot met ons Hij zei Ik zoek toevlucht bij Allah om niet tot de onwetenden te behoren Baqarah 2
87 Voorwaar Wij gaven Mozes het Boek en deden boodschappers de een na de ander zijn voetsporen volgen En Wij gaven aan Jezus zoon van Maria duidelijke tekenen en versterkten hem met de geest der heiligheid Telkens als een boodschapper tot u kwam met hetgeen uw ziel niet behaagde heeft u laatdunkend gedragen sommigen hunner heeft u verloochend en anderen gedood Baqarah 2
92 En Mozes kwam voorzeker tot u met duidelijke tekenen maar u heeft in zijn afwezigheid het gouden kalf genomen om het te aanbidden en u was onrechtvaardig Baqarah 2
108 Zoudt u de boodschapper die tot u werd gezonden willen ondervragen zoals - Mozes voorheen werd ondervraagd Maar wie ongeloof in ruil neemt voor geloof is voorzeker van het rechte pad afgedwaald Baqarah 2
136 Zegt Wij geloven in Allah en in hetgeen ons is geopenbaard en in hetgeen tot Abraham Ismaël Izaäk Jacob en de stammen werd nedergezonden en in hetgeen aan Mozes en Jezus werd gegeven en in hetgeen aan alle andere profeten werd gegeven door hun Heer Wij maken geen onderscheid tussen hen en aan Hem onderwerpen wij ons Baqarah 2
246 Weet u niet van de leiders der kinderen Israëls na Mozes toen zij tot één hunner profeten zeiden Stel ons een koning aan opdat wij ter wille van Allah kunnen strijden Hij zei Is het niet waarschijnlijk dat u niet zult willen vechten wanneer het u wordt voorgeschreven Zij zeiden Welke reden hebben wij om ons van het vechten voor Allah's zaak te willen onthouden wanneer wij van onze huizen en onze kinderen zijn verdreven Maar toen het vechten hun werd bevolen wendden zij zich af met uitzondering van een klein aantal hunner Allah kent de overtreders goed Baqarah 2
248 En hun profeet zei tot hen Het teken van zijn heerschappij is dat u een hart zal worden gegeven waarin de kalmte van uw Heer zal zijn het beste van de nalatenschap der volgelingen van Mozes en der volgelingen van Aäron een hart door de engelen gebracht Voorzeker hierin is voor u een teken als u gelovigen bent Baqarah 2
84 Zeg Wij geloven in Allah en in hetgeen ons werd geopenbaard en hetgeen werd geopenbaard aan Abraham Ismaël Izaäk Jacob en de stammen en hetgeen aan Mozes en Jezus en de profeten door hun Heer werd gegeven Wij maken geen onderscheid tussen wie dan ook van hen Aan Hem alleen onderwerpen wij ons Imraan 3
153 De mensen van het Boek vragen u een Boek uit de hemel op hen te doen nederdalen Zij vroegen Mozes meer dan dit zij zeiden Toon ons Allah openlijk Toen trof hen de bliksem wegens hun overtreding Daarna hoewel duidelijke tekenen tot hen gekomen waren namen zij toch het gouden kalf ter aanbidding aan maar Wij vergaven hun dat En Wij bekleedden Mozes met duidelijk gezag Nisa 4
153 De mensen van het Boek vragen u een Boek uit de hemel op hen te doen nederdalen Zij vroegen Mozes meer dan dit zij zeiden Toon ons Allah openlijk Toen trof hen de bliksem wegens hun overtreding Daarna hoewel duidelijke tekenen tot hen gekomen waren namen zij toch het gouden kalf ter aanbidding aan maar Wij vergaven hun dat En Wij bekleedden Mozes met duidelijk gezag Nisa 4
164 Wij zonden boodschappers welke Wij reeds hebben genoemd en boodschappers welke Wij u niet hebben genoemd en Allah sprak openlijk tot Mozes Nisa 4
20 En toen Mozes tot zijn volk zei O mijn volk herinner u Allah's gunst aan u toen Hij profeten onder u aanstelde en u koningen aanwees en Hij u gaf wat Hij aan niemand onder de volkeren heeft gegeven Maidah 5
22 Zij zeiden O Mozes daarin is een trots en machtig volk en wij zullen er niet binnengaan voordat zij er uit weggaan En indien zij er uit weggaan zullen wij het binnentrekken Maidah 5
24 Zij zeiden O Mozes wij zullen er stellig niet binnengaan zolang zij er in zijn Gaat u en uw Heer en strijdt - wij blijven hier zitten Maidah 5
84 En Wij gaven hem Izaäk en Jacob Wij leidden elk hunner en voordien leidden Wij Noach en van zijn afstammelingen David Salomo Job Jozef Mozes en Aäron Zo belonen Wij de goeden Anaam 6
91 En zij schatten de juiste waarde van Allah niet wanneer zij zeggen Allah heeft aan niemand iets geopenbaard Zeg Wie openbaarde het Boek dat Mozes bracht als licht en leiding voor de mensen - dat u op papieren schrijft en bekend maakt terwijl u toch veel verbergt en waardoor aan u is onderwezen hetgeen u noch uw vaderen wisten - Zeg Allah Laat hen dan met rust om zich met hun ledig spel te vermaken Anaam 6
154 En Wij gaven Mozes het Boek als voltooiing van de gunst aan hem die goed wilde doen en een uitleg van alle dingen en een leidraad en een barmhartigheid opdat zij in de ontmoeting van hun Heer mochten geloven Anaam 6
103 Toen zonden Wij na hen de vorige boodschappers Mozes met Onze tekenen naar Pharao en zijn leiders maar zij geloofden er niet in Ziet hoe het einde was van de onruststokers Aaraaf 7
104 En Mozes zei O Pharao ik ben waarlijk een boodschapper van de Heer der Werelden Aaraaf 7
107 Hij Mozes wierp zijn stok neder en ziet het was duidelijk een slang Aaraaf 7
115 Zij zeiden O Mozes zult u of zullen wij het eerst werpen Aaraaf 7
117 En Wij bezielden Mozes en zeiden Werp uw stok neder en ziet deze slokte al hetgeen zij getoverd hadden op Aaraaf 7
122 De Heer van Mozes en Aäron Aaraaf 7
127 En de leiders van het volk van Pharao zeiden Wilt u Mozes en zijn volk in het land wanorde laten scheppen en u en uw goden laten verzaken Hij antwoordde Wij zullen hun zonen doden en hun vrouwen sparen Zeker wij hebben macht over hen Aaraaf 7
128 Mozes zei tot zijn volk Zoekt de hulp van Allah en weest geduldig Voorzeker de aarde behoort aan Allah Hij geeft haar als erfdeel aan wie Zijner dienaren Hij wil en de uiteindelijke overwinning is voor de godvrezenden Aaraaf 7
129 Zij antwoordden Wij werden vervolgd voordat u tot ons kwaamt en nadat u tot ons bent gekomen Hij Mozes zei Waarschijnlijk gaat uw Heer uw vijand vernietigen en u tot stedehouders in het land maken dan zal Hij zien hoe u handelt Aaraaf 7
131 Wanneer er goeds tot hen kwam zeiden zij Dit komt ons toe En als hen kwaad overkwam schreven zij de tegenspoed toe aan Mozes en zijn metgezellen Let op Hun tegenspoed was eveneens van Allah Maar de meesten hunner weten het niet Aaraaf 7
132 En zij zeiden tot Mozes Welk teken u ons ook moogt brengen om er ons mede te betoveren wij zullen stellig niet in u geloven Aaraaf 7
134 En toen de straf op hen viel zeiden zij O Mozes bid voor ons tot uw Heer zoals Hij u heeft beloofd Als u de plaag van ons verwijdert zullen wij u zeker geloven en wij zullen de kinderen Israëls voorzeker met u laten gaan Aaraaf 7
138 En Wij deden de kinderen Israëls door de zee trekken en zij kwamen tot een volk dat aan zijn afgoden was gehecht Zij zeiden O Mozes maak ons een god zoals dit volk goden heeft Hij antwoordde U bent zeker een onwetend volk Aaraaf 7
142 En Wij maakten met Mozes een overeenkomst van dertig nachten en vulden ze met tien nachten aan Aldus werd de periode die door zijn Heer was vastgesteld tot veertig nachten aangevuld En Mozes zeide tot zijn broeder Aäron Wees mijn plaatsvervanger onder mijn volk in mijn afwezigheid en beheer wel en volg de weg der onruststokers niet Aaraaf 7
142 En Wij maakten met Mozes een overeenkomst van dertig nachten en vulden ze met tien nachten aan Aldus werd de periode die door zijn Heer was vastgesteld tot veertig nachten aangevuld En Mozes zeide tot zijn broeder Aäron Wees mijn plaatsvervanger onder mijn volk in mijn afwezigheid en beheer wel en volg de weg der onruststokers niet Aaraaf 7
143 En toen Mozes op Onze vastgestelde tijd kwam en zijn Heer tot hem sprak zei hij Mijn Heer toon U aan mij opdat ik U moge aanschouwen Hij Allah antwoordde U zult Mij stellig niet kunnen aanschouwen maar kijk naar de berg en als deze op zijn plaats blijft dan zult u Mij wel kunnen zien En toen zijn Heer Zich op de berg openbaarde brak deze in stukken en Mozes viel bewusteloos neder En toen hij tot zichzelf kwam zei hij Heilig bent U ik wend mij tot U en ik ben de eerste der gelovigen Aaraaf 7
143 En toen Mozes op Onze vastgestelde tijd kwam en zijn Heer tot hem sprak zei hij Mijn Heer toon U aan mij opdat ik U moge aanschouwen Hij Allah antwoordde U zult Mij stellig niet kunnen aanschouwen maar kijk naar de berg en als deze op zijn plaats blijft dan zult u Mij wel kunnen zien En toen zijn Heer Zich op de berg openbaarde brak deze in stukken en Mozes viel bewusteloos neder En toen hij tot zichzelf kwam zei hij Heilig bent U ik wend mij tot U en ik ben de eerste der gelovigen Aaraaf 7
144 Allah zei O Mozes Ik heb u door Mijn boodschappen en Mijn woord boven de volkeren uitverkoren Houd u daarom vast aan hetgeen Ik u heb gegeven en behoor tot de dankbaren Aaraaf 7
148 En het volk van Mozes maakte van hun sieraden in zijn afwezigheid het lichaam van een kalf - dat een loeiende toon voortbracht Zagen zij niet dat het niet tot hen kon spreken noch hen naar een goede weg leiden Zij namen het als hun god en zij waren overtreders Aaraaf 7
150 En toen Mozes verontwaardigd en bedroefd tot zijn volk terugkeerde zei hij Hetgeen u in mijn afwezigheid deedt was slecht Heeft u gehaast vòòr het gebod van uw Heer En hij legde de tafelen neder en greep zijn broeders haar en sleepte hem naar zich toe Hij Aäron zei Zoon van mijn moeder het volk achtte mij inderdaad zwak en wilde mij doden Laat zich de vijanden daarom niet over mij verblijden en plaats mij niet bij het onrechtvaardige volk Aaraaf 7
151 Hij Mozes zei Mijn Heer vergeef mij en mijn broeder en laat ons tot Uw barmhartigheid toe want U bent de Allergenadigste Aaraaf 7
154 Toen Mozes toorn was gekalmeerd nam hij de tafelen en er was leiding en barmhartigheid in het geschrift voor degenen die hun Heer vrezen Aaraaf 7
155 En Mozes koos voor Onze ontmoeting zeventig mannen van zijn volk Maar toen de aardbeving hen achterhaalde zei hij Mijn Heer als het U had behaagd kon U hen en mij voordien reeds hebben vernietigd Wilt U ons verdelgen voor hetgeen de dommen onder ons hebben gedaan Dit is niets dan een beproeving van U U laat daardoor dwalen wie U wilt en U leidt wie U wilt U bent onze Beschermer vergeef ons daarom en toon ons barmhartigheid en U bent de Beste Vergevensgezinde Aaraaf 7
159 Er is een deel van het volk van Mozes dat tot waarheid aanspoort en daarmede rechtvaardig handelt Aaraaf 7
160 En Wij verdeelden hen in twaalf stammen als afzonderlijke volkeren En Wij openbaarden aan Mozes toen zijn volk om drinken vroeg Sla de rots met uw staf en er ontsprongen twaalf bronnen aan elke stam kende zijn drinkplaats En Wij deden wolken hen overschaduwen en Wij zonden Manna en kwartels voor hen neder Eet van de goede dingen waarmede Wij u hebben voorzien En zij deden Ons geen onrecht aan maar zij schaadden zichzelf Aaraaf 7
75 Dan zonden Wij na hen Mozes en Aäron met Onze tekenen naar Pharao en zijn leiders maar zij handelden aanmatigend En zij waren een misdadig volk Jonas 10
77 Mozes zei Zegt u dit van de waarheid nadat zij tot u is gekomen Is dit tovenarij Maar tovenaars slagen nooit Jonas 10
80 En toen de tovenaars kwamen zei Mozes tot hen Werpt hetgeen u wilde werpen Jonas 10
81 En toen zij wierpen zei Mozes Wat u gebracht heeft is slechts bedrog Voorzeker Allah zal het ijdel maken Voorwaar Allah laat het werk der kwaadstichters niet gedijen Jonas 10
83 En niemand geloofde Mozes dan enige jongelingen van onder zijn volk uit vrees voor Pharao en zijn leiders in geval hij hen zou vervolgen En waarlijk Pharao was een tiran in het land en behoorde tot de buitensporigen Jonas 10
84 En Mozes zei O mijn volk indien u in Allah heeft geloofd stelt dan uw vertrouwen in Hem als u Moslims bent Jonas 10
87 Wij openbaarden aan Mozes en zijn broeder Neemt u beiden huizen voor uw volk in Egypte en bouwt uw huizen tegenover elkaar en houdt het gebed En geeft de gelovigen blijde tijdingen Jonas 10
88 En Mozes zei Onze Heer U heeft Pharao en zijn leiders versieringen en rijkdommen in het tegenwoordige leven geschonken zodat zij Onze Heer van Uw pad afleiden Onze Heer vernietig hun bezittingen en verhard hun hart want zij zullen niet geloven voordat zij de pijnlijke straf zien Jonas 10
17 Is hij dan aan hen gelijk die een duidelijk bewijs van zijn Heer bezit en wie een groot getuige van Hem volgt en die voorafgegaan is door het Boek van Mozes als richtsnoer en tot barmhartigheid Dezen geloven in hem En wie van de volkeren hem verwerpt het Vuur zal zijn bestemming zijn Koester dus geen twijfel daaromtrent Voorzeker dit is de waarheid van uw Heer maar de meeste mensen willen niet geloven Hoed 11
96 Wij zonden Mozes voorzeker met Onze tekenen en duidelijk gezag Hoed 11
110 En Wij gaven Mozes voorzeker het Boek maar men werd er oneens over en ware het niet door een woord dat reeds van uw Heer was uitgegaan de zaak zou voorzeker voor hen zijn beslist en waarlijk zij zijn er in een verontrustende twijfel over Hoed 11
5 En Wij zonden Mozes met Onze tekenen zeggende Breng uw volk uit de duisternis tot het licht en herinner hen aan de dagen van Allah Daarin zijn voorzeker tekenen voor ieder die geduldig en dankbaar is Ibrahiem 14
6 En toen Mozes tot zijn volk zei Gedenk Allah's gunst aan u toen Hij u van Pharao's volk redde dat u met een smartelijke foltering kwelde uw zonen doodde en uw vrouwen spaarde daarin was een grote beproeving van uw Heer Ibrahiem 14
8 En Mozes zei Als u ondankbaar bent u en al degenen die op aarde zijn voorwaar Allah is Zichzelf - genoeg Geprezen Ibrahiem 14
2 Wij gaven Mozes het Boek en maakten het tot een richtsnoer voor de kinderen van Israël zeggende Neemt niemand buiten Mij als Voogd Israa 17
101 En voorwaar wij schonken Mozes negen duidelijke tekenen Vraag dit aan de kinderen van Israël Toen hij tot hen kwam zei Pharao tot hem Ik geloof O Mozes dat u een betoverd mens bent Israa 17
101 En voorwaar wij schonken Mozes negen duidelijke tekenen Vraag dit aan de kinderen van Israël Toen hij tot hen kwam zei Pharao tot hem Ik geloof O Mozes dat u een betoverd mens bent Israa 17
60 En gedenk de tijd toen Mozes zei tot zijn dienaar Ik zal het niet opgeven voordat ik de samenvloeiing van twee zeeën heb bereikt al moet ik eeuwenlang voortgaan Kahf 18
66 Mozes zei tot hem Mag ik u volgen dat u mij onderwijst in de leiding die u is gegeven Kahf 18
71 Aldus vertrokken beiden totdat zij in een boot stapten en hij maakte er een gat in Waarop Mozes uitriep Heeft u er een gat in gemaakt teneinde de opvarenden er van te doen verdrinken Voorwaar u heeft iets gruwelijks bedreven Kahf 18
73 Mozes zei Maak mij geen verwijt omdat ik het vergeten ben en maak het mij niet moeilijk Kahf 18
74 Zij reisden dus verder tot dat zij een knaap ontmoetten en hij deze doodsloeg Mozes zei Heeft u een onschuldige gedood die niemand had vermoord Voorwaar u heeft een afkeurenswaardige daad begaan Kahf 18
76 Mozes zei Indien ik u wederom iets vraag houd mij dan niet in uw gezelschap dan heeft u zeker een verontschuldiging van mijn kant Kahf 18
77 Aldus vervolgden zij hun weg totdat zij bij de inwoners ener stad kwamen aan wie zij om eten vroegen maar dezen weigerden hun gastvrijheid te betonen Nu vonden zij daar een muur die op het punt stond in te storten en hij herstelde deze Mozes zei Indien u wilde hadt u er loon voor kunnen vragen Kahf 18
51 En vermeld Mozes in het Boek Voorwaar hij was een uitverkorene boodschapper en profeet Marjam 19
9 Heeft u de geschiedenis van Mozes gehoord Taa Haa 20
11 En toen hij het vuur naderde werd hij aangeroepen O Mozes Taa Haa 20
17 En wat heeft u in uw rechter hand O Mozes Taa Haa 20
19 Hij zei Werp hem neer o Mozes Taa Haa 20
36 God zei Uw verzoek is ingewilligd o Mozes Taa Haa 20
40 Toen uw zuster voorbijkwam en zei Zal ik u iemand noemen die hem zal verzorgen Aldus schonken Wij u terug aan uw moeder opdat haar oog zou worden verfrist en zij niet zou treuren En u doodde een man maar Wij verlosten u van smart En Wij beproefden u op verschillende manieren En u vertoefde jaren te midden van het volk van Midian Dan bent u o Mozes herwaarts gekomen zoals besloten was Taa Haa 20
49 Pharao zei Wie is uw Heer o Mozes Taa Haa 20
52 De kennis daarvan is bij mijn Heer in een Boek Mijn Heer dwaalt noch vergeet zei Mozes Taa Haa 20
57 Hij zei Bent u tot mij gekomen o Mozes om ons door uw toverkunst uit ons land te verdrijven Taa Haa 20
61 Mozes zei tot hen Wee u verzint geen leugen over Allah anders zal Hij u door een kastijding verdelgen Hij die een leugen verzint slaagt nimmer Taa Haa 20
65 Zij zeiden O Mozes werpt u of zullen wij de eersten zijn om te werpen Taa Haa 20
67 En Mozes sloeg de angst om het hart Taa Haa 20
70 En de tovenaars werden plat ter aarde geworpen zich nederbuigend Zij zeiden Wij geloven in de Heer van Aäron en Mozes Taa Haa 20
77 Wij openbaarden Mozes Voer Mijn dienaren weg in de nacht en baan voor hen een droge weg door de zee U behoeft niet te vrezen dat u zult worden ingehaald noch zult u angstig zijn Taa Haa 20
83 En wat heeft u van uw volk haastig doen weggaan o Mozes Taa Haa 20
86 Mozes keerde daarop verontwaardigd en bedroefd tot zijn volk terug Hij zei O mijn volk heeft uw Heer u dan geen schone belofte gedaan Kwam de vastgestelde tijd u dan te lang voor of verlangdet u dat de toorn van uw Heer op u zou nederdalen dat u uw belofte aan mij heeft gebroken Taa Haa 20
88 Dan maakte deze voor het volk een kalf - een beeld dat een loeiend geluid voortbracht En men zeide Dit is uw God en de God van Mozes maar hij is hem vergeten Taa Haa 20
91 Zij antwoordden Wij zullen in geen geval ophouden het kalf te aanbidden voordat Mozes tot ons is teruggekeerd Taa Haa 20
92 Hij Mozes zei O Aäron wat belette u toen u hen zag dwalen Taa Haa 20
95 Hij Mozes zei En wat heeft u te zeggen o Saamiri Taa Haa 20
97 Mozes zei Ga dan heen gedurende heel uw leven zult u zeggen Raak mij niet aan' en bovendien is er voor u een straf bereid waaraan u niet zult ontkomen Aanschouw thans uw god waarvan u een toegewijd aanbidder bent geworden Wij zullen hem verbranden en daarna in zee strooien Taa Haa 20
48 En Wij schonken Mozes en Aäron het Onderscheid tot een licht en een gedachtenis voor de godvrezenden Anmbijaa 21
44 En de inwoners van Midian eveneens En Mozes werd ook verloochend Maar Ik schonk de ongelovigen uitstel daarna greep Ik hen en hoe groot was toen Mijn afkeer Hadj 22
45 Dan zonden Wij Mozes en zijn broeder Aäron met Onze tekenen en een duidelijk gezag Al Mominoen 23
49 En wij schonken Mozes het Boek opdat zij de kinderen Israëls leiding mochten volge Al Mominoen 23
35 Wij gaven Mozes het Boek der Wet en stelden zijn broeder Aäron tot helper aan Forqaan 25
10 Toen uw Heer tot Mozes riep Ga naar het onrechtvaardige volk Sjoaraa 26
20 Hij Mozes zei Ik deed dit toen ik nog tot de dwalenden behoorde Sjoaraa 26
24 Mozes antwoordde De Heer der hemelen en der aarde en van alles wat er tussen is als u het wilt geloven Sjoaraa 26
26 Mozes zei Uw Heer en de Heer uwer voorvaderen Sjoaraa 26
28 Mozes zei Hij is de Heer van het Oosten en van het Westen en van alles wat daar tussen is indien u wilt begrijpen Sjoaraa 26
30 Mozes antwoordde Ofschoon ik u een duidelijk teken breng Sjoaraa 26
32 Daarop wierp Mozes zijn staf neder en ziet deze werd een zichtbare slang Sjoaraa 26
43 Mozes zei tot hen Werpt neder hetgeen u te werpen heeft Sjoaraa 26
45 Daarna wierp Mozes zijn staf neder en ziet deze slokte alles wat zij hadden gemaakt op Sjoaraa 26
48 De Heer van Mozes en Aäron Sjoaraa 26
52 En Wij openbaarden aan Mozes zeggende Neemt Mijn dienaren mede in de nacht want u zult worden achtervolgd Sjoaraa 26
61 En toen de twee scharen elkander zagen zeiden de metgezellen van Mozes Wij worden zeker ingehaald Sjoaraa 26
63 Toen openbaarden Wij aan Mozes Tref de zee met uw staf Waarop zij vaneen week en elk gedeelte was als een grote berg Sjoaraa 26
65 En Wij redden Mozes en allen die met hem waren Sjoaraa 26
7 Gedenk toen Mozes tot zijn familieleden zei Ik zie een vuur Ik zal u daarvan enig bericht brengen of ik breng wat vuur mee opdat u moogt verwarmen Naml 27
9 O Mozes Ik ben Allah de Machtige de Alwijze Naml 27
10 Werp uw staf neder Maar toen hij de staf zich als een slang zag bewegen wendde hij zich af en wilde zich niet omkeren En Allah zeide O Mozes vrees niet voorwaar bij Mij vrezen de boodschappers niet Naml 27
3 Wij dragen u het verhaal van Mozes en Pharao voor in waarheid ten bate van een volk dat wil geloven Qasas 28
7 En Wij openbaarden aan de moeder van Mozes Zoog hem en indien u voor hem vreest werp hem dan in de rivier en vrees noch treur want Wij zullen hem aan u teruggeven en zullen hem tot een boodschapper maken Qasas 28
10 En het hart der moeder van Mozes werd vrij van angst Zij had het bijna onthuld als Wij haar hart niet gesterkt hadden om tot de gelovigen te behoren Qasas 28
15 En hij ging de stad binnen op een tijdstip waarop de bewoners achteloos waren en hij vond er twee vechtende mannen de ene van zijn eigen volk en de andere van zijn vijanden En hij die van zijn volk was zocht hulp tegen hem die tot zijn vijanden behoorde Daarom stompte Mozes hem zodat deze stierf Hij zei Dit is Satan's werk en deze is inderdaad een vijand en openbare verleider Qasas 28
18 En in de morgen was hij in de stad vrezend op zijn hoede en ziet hij die de vorige dag zijn hulp had gezocht riep wederom tot hem om hulp Mozes zei tot hem U bent voorzeker stellig een dwalende Qasas 28
19 En toen hij hem wilde grijpen die een vijand van beiden was zei deze O Mozes wilt u mij ook doden zoals u gisteren een man gedood had U wenst slechts een geweldenaar te worden in het land en wilt geen vredestichter zijn Qasas 28
20 En er kwam een man aangehold van het andere einde der stad zeggende O Mozes waarlijk de leiders beraadslagen om u te doden Ga daarom weg ik ben u welgezind Qasas 28
23 En toen hij bij de bron van Midian aankwam vond hij daar een groep mannen die hun vee drenkten En hij vond naast hen twee vrouwen die haar kudden terughielden Mozes zei tot haar Wat scheelt u Zij antwoordden Wij kunnen niet drenken totdat de herders hun kudden terugnemen want onze vader is een zeer oude man Qasas 28
28 Mozes antwoordde Dat is een overeenkomst tussen u en mij Welke van de twee termijnen ik ook vervul er zal mij geen onrecht worden aangedaan en Allah is Getuige van hetgeen wij zeggen Qasas 28
29 Toen Mozes de termijn had voltooid en met zijn familie op reis ging bemerkte hij een vuur in de richting van de berg Sinaï Hij zei tot zijn familie Wacht hier ik zie een vuur misschien kan ik u nieuws of wat vuur daarvan brengen opdat u moogt verwarmen Qasas 28
30 En toen hij er bij kwam werd hij door een stem van de rechterzijde van het dal geroepen op de heilige plaats van uit de boom O Mozes voorwaar Ik ben Allah de Heer der Werelden Qasas 28
31 Werp uw staf neder En toen hij hem zag bewegen als een slang vluchtte hij en keerde niet om O Mozes kom en vrees niet want u behoort tot hen die veilig zijn Qasas 28
33 Hij Mozes zei Mijn Heer ik doodde een man onder hen en ik vrees dat zij mij nu zullen doden Qasas 28
36 En toen Mozes met Onze duidelijke tekenen tot hen kwam zeiden zij Dit is niets dan verzonnen tovenarij en wij hoorden nooit van iets dergelijks onder onze voorvaderen Qasas 28
37 Mozes zei Mijn Heer weet het beste wie de leiding van Hem heeft gebracht en voor wie de gelukkige beloning van het tehuis zal zijn Waarlijk de onrechtvaardigen zullen nooit slagen Qasas 28
38 En Pharao zei O leiders ik erken geen God voor u naast mij stook voor mij een vuur O Hamaan om stenen van klei te bakken en bouw een toren opdat ik moge opklimmen naar de God van Mozes want waarlijk ik beschouw hem als een leugenaar Qasas 28
43 En Wij gaven het Boek aan Mozes nadat Wij de vroegere geslachten hadden vernietigd als een duidelijk bewijs voor de mensen en als een leiding en een genade opdat zij er lering uit mochten trekken Qasas 28
44 En u Mohammed was niet aan de westelijke kant van de berg toen Wij Mozes de geboden mededeelden noch was u onder de aanwezigen Qasas 28
45 Maar Wij brachten vele geslachten na Mozes voort en het leven werd voor hen verlengd En u was geen bewoner onder het volk van Midian die Onze tekenen aan hen voordroeg maar Wij waren het Die boodschappers stuurden Qasas 28
46 En u was niet aan de bergkant toen Wij naar Mozes riepen Maar uit barmhartigheid van uw Heer bent u gezonden opdat u een volk naar hetwelk geen waarschuwer kwam vòòr u moogt waarschuwen opdat zij er lering uit mogen trekken Qasas 28
48 Maar toen de Waarheid van Ons tot hen kwam zeiden zij Waarom is hem niet hetzelfde gegeven als aan Mozes werd gegeven Verwierpen zij datgene niet wat Mozes voorheen was gegeven Zij zeiden Twee tovenaars die elkander ondersteunen En dezen zeggen Wij geloven in beiden niet Qasas 28
48 Maar toen de Waarheid van Ons tot hen kwam zeiden zij Waarom is hem niet hetzelfde gegeven als aan Mozes werd gegeven Verwierpen zij datgene niet wat Mozes voorheen was gegeven Zij zeiden Twee tovenaars die elkander ondersteunen En dezen zeggen Wij geloven in beiden niet Qasas 28
76 Korach behoorde voorwaar tot het volk van Mozes maar hij gedroeg zich aanmatigend tegenover hen En Wij hadden hem zoveel schatten gegeven dat zijn sleutels zeker een last waren geweest voor een groep sterke mannen Toen zijn volk tot hem zei Poch niet want Allah houdt niet van degenen die pochen Qasas 28
39 Wij vernietigden eveneens Korach en Pharao en Hamaan Mozes kwam tot hen met duidelijke tekenen maar zij handelden hoogmoedig op aarde toch konden zij Ons niet ontsnappen Ankaboet 29
23 Voorzeker Wij gaven Mozes het Boek - twijfel dus niet aan de ontmoeting met Hem - en Wij maakten dit tot een richtsnoer voor de kinderen van Israël Sadjdah 32
7 En toen Wij met de profeten een verbond sloten met u met Noach Abraham Mozes en Jezus de zoon van Maria sloten wij een hecht verbond Ahzaab 33
69 O u die gelooft weest niet zoals degenen die Mozes ergerden Allah echter zuiverde hem van hetgeen zij zeiden En hij was in aanzien bij Allah Ahzaab 33
114 Wij bewezen inderdaad gunsten aan Mozes en Aäron Saaffaat 37
120 Vrede zij Mozes en Aäron Saaffaat 37
23 En Wij zonden Mozes met Onze tekenen en een duidelijk gezag Momin 40
25 En toen hij Mozes met Waarheid van Ons tot hen kwam zeiden zij Doodt de zonen der gelovigen met hem en ontziet hun vrouwen Maar het plan der ongelovigen is ijdel Momin 40
26 En Pharao zei Laat mij Mozes doodslaan en laat hem dan zijn Heer aanroepen Ik vrees dat hij uw godsdienst zal veranderen of in het land onrust zal stoken Momin 40
27 En Mozes zei Ik zoek toevlucht bij mijn Heer en uw Heer tegen elke laatdunkende die aan de Dag des Oordeels niet gelooft Momin 40
37 De toegangswegen der hemelen opdat ik de God van Mozes moge bereiken ofschoon ik zeker weet dat hij een leugenaar is Zo werd voor Pharao zijn slechte daad schoonschijnend gemaakt hij werd van het rechte pad afgeleid en Pharao's plan eindigde slechts in ondergang Momin 40
53 En Wij gaven Mozes de leiding en deden de kinderen van Israël het Boek erven Momin 40
45 En Wij gaven Mozes het Boek maar men verschilde er over van mening en indien het woord van uw Heer er niet aan was voorafgegaan zou er zeker over hen geoordeeld zijn want waarlijk zij verkeerden er in een verontrustende twijfel over Fussilat 41
13 Hij schreef u dezelfde godsdienst voor die Hij aan Noach oplegden en die Wij bovendien aan u openbaren en die Wij Abraham Mozes en Jezus oplegden Bevestigt deze godsdienst en weest er niet in verdeeld Voor de afgodendienaren is dat moeilijk waartoe u hen roept Allah kiest voor Zich wie Hij wil en leidt hem die zich in berouw tot Hem wendt Sjoera 42
46 Wij zonden Mozes met Onze tekenen naar Pharao en zijn leiders en hij zei Ik ben waarlijk een boodschapper van de Heer der Werelden Zochrof 43
49 En zij zeiden tot Mozes O u tovenaar bid voor ons tot uw Heer overeenkomstig het verdrag dat Hij met u heeft gesloten wij zullen zeker de leiding volgen Zochrof 43
10 Ziet indien hij van Allah is en u hem verwerpt hoewel een getuige vanuit de kinderen Israëls Mozes heeft getuigd van een aan hem gelijke en hij geloofde in hem maar u bent hoovaardig Voorwaar Allah leidt het onrechtvaardige volk niet Ahqaaf 46
12 En voordien was het Boek van Mozes een leiding en een barmhartigheid en dit Boek de Koran is bevestigend in duidelijke taal om de onrechtvaardigen te waarschuwen en als verblijdend nieuws voor de goeden Ahqaaf 46
30 Zij zeiden O ons volk wij hebben een Boek horen voorlezen dat na Mozes nedergezonden is en dat het voorafgaande vervult het leidt tot de Waarheid en tot de rechte weg Ahqaaf 46
38 En in Mozes is eveneens een teken toen Wij hem tot Pharao zonden met openlijk gezag Zaarijaat 51
36 Is hem niet verteld over hetgeen in de geschriften van Mozes staat Nadjm 53
5 En toen Mozes tegen zijn volk zei O mijn volk waarom ergert u mij wetende dat ik Allah's boodschapper voor u ben En toen zij afdwaalden deed Allah hun hart zich afwenden want Allah leidt het opstandige volk niet Saff 61
15 Heeft het verhaal van Mozes u niet bereikt Naziaat 79
19 De geschriften van Abraham en Mozes Ala 87

Volgende Terug naar het Begin