Volgende Vorige

 
 TOEGEZEGD..........................................................................2
16 Van dezulken aanvaarden Wij de goede werken die zij verrichten en Wij zien hun slechte daden over het hoofd Zij behoren tot de bewoners van het paradijs volgens de ware belofte die hun was toegezegd Ahqaaf 46
27 Voorwaar Allah vervulde het visioen van Zijn boodschapper naar waarheid Voorzeker u zult de Heilige Moskee te Mekka in vrede binnengaan met haar geknipt of geschoren zonder vrees Dus Hij wist wat u onbekend was en Hij heeft u hiervoor een nabijzijnde overwinning toegezegd Fath 48
 
 TOEGIFT............................................................................1
65 En toen zij hun reisgoederen openden vonden zij hun geld aan hen teruggegeven Zij riepen uit O onze vader wat kunnen wij meer wensen Hier is ons geld aan ons teruggegeven Wij zullen nogmaals koren voor onze familie halen en op onze broeder passen en wij zullen als toegift de maat van een kameellast ontvangen Dat is een maat die gemakkelijk verkrijgbaar is Jozef 12
 
 TOEKEERT...........................................................................2
143 En zo hebben Wij u tot een verheven volk gemaakt opdat u getuige zult zijn tegenover de mensen en de Gezant zij een getuige tegenover u Wij bepaalden de Qiblah die u volgdet slechts opdat Wij hem die de gezant van Allah volgt onderscheiden van degene die hem de rug toekeert En dit is inderdaad zeer moeilijk behalve voor hen die Allah heeft geleid En Allah zal u uw geloof niet doen verliezen voorzeker Allah is Liefderijk en Genadevol jegens de mensen Baqarah 2
16 En wie op die dag zijn rug toekeert tenzij hij voor het gevecht manoeuvreert of om plaats te nemen bij een andere groep doet inderdaad de toorn van Allah over zich komen en de hel zal zijn tehuis zijn en dat is een slechte verblijfplaats Anfaal 8
 
 TOEKENNEN..........................................................................1
57 De gelovigen die goede werken verrichten zal Ik volle beloning toekennen Maar Allah heeft de onrechtvaardigen niet lief Imraan 3
 
 TOEKEREN...........................................................................2
52 En u kunt de doden niet doen horen noch kunt u de doven de roep doen horen wanneer zij u hun rug toekeren Roem 30
22 Indien de ongelovigen u bestrijden zullen zij u zeker de rug toekeren daarbij zullen zij beschermer noch helper vinden Fath 48
 
 TOEKOMEN...........................................................................1
27 Maar Wij zullen zeker de ongelovigen een strenge straf doen toekomen en Wij zullen hun slechtste daden vergelden Fussilat 41
 
 TOEKOMENDE.........................................................................3
217 Zij vragen u omtrent het vechten in de heilige maand Zeg Het vechten hierin is een grote overtreding maar de mensen van de weg van Allah af te houden en Hem ondankbaar te zijn en de toegang tot de Heilige Moskee te verhinderen en haar mensen er van te verdrijven is bij Allah een grotere zonde en vervolging is erger dan doden En zij zullen niet ophouden u te bevechten totdat zij u van uw geloof hebben afgebracht als zij kunnen Maar wie onder u zich van zijn geloof afkeert en sterft als een ongelovige - diens werken zullen tevergeefs zijn in deze wereld en in de toekomende Dezulken zijn de bewoners van het Vuur en zij zullen daarin verblijven Baqarah 2
26 Geef de verwanten de armen en de reiziger het hun toekomende maar verkwist niet Israa 17
25 Op die Dag zal Allah hun de hun toekomende vergelding ten volle geven en zij zullen weten dat alleen Allah de duidelijke Waarheid is An Noer 24
 
 TOEKOMST...........................................................................1
25 Daarop greep Allah hem aan met een voorbeeldige straf voor de toekomst en voor die tijd Naziaat 79
 
 TOEKOMSTIG.........................................................................1
176 En laat degenen die vlug tot ongeloof vervallen u niet verdrieten voorzeker zij kunnen Allah niets aandoen Allah wil hen aan het toekomstig leven geen deel doen hebben er zal voor hen een strenge straf zijn Imraan 3
 
 TOEKOMSTIGE........................................................................1
2 Zodat Allah u tegen uw voorafgaande en toekomstige aan u toegeschrevene zonden moge behoeden en dat Hij Zijn gunst aan u moge vervolmaken en u op het juiste pad moge leiden Fath 48
 
 TOEKOMT............................................................................18
30 En toen uw Heer tot de engelen zei Ik wil een stedehouder op aarde plaatsen zeiden zij Wilt U er iemand plaatsen die er onheil zal stichten en bloed zal vergieten terwijl wij U verheerlijken met de lof die U toekomt en Uw Heiligheid prijzen antwoordde Hij Ik weet wat u niet weet Baqarah 2
109 Wees dus niet in twijfel omtrent hetgeen deze mensen aanbidden zij aanbidden slechts zoals hun vaderen voorheen aanbaden en Wij zullen hun voorzeker hetgeen hen toekomt ten volle en onverminderd geven Hoed 11
13 En de donder verkondigt Zijn glorie met de lof die Hem toekomt en de engelen doen het uit ontzag voor Hem en Hij zendt de bliksem en treft er mede wie Hij wil nog steeds redetwisten zij over Allah terwijl Hij streng is in het straffen Ar Rad 13
98 Maar verheerlijk uw Heer met de lof die Hem toekomt en behoor tot degenen die zich ter aarde werpen Hidjr 15
44 De zeven hemelen en de aarde en degenen die daarin vertoeven prijzen Zijn heerlijkheid En daar is niets dat Hem niet met de lof die Hem toekomt verheerlijkt maar u begrijpt hun verheerlijking niet Voorwaar Hij is Verdraagzaam Vergevensgezind Israa 17
52 De Dag waarop Hij u zal roepen zult u Hem met de lof die Hem toekomt antwoorden en u zult denken dat u slechts een korte wijle heeft vertoefd Israa 17
130 Verdraag Mohammed lijdzaam hetgeen zij zeggen en verheerlijk uw Heer met de lof die Hem toekomt voor het opgaan der zon en voor haar ondergang en verheerlijk Hem in de uren van de nacht en op de gedeelten van de dag opdat u gelukkig moogt zijn Taa Haa 20
58 En stel uw vertrouwen in de Levende Die niet sterft en verheerlijk Hem met de lof die Hem toekomt Hij is goed op de hoogte met de zonden van Zijn dienaren Forqaan 25
183 En doet de mensen in hetgeen hun toekomt niet te kort noch handelt verderfelijk door onheil te stichten op aarde Sjoaraa 26
38 Geeft de verwanten de behoeftigen de reiziger wat hun toekomt Dat is het beste voor degenen die het Aangezicht van Allah zoeken dezen zijn het die zullen slagen Roem 30
15 Slechts zij geloven in Onze tekenen die wanneer zij er aan herinnerd worden zich met het gelaat ter aarde werpen en hun Heer verheerlijken met de lof die Hem toekomt en die niet hoogmoedig zijn Sadjdah 32
75 En u zult de engelen om de Troon zien dringen hun Heer lovende met de roem die Hem toekomt En er zal tussen hen met Waarheid worden geoordeeld En er zal worden gezegd Alle lof behoort aan Allah de Heer der Werelden Zomar 39
7 Zij die de Troon dragen en zij die er omheen staan verheerlijken hun Heer met de lof die Hem toekomt en zij geloven in Hem en vragen vergiffenis voor de gelovigen zeggende Onze Heer U omvat alle dingen in Uw barmhartigheid en kennis Vergeef daarom hen die berouw tonen en Uw weg volgen en behoed hen voor de straf der hel Momin 40
55 Heb geduld voorzeker Allah's belofte is waar En vraag bescherming tegen uw zonde en eert uw Heer 's morgens en 's avonds met de lof die Hem toekomt Momin 40
5 Het is nabij dat de hemelen zullen worden uiteengescheurd boven hen maar de engelen verheerlijken hun Heer met de lof die Hem toekomt en vragen vergiffenis voor hen die op aarde zijn Ziet toe Allah is de Vergevensgezinde de Genadevolle Sjoera 42
39 Heb dus geduld met wat zij zeggen en verheerlijk uw Heer met de lof die Hem toekomt vòòr zonsop- en ondergang Qaaf 50
48 Wacht daarom geduldig op het oordeel van uw Heer want u bent onder Onze ogen en verheerlijk uw Heer wanneer u opstaat met de lof die Hem toekomt Toer 52
3 Roem dan uw Heer met de lof die Hem toekomt en vraag vergiffenis van Hem voorzeker Hij is Berouwaanvaardend An Nasr 110
 
 TOELATEN...........................................................................15
31 Als u de grootste dingen die u verboden zijn vermijdt zullen Wij uw zwakheden voor u bedekken en u tot een plaats van grote eer toelaten Nisa 4
122 Degenen die geloven en goede werken verrichten zullen Wij in tuinen toelaten waar doorheen rivieren stromen en zij zullen daar voor eeuwig vertoeven De belofte van Allah is werkelijkheid en wie is waarachtiger in woord dan Allah Nisa 4
175 Daarom zij die in Allah geloven en aan Hem vasthouden zal Hij zeker tot Zijn barmhartigheid en genade toelaten en hen op het rechte pad tot Zich voeren Nisa 4
12 Waarlijk Allah sloot een verbond met de kinderen Israëls en Wij verwekten twaalf leiders uit hun midden En Allah zei Voorzeker Ik ben met u Indien u het gebed houdt en de Zakaat betaalt en in Mijn boodschappers gelooft en hen bijstaat en aan Allah's dienst een goede lening verstrekt zal Ik uw zonden van u verwijderen en u in tuinen toelaten waar doorheen rivieren stromen Maar wie onder u daarna dit verwerpt is inderdaad van het rechte pad afgedwaald Maidah 5
99 En er zijn onder de woestijn-Arabieren die in Allah en de laatste Dag geloven en die hetgeen zij weggeven als middelen beschouwen tot Allah's nabijheid en tot de zegeningen van de profeet Ziet toe Het is stellig voor hen een middel tot Zijn nabijheid Allah zal hen weldra tot Zijn barmhartigheid toelaten Allah is Vergevensgezind Genadevol Taubah 9
9 En zij die geloven en goede werken doen hen zullen Wij zeker onder de rechtevaardigen toelaten Ankaboet 29
30 Maar wat hen betreft die geloofden en goede daden verrichtten hun Heer zal hen in Zijn barmhartigheid toelaten Dat is de openlijke zegepraal Djaasijah 45
6 En hen in het paradijs dat Hij hun heeft bekend gemaakt toelaten Mohammed 47
12 Voorwaar Allah zal hen die geloven en goede werken doen in het paradijs toelaten waardoorheen rivieren vloeien terwijl de ongelovigen zich vermaken en eten zoals het vee het Vuur zal hun tehuis zijn Mohammed 47
5 Zodat Hij de gelovige mannen en vrouwen in tuinen moge toelaten waar doorheen rivieren vloeien om daarin te vertoeven en hun feilen van hen moge wegnemen dat is in de ogen van Allah de grootste zegepraal Fath 48
17 Er rust geen schuld op de blinde noch op de lamme noch op de zieke En wie Allah en Zijn boodschapper gehoorzaamt hem zal Hij in tuinen toelaten waar doorheen rivieren stromen maar wie zich omkeert hem zal Hij door een smartelijke straf straffen Fath 48
22 U zult geen mensen vinden die in Allah en de Laatste Dag geloven terwijl zij iemand liefhebben die Allah en Zijn boodschapper tegenwerkt zelfs al waren dezen hun vader of hun kinderen of hun broeders of hun verwanten Dezen zijn degenen in wier hart Allah geloof heeft ingegrift en die Hij gesterkt heeft met Zijn Geest En Hij zal hen toelaten in tuinen waardoor rivieren stromen Daarin zullen zij vertoeven Allah heeft welbehagen in hen en zij hebben welbehagen in Hem Zij behoren tot Allah's partij Voorwaar Allah's partij zal zegevieren Modjaadalah 58
12 Hij zal u uw zonden vergeven en u in tuinen leiden waar doorheen rivieren stromen en tot reine woningen toelaten in tuinen der Eeuwigheid Dat is de grote zegepraal Saff 61
11 Een boodschapper die aan u de duidelijke woorden van Allah voordraagt opdat hij degenen die geloven en goede daden verrichten uit de duisternis in het licht moge brengen en wie in Allah gelooft en goed doet hem zal Hij in tuinen toelaten waar doorheen rivieren stromen om daarin voor eeuwig te vertoeven Allah heeft hem inderdaad een voortreffelijk onderhoud geschonken Talaaq 65
8 O u gelovigen wendt u tot Allah in oprecht berouw Het kan zijn dat uw Heer uw fouten van u zal verwijderen en u in tuinen toelaten waar doorheen rivieren stromen op de Dag waarop Allah de profeet alsmede de gelovigen niet zal vernederen Hun licht zal vòòr hen en van hun rechter handen uitgaan Zij zullen zeggen Onze Heer volmaak ons licht voor ons en vergeef ons want U heeft macht over alle dingen Tahriem 66
 
 TOELATING..........................................................................3
10 Geheime samenzwering gaat alleen uit van Satan opdat hij verdriet moge veroorzaken aan de gelovigen maar het kan hun niet schaden dan met Allah's toelating Laat dus de gelovigen in Allah hun vertrouwen stellen Modjaadalah 58
5 Welke palmbomen u ook hebt nedergehouwen of op hun wortels hebt laten staan het was met Allah's toelating opdat Hij de overtreders mocht vernederen Hasjr 59
11 Er gebeurt geen ongeluk zonder toelating van Allah En wie in Allah gelooft - Hij leidt zijn hart - En Allah heeft kennis van alle dingen Taghaabon 64
 
 TOELOPEN...........................................................................1
25 En een der twee vrouwen kwam verlegen naar hem toelopen Zij zei Mijn vader roept u opdat hij u moge belonen omdat u voor ons gedrenkt heeft Dan toen hij tot hem kwam en hem het verhaal vertelde zeide hij Vrees niet u bent een onrechtvaardig volk ontvlucht Qasas 28
 
 TOEN...............................................................................385
30 En toen uw Heer tot de engelen zei Ik wil een stedehouder op aarde plaatsen zeiden zij Wilt U er iemand plaatsen die er onheil zal stichten en bloed zal vergieten terwijl wij U verheerlijken met de lof die U toekomt en Uw Heiligheid prijzen antwoordde Hij Ik weet wat u niet weet Baqarah 2
33 Hij zei O Adam zeg hun de namen van deze dingen en toen hij de namen had genoemd zei Hij Zei Ik u niet Waarlijk Ik ken de geheimen der hemelen en der aarde en Ik weet wat u onthult en wat u verbergt Baqarah 2
34 En toen Wij tot de engelen zeiden Onderwerpt u aan Adam onderwierpen zich allen behalve Iblies Hij weigerde hij was hoogmoedig Hij behoorde tot de ongelovigen Baqarah 2
37 Toen leerde Adam enkele woorden van zijn Heer Zo schonk Hij hem vergiffenis gewis Hij is Berouwaanvaardend Genadevol Baqarah 2
49 En toen Wij u redden van Pharao's volk dat u met bittere marteling kwelde Uw zonen dodend en uw vrouwen sparend hierin was voor u een zware beproeving van uw Heer Baqarah 2
50 En toen Wij de zee voor u spleten en u redden en Pharao's volk lieten verdrinken terwijl u toezaagt Baqarah 2
51 En toen Wij met Mozes een tijd afspraken van veertig nachten toen naamt u in zijn afwezigheid het kalf om het te aanbidden en u werdt overtreders Baqarah 2
51 En toen Wij met Mozes een tijd afspraken van veertig nachten toen naamt u in zijn afwezigheid het kalf om het te aanbidden en u werdt overtreders Baqarah 2
53 En toen gaven Wij Mozes het Boek en het oordeel des onderscheids opdat u recht geleid zult worden Baqarah 2
54 En toen Mozes tot zijn volk zei O mijn volk u heeft uzelf onrecht aangedaan door het kalf te aanvaarden derhalve keert terug tot Uw Schepper en doodt uw eigen ik dat is het beste voor u in het oog van uw Schepper Daarna wendde Hij zich genadig tot u Voorzeker Hij is Berouwaanvaardend Genadevol Baqarah 2
55 En toen u zei O Mozes wij zullen u geenszins geloven totdat wij Allah van aangezicht tot aangezicht zien toen trof u een donderslag terwijl u toezaagt Baqarah 2
55 En toen u zei O Mozes wij zullen u geenszins geloven totdat wij Allah van aangezicht tot aangezicht zien toen trof u een donderslag terwijl u toezaagt Baqarah 2
56 Toen deden Wij u verrijzen na uw dood opdat u dankbaar zult zijn Baqarah 2
58 En toen Wij zeiden Gaat in deze stad en eet er overvloedig waar u ook wilt treedt de poort onderdanig binnen en vraagt om vergiffenis Wij zullen u uw fouten vergeven en Wij zullen meer geven aan degenen die goed doen Baqarah 2
60 En toen Mozes om water voor zijn volk bad zeiden Wij Sla op de rots met uw staf en er ontsprongen twaalf bronnen aan waardoor elke stam zijn drinkplaats kende Eet en drinkt van wat Allah heeft voortgebracht en wandelt niet op aarde onheil stichtende Baqarah 2
61 En toen u zei O Mozes wij verdragen niet langer één soort voedsel bid daarom voor ons tot uw Heer dat Hij van hetgeen op aarde groeit - groenten en komkommers en tarwe en linzen en uien - voor ons voortbrenge zei Hij Zoudt u hetgeen minderwaardig is in ruil willen nemen voor hetgeen beter is Gaat naar een stad daar zult u vinden waarom u vraagt En zij kwamen in vernedering en armoede en brachten Allah's toorn over zich dit kwam omdat zij de tekenen van Allah verwierpen en de profeten onrechtvaardig doodden want zij waren ongehoorzaam en telkens weer in overtreding Baqarah 2
63 En toen Wij een verbond met u aangingen en de berg hoog boven u verhieven zeiden Wij Houdt vast wat Wij u hebben gegeven en bedenkt wat het bevat zodat u behoed zult worden Baqarah 2
67 En toen Mozes tot zijn volk zei Waarlijk Allah gebiedt u een koe te slachten zeiden zij Drijft u de spot met ons Hij zei Ik zoek toevlucht bij Allah om niet tot de onwetenden te behoren Baqarah 2
71 Hij antwoordde Hij zegt dat het een koe is die nog nooit afgericht is geweest om de aarde te beploegen of de akkers te bevloeien een koe gaaf en vlekkeloos Zij zeiden Nu heeft u het precies gezegd Toen slachtten zij haar maar liever hadden zij het niet gedaan Baqarah 2
72 En toen u trachtte een mens te doden en onder elkander er over twistte was Allah de onthuller van wat u verborgen hieldt Baqarah 2
73 Toen zeiden Wij Treft hem de moordenaar voor een gedeelte van het vergrijp tegen hem de gedode Aldus geeft Allah leven aan de doden en toont u Zijn tekenen opdat u zult begrijpen Baqarah 2
83 En toen Wij een verbond sloten met de kinderen Israëls zeiden Wij dat u niemand zult aanbidden dan Allah alleen en dat u goed zult zijn voor uw ouders uw verwanten de wezen en de armen spreekt goed tegen de mensen en houdt het gebed en geeft de Zakaat Maar u wende u af - behalve weinigen onder u en u bent afkerig Baqarah 2
84 En toen Wij een verbond met u sloten U zult uw bloed niet vergieten noch uw volk uit hun huizen verdrijven toen heeft U dit bekrachtigd en u was er getuige van Baqarah 2
84 En toen Wij een verbond met u sloten U zult uw bloed niet vergieten noch uw volk uit hun huizen verdrijven toen heeft U dit bekrachtigd en u was er getuige van Baqarah 2
89 En toen een Boek van Allah tot hen kwam vervullend datgene dat bij hen was hoewel zij voordien om overwinning over de ongelovigen plachten te bidden toen dat tot hen kwam herkenden zij dat niet en verwierpen het Gods vloek rust derhalve op de ongelovigen Baqarah 2
89 En toen een Boek van Allah tot hen kwam vervullend datgene dat bij hen was hoewel zij voordien om overwinning over de ongelovigen plachten te bidden toen dat tot hen kwam herkenden zij dat niet en verwierpen het Gods vloek rust derhalve op de ongelovigen Baqarah 2
93 En toen Wij een verbond met U sloten en de berg Sinaï hoog boven u verhieven zeggende Houdt stevig vast hetgeen Wij u gegeven hebben en luistert zeiden zij Wij horen maar wij gehoorzamen niet hun hart was vervuld van het kalf wegens hun ongeloof Zeg Slecht is hetgeen uw geloof u oplegt zo u al enig geloof bezit Baqarah 2
124 En toen Abrahams Heer hem met zekere opdrachten beproefde en Abraham deze vervulde zei Hij Ik zal u tot leider der mensen maken Abraham vroeg En van mijn nakomelingen Hij zeide Mijn verbond betreft de overtreders niet Baqarah 2
125 En toen Wij het Huis tot een plaats van verzameling voor de mensheid en een toevluchtsoord maakten zeggende Neemt de plaats van Abraham als een plaats voor gebed En Wij geboden Abraham en Ismaël zeggende Reinigt Mijn Huis voor degenen die de ommegang verrichten en voor degenen die er toegewijd in verblijven en voor degenen die zich neder buigen en zich ter aarde werpen Baqarah 2
126 En toen Abraham bad Mijn Heer maak deze plaats toch tot een oord van vrede en geef vruchten aan haar bewoners die aan Allah en de laatste dag geloven zei Hij Ik zal voor een korte tijd ook aan hem die niet gelooft weldaden schenken daarna zal Ik hem in het Vuur drijven het is een slechte verblijfplaats Baqarah 2
127 En toen Abraham en Ismaël de muren van het Huis optrokken biddende Heer aanvaard dit van ons want U bent de Alhorende de Alwetende Baqarah 2
131 Toen zijn Heer tot hem zei Onderwerp U zei hij Ik heb mij aan de Heer der Werelden onderworpen Baqarah 2
133 Of was u aanwezig toen de dood tot Jacob kwam en hij tot zijn zonen zei Wat zult u na mij aanbidden Zij antwoordden Wij zullen uw God aanbidden de God uwer vaderen Abraham Ismaël en Izaäk de enige God aan Hem zijn wij onderworpen Baqarah 2
246 Weet u niet van de leiders der kinderen Israëls na Mozes toen zij tot één hunner profeten zeiden Stel ons een koning aan opdat wij ter wille van Allah kunnen strijden Hij zei Is het niet waarschijnlijk dat u niet zult willen vechten wanneer het u wordt voorgeschreven Zij zeiden Welke reden hebben wij om ons van het vechten voor Allah's zaak te willen onthouden wanneer wij van onze huizen en onze kinderen zijn verdreven Maar toen het vechten hun werd bevolen wendden zij zich af met uitzondering van een klein aantal hunner Allah kent de overtreders goed Baqarah 2
246 Weet u niet van de leiders der kinderen Israëls na Mozes toen zij tot één hunner profeten zeiden Stel ons een koning aan opdat wij ter wille van Allah kunnen strijden Hij zei Is het niet waarschijnlijk dat u niet zult willen vechten wanneer het u wordt voorgeschreven Zij zeiden Welke reden hebben wij om ons van het vechten voor Allah's zaak te willen onthouden wanneer wij van onze huizen en onze kinderen zijn verdreven Maar toen het vechten hun werd bevolen wendden zij zich af met uitzondering van een klein aantal hunner Allah kent de overtreders goed Baqarah 2
249 En toen Taloet met de strijdkrachten uitrukte zei hij Voorzeker Allah zal u door een stroom beproeven dus hij die er van drinkt is niet met mij behalve wanneer hij maar een handvol neemt en hij die er niets van neemt is zeker met mij Maar behoudens enigen hunner dronken zij er van En toen zij de rivier overstaken hij en de gelovigen met hem - zeiden zij Wij hebben vandaag geen macht over Djaloet Goliath en zijn strijdkrachten Maar zij die er zeker van waren dat zij Allah zouden ontmoeten zeiden Hoevele kleine groepen hebben niet onder Allah's bevel over een grote groep gezegevierd En Allah is met de geduldigen Baqarah 2
249 En toen Taloet met de strijdkrachten uitrukte zei hij Voorzeker Allah zal u door een stroom beproeven dus hij die er van drinkt is niet met mij behalve wanneer hij maar een handvol neemt en hij die er niets van neemt is zeker met mij Maar behoudens enigen hunner dronken zij er van En toen zij de rivier overstaken hij en de gelovigen met hem - zeiden zij Wij hebben vandaag geen macht over Djaloet Goliath en zijn strijdkrachten Maar zij die er zeker van waren dat zij Allah zouden ontmoeten zeiden Hoevele kleine groepen hebben niet onder Allah's bevel over een grote groep gezegevierd En Allah is met de geduldigen Baqarah 2
250 En toen zij uitgingen om Djaloet en zijn strijdkrachten te ontmoeten zeiden zij Onze Heer stort geduld over ons uit en maak onze voetstappen vast en help ons tegen het ongelovige volk Baqarah 2
258 Heeft u niet vernomen van hem die met Abraham over zijn Heer redetwistte omdat Allah hem het koninkrijk had gegeven Toen Abraham zei Mijn Heer is Hij die het leven geeft en doet sterven zei hij Ik geef leven en doe sterven Abraham zei Nu Allah doet de zon van het Oosten opgaan doet u haar van het Westen opgaan Daarop verstomde de ongelovige in verbazing En Allah leidt het onrechtvaardige volk niet Baqarah 2
259 Of gelijk degene die langs een stad komende welke was ingestort uitriep Hoe zal Allah haar doen herleven na haar vernietiging Toen deed Allah hem sterven voor honderd jaren daarna wekte Hij hem op en zei Hoelang bent u hier reeds Hij antwoordde Ik ben een dag of een gedeelte van een dag gebleven Hij zei Nee u bent honderd jaren gebleven Kijk nu naar uw voedsel en uw drank zij zijn niet bedorven En kijk naar uw ezel dit is opdat Wij u tot een teken voor de mensen maken En kijk naar de beenderen hoe Wij ze in elkaar zetten en ze daarna met vlees bekleden En toen hem dit duidelijk werd zei hij Ik weet dat Allah macht heeft over alle dingen Baqarah 2
259 Of gelijk degene die langs een stad komende welke was ingestort uitriep Hoe zal Allah haar doen herleven na haar vernietiging Toen deed Allah hem sterven voor honderd jaren daarna wekte Hij hem op en zei Hoelang bent u hier reeds Hij antwoordde Ik ben een dag of een gedeelte van een dag gebleven Hij zei Nee u bent honderd jaren gebleven Kijk nu naar uw voedsel en uw drank zij zijn niet bedorven En kijk naar uw ezel dit is opdat Wij u tot een teken voor de mensen maken En kijk naar de beenderen hoe Wij ze in elkaar zetten en ze daarna met vlees bekleden En toen hem dit duidelijk werd zei hij Ik weet dat Allah macht heeft over alle dingen Baqarah 2
260 En toen Abraham zei Mijn Heer toon mij hoe U de doden tot leven opwekt Hij zei Gelooft u dan niet Hij zei Ja maar opdat mijn hart rustig zij Hij antwoordde Neem vier vogels en maak ze aan u gehecht Zet dan ieder hunner op een heuvel roep hen dan ze zullen haastig tot u komen En weet dat Allah Almachtig Alwijs is Baqarah 2
35 Toen de vrouw van Imraan zei Ik draag aan U op wat in mijn baarmoeder is dat het vrij zal zijn om U te dienen aanvaard het van mij U bent gewis Alhorend Alwetend Imraan 3
36 Maar toen zij er van verlost was zei zij Mijn Heer ik ben verlost van een meisje - Allah wist het beste wat zij voortbracht En de man is niet gelijk aan de vrouw En ik heb haar Maria genoemd en ik stel haar en haar nageslacht onder Uw bescherming tegen Satan de verworpene Imraan 3
38 Toen bad Zacharia tot zijn Heer Mijn Heer geef mij een rein nageslacht voorzeker U verhoort het gebed Imraan 3
42 Toen zeiden de engelen O Maria Allah heeft u uitverkoren en u gereinigd en u boven de vrouwen aller vollkeren uitverkoren Imraan 3
44 Dit is een van de tijdingen van het ongeziene die wij u openbaren En u was niet bij hen toen zij lootten om te zien wie hunner de voogd van Maria zou zijn noch was u bij hen toen zij met elkander redetwistten Imraan 3
44 Dit is een van de tijdingen van het ongeziene die wij u openbaren En u was niet bij hen toen zij lootten om te zien wie hunner de voogd van Maria zou zijn noch was u bij hen toen zij met elkander redetwistten Imraan 3
45 Toen de engelen zeiden O Maria waarlijk Allah geeft u blijde tijding door Zijn woord Zijn naam zal zijn de Messias Jezus zoon van Maria geëerd in deze wereld en in de volgende en hij zal tot hen behoren die in Gods nabijheid zijn Imraan 3
52 Toen Jezus hun der Israëlieten ongeloof bemerkte zei hij Wie zullen mijn helpers zijn terwille van Allah De discipelen antwoordden Wij zijn de helpers van Allah Wij geloven in Allah En getuigt u dat wij Moslims zijn Imraan 3
55 Toen Allah zei O Jezus ik zal u doen sterven en u tot Mij opheffen en u zuiveren van de ongelovigen en zal uw volgelingen tot de laatste dag over hen doen zegevieren die u niet geloven dan zal uw terugkeer tot Mij zijn en Ik zal onder u rechtspreken over datgeen waarin u verschildet Imraan 3
81 En toen Allah met de profeten een verbond sloot zei Hij Voorwaar Ik heb u het Boek en de Wijsheid geschonken en daarna zal een boodschapper tot u komen vervullend hetgeen bij u is in hem zult u geloven en hem zult u helpen En Hij zei Heeft u bekrachtigd en daarmede Mijn verbond aanvaard Zij antwoordden Wij bekrachtigen het Hij zei Getuigt dan en Ik ben met u onder de getuigen Imraan 3
103 En houdt u allen tezamen vast aan het koord van Allah en weest niet verdeeld en gedenkt de gunst van Allah die Hij u bewees toen u vijanden was en Hij uw harten verenigde zo werdt u door Zijn gunst broeders en u was aan de rand van een vuurput en Hij redde u er van Zo legt Allah u Zijn geboden uit opdat u zult worden geleid Imraan 3
121 Toen u in de vroege morgen van uw huisgezin wegtrokt om de gelovigen hun plaatsen voor het gevecht aan te wijzen - Allah is Alhorend Alwetend - Imraan 3
122 Toen wilden twee uwer groepen lafheid tonen hoewel Allah hun Vriend was En in Allah behoren de gelovigen te vertrouwen Imraan 3
124 Toen u tot de gelovigen zei Zal het niet genoeg voor u zijn dat uw Heer u met drie duizend nedergezonden engelen zal helpen Imraan 3
152 En Allah heeft Zijn belofte aan u gehouden toen u hen met Zijn verlof doodde totdat u onstandvastig werdt en het over het gebod onder elkander oneens werdt en u niet gehoorzaamde nadat Hij u hetgeen u behaagde had laten zien Onder u waren er die deze tegenwoordige wereld begeerden en er waren onder u die het Hiernamaals begeerden Toen wendde Hij u van hen af opdat Hij u mocht beproeven maar Hij heeft het u vergeven Allah is Genadevol jegens de gelovigen Imraan 3
152 En Allah heeft Zijn belofte aan u gehouden toen u hen met Zijn verlof doodde totdat u onstandvastig werdt en het over het gebod onder elkander oneens werdt en u niet gehoorzaamde nadat Hij u hetgeen u behaagde had laten zien Onder u waren er die deze tegenwoordige wereld begeerden en er waren onder u die het Hiernamaals begeerden Toen wendde Hij u van hen af opdat Hij u mocht beproeven maar Hij heeft het u vergeven Allah is Genadevol jegens de gelovigen Imraan 3
153 Toen u wegvluchtte en naar niemand omkeek terwijl de boodschapper u van verre nariep gaf Hij u smart op smart opdat u niet zult treuren over hetgeen was verloren noch over hetgeen met u gebeurde En Allah is goed op de hoogte van hetgeen u doet Imraan 3
154 Toen zond Hij na de smart een vredige sluimer over u neder die een deel uwer overviel en het andere deel was bezorgd over zichzelf terwijl zij ten onrechte over Allah de gedachte der onwetendheid koesterden Zij zeiden Hebben wij iets met de zaak uit te staan Zeg De zaak is geheel in Allah's handen Zij verbergen in hun gedachten hetgeen zij niet aan u onthullen zij zeggen Als de zaak in onze handen was geweest zouden wij hier niet hebben moeten vechten Zeg Indien u in uw huizen was gebleven zouden zij wie het strijden was bevolen zeker naar de plaats waar zij zouden sterven zijn gegaan opdat Allah mocht beproeven wat in uw innerlijk was en louteren wat in uw hart was Allah weet wat in het innerlijk is Imraan 3
173 En toen de mensen tot hen zeiden De volkeren hebben zich tegen u verzameld vreest hen daarom vermeerderde dit hun geloof en zij antwoordden Allah is ons genoeg en Hij is een uitstekende Beschermer Imraan 3
187 En toen Allah een verbond sloot met degenen die het Boek gegeven was zei Hij U zult dit aan de mensen bekend maken en het niet verbergen Maar zij verwaarloosden dat voor luttel gewin Kwaad was hetgeen zij in ruil namen Imraan 3
64 Wij zenden geen boodschapper of hij moet worden gehoorzaamd volgens Allah's gebod Als zij tot u waren gekomen toen zij hun ziel onrecht hadden aangedaan en Allah om vergiffenis hadden gevraagd en de boodschapper ook om vergiffenis voor hen had gevraagd zouden zij Allah voorzeker Berouwaanvaardend Genadevol hebben bevonden Nisa 4
153 De mensen van het Boek vragen u een Boek uit de hemel op hen te doen nederdalen Zij vroegen Mozes meer dan dit zij zeiden Toon ons Allah openlijk Toen trof hen de bliksem wegens hun overtreding Daarna hoewel duidelijke tekenen tot hen gekomen waren namen zij toch het gouden kalf ter aanbidding aan maar Wij vergaven hun dat En Wij bekleedden Mozes met duidelijk gezag Nisa 4
7 En gedenkt Allah's gunst aan u en het verbond dat Hij met u sloot toen u zei Wij horen en wij gehoorzamen En vreest Allah Voorzeker Allah weet goed wat in uw innerlijk is Maidah 5
11 O u die gelooft gedenkt Allah's gunst aan u toen een volk zijn handen tegen u wilde uitsteken maar Hij weerhield hun handen en vreest Allah Op Allah moeten de gelovigen zich verlaten Maidah 5
20 En toen Mozes tot zijn volk zei O mijn volk herinner u Allah's gunst aan u toen Hij profeten onder u aanstelde en u koningen aanwees en Hij u gaf wat Hij aan niemand onder de volkeren heeft gegeven Maidah 5
20 En toen Mozes tot zijn volk zei O mijn volk herinner u Allah's gunst aan u toen Hij profeten onder u aanstelde en u koningen aanwees en Hij u gaf wat Hij aan niemand onder de volkeren heeft gegeven Maidah 5
27 En vertel naar waarheid het verhaal van de twee zonen van Adam toen zij een offer brachten en het van één hunner werd aangenomen en van de ander niet De laatstgenoemde zei Ik zal u zeker doden - De eerste zei Allah neemt alleen iets van de rechtvaardigen aan - Maidah 5
31 Toen zond Allah een raaf die in de grond krabde om hem te beduiden hoe het lijk van zijn broeder te verbergen Hij zei Ware ik maar de raaf gelijk zodat ik het lijk van mijn broeder kon verbergen En toen kreeg hij berouw Maidah 5
31 Toen zond Allah een raaf die in de grond krabde om hem te beduiden hoe het lijk van zijn broeder te verbergen Hij zei Ware ik maar de raaf gelijk zodat ik het lijk van mijn broeder kon verbergen En toen kreeg hij berouw Maidah 5
110 Wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria gedenk Mijn gunst aan u en uw moeder toen Ik u met de geest van heiligheid versterkte dat u als kind en op middelbare leeftijd tot het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de Torah en het Evangelie onderwees en toen u door Mijn gebod uit klei de vorm van een vogel maakte dan er in blies en het een vogel werd door Mijn gebod en toen u de blinden en de melaatsen door Mijn gebod heeft genezen en de doden opgewekt en toen Ik de kinderen Israëls er van weerhield u te doden toen u met duidelijke tekenen tot hen kwaamt en degenen onder hen die verwierpen zeiden Dit is niets dan klaarblijkelijke tovenarij Maidah 5
110 Wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria gedenk Mijn gunst aan u en uw moeder toen Ik u met de geest van heiligheid versterkte dat u als kind en op middelbare leeftijd tot het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de Torah en het Evangelie onderwees en toen u door Mijn gebod uit klei de vorm van een vogel maakte dan er in blies en het een vogel werd door Mijn gebod en toen u de blinden en de melaatsen door Mijn gebod heeft genezen en de doden opgewekt en toen Ik de kinderen Israëls er van weerhield u te doden toen u met duidelijke tekenen tot hen kwaamt en degenen onder hen die verwierpen zeiden Dit is niets dan klaarblijkelijke tovenarij Maidah 5
110 Wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria gedenk Mijn gunst aan u en uw moeder toen Ik u met de geest van heiligheid versterkte dat u als kind en op middelbare leeftijd tot het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de Torah en het Evangelie onderwees en toen u door Mijn gebod uit klei de vorm van een vogel maakte dan er in blies en het een vogel werd door Mijn gebod en toen u de blinden en de melaatsen door Mijn gebod heeft genezen en de doden opgewekt en toen Ik de kinderen Israëls er van weerhield u te doden toen u met duidelijke tekenen tot hen kwaamt en degenen onder hen die verwierpen zeiden Dit is niets dan klaarblijkelijke tovenarij Maidah 5
110 Wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria gedenk Mijn gunst aan u en uw moeder toen Ik u met de geest van heiligheid versterkte dat u als kind en op middelbare leeftijd tot het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de Torah en het Evangelie onderwees en toen u door Mijn gebod uit klei de vorm van een vogel maakte dan er in blies en het een vogel werd door Mijn gebod en toen u de blinden en de melaatsen door Mijn gebod heeft genezen en de doden opgewekt en toen Ik de kinderen Israëls er van weerhield u te doden toen u met duidelijke tekenen tot hen kwaamt en degenen onder hen die verwierpen zeiden Dit is niets dan klaarblijkelijke tovenarij Maidah 5
110 Wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria gedenk Mijn gunst aan u en uw moeder toen Ik u met de geest van heiligheid versterkte dat u als kind en op middelbare leeftijd tot het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de Torah en het Evangelie onderwees en toen u door Mijn gebod uit klei de vorm van een vogel maakte dan er in blies en het een vogel werd door Mijn gebod en toen u de blinden en de melaatsen door Mijn gebod heeft genezen en de doden opgewekt en toen Ik de kinderen Israëls er van weerhield u te doden toen u met duidelijke tekenen tot hen kwaamt en degenen onder hen die verwierpen zeiden Dit is niets dan klaarblijkelijke tovenarij Maidah 5
110 Wanneer Allah zal zeggen O Jezus zoon van Maria gedenk Mijn gunst aan u en uw moeder toen Ik u met de geest van heiligheid versterkte dat u als kind en op middelbare leeftijd tot het volk spraakt en toen Ik u het Boek en de wijsheid en de Torah en het Evangelie onderwees en toen u door Mijn gebod uit klei de vorm van een vogel maakte dan er in blies en het een vogel werd door Mijn gebod en toen u de blinden en de melaatsen door Mijn gebod heeft genezen en de doden opgewekt en toen Ik de kinderen Israëls er van weerhield u te doden toen u met duidelijke tekenen tot hen kwaamt en degenen onder hen die verwierpen zeiden Dit is niets dan klaarblijkelijke tovenarij Maidah 5
111 En toen Ik de discipelen bezielde om in Mij en Mijn boodschapper te geloven zeiden zij Wij geloven en getuigt U dat wij ons hebben onderworpen Maidah 5
112 Toen de discipelen zeiden O Jezus zoon van Maria is uw Heer bij machte ons een met voedsel gedekte tafel van de hemel neder te zenden antwoordde hij Vreest Allah als u gelovigen bent Maidah 5
5 Zij hebben de waarheid verloochend toen deze tot hen kwam maar de tijdingen waarover zij spotten zullen hen weldra bereiken Anaam 6
42 Wij zonden inderdaad tot de volkeren die vòòr u waren een profeet toen troffen Wij hen die volkeren met armoede en tegenspoed opdat zij zich mochten verootmoedigen Anaam 6
43 Waarom verootmoedigden zij zich niet toen Onze straf over hen kwam Maar hun hart was verhard en Satan deed hun schoon schijnen al hetgeen zij verrichtten Anaam 6
44 Toen zij dan hetgeen waarvoor zij waren gewaarschuwd vergaten openden Wij hun de poorten van alle dingen der wereld totdat zij verheugd werden over hetgeen hun was gegeven dan grepen Wij hen onverwachts aan en zie zij werden wanhopig Anaam 6
74 Toen Abraham tot zijn vader Azar zei Neemt u afgoden tot Goden Ik zie u en uw volk in duidelijke dwaling Anaam 6
76 En toen de nacht over hem kwam zag hij een ster Hij zei Dit is mijn Heer Maar toen zij onderging zei hij Ik heb de dingen die ondergaan niet lief Anaam 6
76 En toen de nacht over hem kwam zag hij een ster Hij zei Dit is mijn Heer Maar toen zij onderging zei hij Ik heb de dingen die ondergaan niet lief Anaam 6
77 En toen hij de maan zag glanzen zei hij Dit is mijn Heer Maar toen zij onderging zei hij Had mijn Heer mij niet geleid dan zou ik zeker tot het dwalende volk behoren Anaam 6
77 En toen hij de maan zag glanzen zei hij Dit is mijn Heer Maar toen zij onderging zei hij Had mijn Heer mij niet geleid dan zou ik zeker tot het dwalende volk behoren Anaam 6
78 En toen hij de zon zag stralen zei hij Dit is mijn Heer Dit is de grootste Maar toen zij onderging zeide hij O mijn volk ik heb niets uitstaande met uw afgoden Anaam 6
78 En toen hij de zon zag stralen zei hij Dit is mijn Heer Dit is de grootste Maar toen zij onderging zeide hij O mijn volk ik heb niets uitstaande met uw afgoden Anaam 6
144 En twee der kamelen en twee der runderen Zeg Zijn het de twee mannelijke dieren die Hij heeft verboden of de twee vrouwelijke dieren ofwel hetgeen de baarmoeders der twee vrouwelijke dieren bevatten Waart u aanwezig toen Allah u dit oplegde Wie is dan onrechtvaardiger dan hij die een leugen over Allah bedenkt om de mensen zonder kennis te doen dwalen Voorzeker Allah leidt het onrechtvaardige volk niet Anaam 6
5 Toen Onze Straf over hen kwam was hun roep niet anders dan dat zij zeiden Wij waren inderdaad onrechtvaardigen Aaraaf 7
11 Wij schiepen u daarna vormden Wij u toen zeiden Wij tot de engelen Onderwerpt u aan Adam en zij onderwierpen zich behalve Iblies hij behoorde niet tot degenen die zich onderwierpen Aaraaf 7
12 Allah zei Wat belette u u te onderwerpen toen Ik u dat gebood Hij antwoordde Ik ben beter dan hij U heeft mij uit vuur en hem uit klei geschapen Aaraaf 7
22 Zo deed hij hen door bedrog vallen En toen zij van de boom proefden werd hun naaktheid hun duidelijk en zij begonnen zich te bedekken met bladeren uit de tuin En hun Heer riep hen en zei Verbood Ik u die boom niet en zei Ik niet tot u ' Voorwaar Satan is een openlijke vijand voor u Aaraaf 7
74 En herinnert u toen Hij u na het volk van Aad tot opvolgers maakte en u vestigde in het land u bouwdet paleizen in de vlakten en u hieuwt huizen uit de bergen Gedenkt daarom de gunsten van Allah en wandelt niet op aarde onheil stichtend Aaraaf 7
77 Toen verlamden zij de kamelin en overtraden het gebod van hun Heer en zeiden O Salih breng ons hetgeen waarmede u ons bedreigd heeft als u tot de boodschappers behoort Aaraaf 7
79 Toen wendde Salih zich van hen af en zei O mijn volk ik bracht u de boodschap van mijn Heer en bood u oprechte raad aan maar u houdt niet van oprechte raadgevers Aaraaf 7
80 En Lot toen hij tot zijn volk zei Pleegt u een gruweldaad zoals niemand ter wereld ooit vòòr u pleegde Aaraaf 7
103 Toen zonden Wij na hen de vorige boodschappers Mozes met Onze tekenen naar Pharao en zijn leiders maar zij geloofden er niet in Ziet hoe het einde was van de onruststokers Aaraaf 7
116 Hij antwoordde Werpt u En toen zij wierpen betoverden zij de ogen der mensen en deden hen vrezen en toonden hun grote toverkunst Aaraaf 7
126 En u neemt alleen wraak op ons omdat wij in de tekenen van onze Heer hebben geloofd toen zij ons getoond werden Onze Heer schenk ons geduld en doe ons sterven als mensen die zich aan U overgegeven hebben Aaraaf 7
133 Toen zonden Wij de storm en de sprinkhanen en de luizen en de kikvorsen en bloed over hen - als duidelijke tekenen maar zij gedroegen zich hoogmoedig en waren een schuldig volk Aaraaf 7
134 En toen de straf op hen viel zeiden zij O Mozes bid voor ons tot uw Heer zoals Hij u heeft beloofd Als u de plaag van ons verwijdert zullen wij u zeker geloven en wij zullen de kinderen Israëls voorzeker met u laten gaan Aaraaf 7
135 Maar toen Wij de straf van hen verwijderden voor een bepaalde termijn die zij moesten voleindigen ziet toen braken zij hun beloften Aaraaf 7
135 Maar toen Wij de straf van hen verwijderden voor een bepaalde termijn die zij moesten voleindigen ziet toen braken zij hun beloften Aaraaf 7
141 Toen Wij u van Pharao's volk verlosten dat u aan een marteling onderwierp en uw zonen doodde en uw vrouwen spaarde En daarin lag voor u een zware beproeving van uw Heer Aaraaf 7
143 En toen Mozes op Onze vastgestelde tijd kwam en zijn Heer tot hem sprak zei hij Mijn Heer toon U aan mij opdat ik U moge aanschouwen Hij Allah antwoordde U zult Mij stellig niet kunnen aanschouwen maar kijk naar de berg en als deze op zijn plaats blijft dan zult u Mij wel kunnen zien En toen zijn Heer Zich op de berg openbaarde brak deze in stukken en Mozes viel bewusteloos neder En toen hij tot zichzelf kwam zei hij Heilig bent U ik wend mij tot U en ik ben de eerste der gelovigen Aaraaf 7
143 En toen Mozes op Onze vastgestelde tijd kwam en zijn Heer tot hem sprak zei hij Mijn Heer toon U aan mij opdat ik U moge aanschouwen Hij Allah antwoordde U zult Mij stellig niet kunnen aanschouwen maar kijk naar de berg en als deze op zijn plaats blijft dan zult u Mij wel kunnen zien En toen zijn Heer Zich op de berg openbaarde brak deze in stukken en Mozes viel bewusteloos neder En toen hij tot zichzelf kwam zei hij Heilig bent U ik wend mij tot U en ik ben de eerste der gelovigen Aaraaf 7
143 En toen Mozes op Onze vastgestelde tijd kwam en zijn Heer tot hem sprak zei hij Mijn Heer toon U aan mij opdat ik U moge aanschouwen Hij Allah antwoordde U zult Mij stellig niet kunnen aanschouwen maar kijk naar de berg en als deze op zijn plaats blijft dan zult u Mij wel kunnen zien En toen zijn Heer Zich op de berg openbaarde brak deze in stukken en Mozes viel bewusteloos neder En toen hij tot zichzelf kwam zei hij Heilig bent U ik wend mij tot U en ik ben de eerste der gelovigen Aaraaf 7
149 Toen zij wroeging gevoelden en zagen dat zij inderdaad gedwaald hadden zeiden zij Als onze Heer ons geen barmhartigheid betoont en ons vergeeft zullen wij gewis tot de verliezers behoren'' Aaraaf 7
150 En toen Mozes verontwaardigd en bedroefd tot zijn volk terugkeerde zei hij Hetgeen u in mijn afwezigheid deedt was slecht Heeft u gehaast vòòr het gebod van uw Heer En hij legde de tafelen neder en greep zijn broeders haar en sleepte hem naar zich toe Hij Aäron zei Zoon van mijn moeder het volk achtte mij inderdaad zwak en wilde mij doden Laat zich de vijanden daarom niet over mij verblijden en plaats mij niet bij het onrechtvaardige volk Aaraaf 7
154 Toen Mozes toorn was gekalmeerd nam hij de tafelen en er was leiding en barmhartigheid in het geschrift voor degenen die hun Heer vrezen Aaraaf 7
155 En Mozes koos voor Onze ontmoeting zeventig mannen van zijn volk Maar toen de aardbeving hen achterhaalde zei hij Mijn Heer als het U had behaagd kon U hen en mij voordien reeds hebben vernietigd Wilt U ons verdelgen voor hetgeen de dommen onder ons hebben gedaan Dit is niets dan een beproeving van U U laat daardoor dwalen wie U wilt en U leidt wie U wilt U bent onze Beschermer vergeef ons daarom en toon ons barmhartigheid en U bent de Beste Vergevensgezinde Aaraaf 7
160 En Wij verdeelden hen in twaalf stammen als afzonderlijke volkeren En Wij openbaarden aan Mozes toen zijn volk om drinken vroeg Sla de rots met uw staf en er ontsprongen twaalf bronnen aan elke stam kende zijn drinkplaats En Wij deden wolken hen overschaduwen en Wij zonden Manna en kwartels voor hen neder Eet van de goede dingen waarmede Wij u hebben voorzien En zij deden Ons geen onrecht aan maar zij schaadden zichzelf Aaraaf 7
161 En toen er tot hen werd gezegd Woont in deze stad en eet ervan waar u ook wilt en zegt God verlicht onze last en gaat de poort in nederigheid binnen Wij zullen u uw tekortkomingen vergeven Wij zullen meer geven aan hen die goed doen Aaraaf 7
163 En vraag hun omtrent de stad die aan de zee lag Toen zij de Sabbath ontheiligden verscheen vis op hun Sabbath aan de oppervlakte van het water maar de dag waarop zij geen Sabbath hielden kwam zij niet tot hen Zo beproefden Wij hen omdat zij overtreders waren Aaraaf 7
164 Toen een gedeelte hunner zei Waarom predikt u tot een volk dat Allah wil vernietigen of met een strenge kastijding gaat straffen Het andere deel antwoordde Als een verontschuldiging tegenover uw Heer en opdat zij rechtvaardig mogen worden Aaraaf 7
165 En toen zij de vermaning vergaten redden Wij degenen die het kwade verboden en grepen de onrechtvaardigen met een strenge straf aan omdat zij verkeerd handelden Aaraaf 7
166 En toen zij overtraden hetgeen hun was verboden zeiden Wij tot hen Weest verachte apen Aaraaf 7
167 En toen verkondigde uw Heer dat Hij dezulken zou zenden die hen de Joden met een marteling zouden kwellen tot de dag der Opstanding Voorzeker uw Heer is vlug in vergelding en Hij is Vergevensgezind Genadevol Aaraaf 7
171 Toen Wij de berg Sinaï boven hen deden schudden alsof hij een losse bedekking was dachten zij dat deze op hen zou vallen Wij zeiden Houdt u aan hetgeen Wij u hebben gegeven vast en gedenkt wat er in staat opdat u moogt worden behouden Aaraaf 7
172 En toen uw Heer van Adams kinderen een nageslacht uit hun lendenen voortbracht en hen deed getuigen over henzelf Ben ik uw Heer niet antwoordden zij Ja wij getuigen zodat u op de Dag der Opstanding niet zult zeggen Wij waren ons hiervan zeker niet bewust Aaraaf 7
5 Toen uw Heer u in waarheid van uw huis deed weggaan was een gedeelte van de gelovigen er afkerig van Anfaal 8
7 En toen Allah u één der twee partijen beloofde dat zij de uwe zou zijn wensde u dat de partij zonder wapenen de uwe zou worden maar Allah wilde door Zijn Woorden de waarheid bevestigen en de levenswortel der ongelovigen afsnijden Anfaal 8
9 Toen u de hulp van uw Heer afsmeekte en Hij u antwoordde Ik zal u met duizend engelen helpen die elkander opvolgen Anfaal 8
11 Toen Hij slaap over u deed komen als beveiliging van Hem en water van de wolken over u nederzond opdat Hij u daardoor mocht reinigen en het vuil van Satan van u mocht verwijderen en opdat Hij uw hart mocht sterken en u mocht doen volhouden Anfaal 8
12 Toen uw Heer aan de engelen openbaarde Ik ben met u versterkt de gelovigen Ik boezem ontzag in de harten der ongelovigen Slaat daarom hun hoofd af en slaat alle toppen van hun vingers af Anfaal 8
17 U doodde hen niet maar Allah was het Die hen doodde En u wierpt niet toen u wierpt maar Allah was het die wierp opdat Hij de gelovigen een grote gunst van Zich mocht bewijzen Voorzeker Allah is Alhorend Alwetend Anfaal 8
26 En gedenkt toen u weinigen was en zwak werd geacht in het land en toen u vreesde dat de mensen u weg zouden voeren hoe Hij u beschermde en sterkte met Zijn hulp en u voorzag van goede dingen opdat u dankbaar mocht zijn Anfaal 8
26 En gedenkt toen u weinigen was en zwak werd geacht in het land en toen u vreesde dat de mensen u weg zouden voeren hoe Hij u beschermde en sterkte met Zijn hulp en u voorzag van goede dingen opdat u dankbaar mocht zijn Anfaal 8
30 Toen smeedden de ongelovigen tegen u plannen opdat zij u gevangen mochten nemen of doden of verbannen En zij maakten plannen en Allah maakte plannen en Allah is het best in staat plannen te verijdelen Anfaal 8
32 En toen zij zeiden O Allah als dit inderdaad de waarheid van U is doe dan stenen uit de hemel over ons regenen of geef ons een andere smartelijke straf Anfaal 8
42 Toen u op de nabijzijnde kant was en zij zich op de andere zijde bevonden en de karavaan beneden u was en indien u een onderlinge afspraak hadt gemaakt zult u ten opzichte van die afspraak zeker van mening hebben verschild Maar dit gebeurde zodat Allah hetgeen gedaan moest worden tot stand zou brengen zodat hij die zou omkomen door een duidelijk teken zou sterven en dat hij die zou leven door een even duidelijk teken zou blijven leven En voorzeker Allah is Alhorend Alwetend Anfaal 8
43 Gedenk de tijd toen Allah hen de vijanden in uw ogen als weinigen toonde had Hij hen u als velen getoond dan zult u voorzeker hebben geweifeld en met elkander over de zaak getwist maar Allah bewaarde u voorzeker Hij heeft volle kennis over hetgeen in het innerlijk is Anfaal 8
44 En toen Hij hen in de tijd van uw ontmoeting als weinigen in uw ogen deed voorkomen en u als weinigen in hun ogen deed voorkomen zodat Allah hetgeen gedaan moest worden tot stand mocht brengen En tot Allah worden alle dingen teruggebracht Anfaal 8
48 Toen deed Satan hun hun daden schoon schijnen en zei Niemand onder de mensen zal deze dag de overhand over u hebben want ik ben uw metgezel Maar toen de twee legers elkander in het zicht kwamen wendde hij zich af en zei Voorzeker ik heb niets met u uitstaande waarlijk ik zie wat u niet ziet ik vrees Allah en Allah is streng in het straffen Anfaal 8
48 Toen deed Satan hun hun daden schoon schijnen en zei Niemand onder de mensen zal deze dag de overhand over u hebben want ik ben uw metgezel Maar toen de twee legers elkander in het zicht kwamen wendde hij zich af en zei Voorzeker ik heb niets met u uitstaande waarlijk ik zie wat u niet ziet ik vrees Allah en Allah is streng in het straffen Anfaal 8
49 Toen de huichelaars en degenen in wier hart een ziekte is zeiden Hun Moslims geloof heeft dezen bedrogen Maar wie zijn vertrouwen in Allah legt voorzeker Allah is Almachtig Alwijs Anfaal 8
25 Voorzeker Allah heeft u op menig slagveld geholpen en op de dag van Honain toen uw grote aantal u verheugde maar dit baatte u niets en de aarde werd ondanks haar uitgestrektheid voor u te eng toen heeft u vluchtende afgewend Taubah 9
25 Voorzeker Allah heeft u op menig slagveld geholpen en op de dag van Honain toen uw grote aantal u verheugde maar dit baatte u niets en de aarde werd ondanks haar uitgestrektheid voor u te eng toen heeft u vluchtende afgewend Taubah 9
40 Als u hem de profeet niet helpt voorzeker Allah hielp hem toen de ongelovigen hem verdreven - toen hij één van de twee was - en zij beiden in de grot waren en hij tot zijn metgezel zei Treur niet want Allah is met ons Toen zond Allah Zijn vrede op hem neder en versterkte hem met scharen die u niet zag en vernederde het woord van de ongelovigen en Allah's woord is het allerhoogste En Allah is Almachtig Alwijs Taubah 9
40 Als u hem de profeet niet helpt voorzeker Allah hielp hem toen de ongelovigen hem verdreven - toen hij één van de twee was - en zij beiden in de grot waren en hij tot zijn metgezel zei Treur niet want Allah is met ons Toen zond Allah Zijn vrede op hem neder en versterkte hem met scharen die u niet zag en vernederde het woord van de ongelovigen en Allah's woord is het allerhoogste En Allah is Almachtig Alwijs Taubah 9
40 Als u hem de profeet niet helpt voorzeker Allah hielp hem toen de ongelovigen hem verdreven - toen hij één van de twee was - en zij beiden in de grot waren en hij tot zijn metgezel zei Treur niet want Allah is met ons Toen zond Allah Zijn vrede op hem neder en versterkte hem met scharen die u niet zag en vernederde het woord van de ongelovigen en Allah's woord is het allerhoogste En Allah is Almachtig Alwijs Taubah 9
76 Maar toen Hij hun van Zijn overvloed gaf werden zij er vrekkig mede en wendden zich om en waren afkerig Taubah 9
114 Het vragen om vergiffenis door Abraham voor zijn vader geschiedde alleen wegens een belofte die hij hem had afgelegd maar toen het hem duidelijk werd dat deze een vijand van Allah was trok hij zich van hem terug Voorzeker Abraham was uiterst zachtmoedig verdraagzaam Taubah 9
117 Allah heeft zich voorzeker met barmhartigheid tot de profeet gewend en tot de Migranten en de Hulpgevers die deze profeet in het uur van nood volgden nadat het hart van een gedeelte hunner bijna was bezweken Toen vergaf Hij hen Voorzeker Hij is Liefderijk Genadevol jegens hen Taubah 9
118 En Hij heeft Zich met barmhartigheid tot de drie die waren achtergelaten gewend totdat de aarde met haar uitgestrektheid hun te eng werd en hun eigen leven voor hen te moeilijk en zij geloofden dat er tegen Allah geen schuilplaats is behalve bij Hem Toen wendde Hij Zich met barmhartigheid tot hen opdat zij zich mochten bekeren Voorzeker Allah is Berouwaanvaardend Genadevol Taubah 9
13 En Wij vernietigden de geslachten die vòòr u bestonden toen zij kwaad verrichtten en er kwamen tot hen boodschappers met duidelijke tekenen maar zij wilden niet geloven Zo vergelden Wij het schuldige volk Jonas 10
71 En verkondig hun het verhaal van Noach toen hij tot zijn volk zei O mijn volk als mijn houding en mijn vermaning door de tekenen van Allah u aanstoot geven - ik leg mijn vertrouwen in Allah - breng dan al uw plannen en uw afgoden bijeen laat dan uw handelwijze duidelijk blijken komt dan tegen mij op en geeft mij geen uitstel Jonas 10
74 Toen zonden Wij na hem andere boodschappers naar hun volk en deze kwamen tot hen met duidelijke bewijzen Maar dezen wilden in datgene niet geloven wat zij voorheen hadden verloochend Zo verzegelen Wij het hart der overtreders Jonas 10
76 En toen de waarheid van Ons tot hen kwam zeiden zij Dit is gewis duidelijke tovenarij Jonas 10
80 En toen de tovenaars kwamen zei Mozes tot hen Werpt hetgeen u wilde werpen Jonas 10
81 En toen zij wierpen zei Mozes Wat u gebracht heeft is slechts bedrog Voorzeker Allah zal het ijdel maken Voorwaar Allah laat het werk der kwaadstichters niet gedijen Jonas 10
90 En Wij brachten de kinderen Israëls over de zee Pharao en zijn scharen vervolgden hen op een onrechtvaardige en aanvallende wijze totdat hij toen hij bijna verdronk zei Ik geloof dat er geen God is dan Hij in Wie de kinderen Israëls geloven en ik behoor tot de Moslims Jonas 10
98 Waarom heeft behalve het volk van Jonas geen stad geloofd zodat hun geloof hen zou hebben kunnen helpen Toen zij geloofden verwijderden Wij de straf der schande in het tegenwoordige leven van hen en Wij lieten hen voor een wijle genieten Jonas 10
40 Toen Ons gebod kwam en de bronnen der aarde spoten zeiden Wij Scheept twee paar van alles in en uw familie - met uitzondering van degenen tegen wie het woord reeds is uitgegaan - en de gelovigen En met hem geloofden slechts weinigen Hoed 11
58 En toen Ons gebod kwam redden Wij Hoed en de gelovigen met hem door Onze barmhartigheid En Wij bevrijdden hen van een zware foltering Hoed 11
65 Maar zij verlamden haar toen zei hij Salih Vermaakt u voor drie dagen in uw huizen Dit is een belofte die niet geloochend kan worden Hoed 11
66 En toen Ons gebod kwam redden Wij Salih en met hem de gelovigen door Onze barmhartigheid en Wij redden hen van de schande van die dag Voorzeker uw Heer is Sterk Almachtig Hoed 11
70 Maar toen hij zag dat hun handen er zich niet naar uitstrekten vond bij hen vreemd en vreesde hen Zij zeiden Vrees niet want wij zijn tot het volk van Lot gezonden Hoed 11
74 En toen de vrees Abraham verliet en de blijde tijding tot hem kwam begon hij met ons over het volk van Lot te redetwisten Hoed 11
77 En toen Onze boodschappers tot Lot kwamen was hij verdrietig en voelde zich bezwaard om hen en zeide Dit is een moeilijke dag Hoed 11
82 Toen Ons gebod kwam keerden Wij die stad ondersteboven en Wij deden er brokken klei laag boven laag op regenen Hoed 11
94 En toen Ons gebod kwam redden Wij Shoaib en met hem de gelovigen door Onze barmhartigheid en kastijding greep de onrechtvaardigen zodat zij uitgestrekt in hun huizen lagen Hoed 11
101 En Wij deden hun geen onrecht maar zij deden zichzelf onrecht aan En hun goden die zij naast Allah aanriepen baatten hen in het geheel niet toen het gebod van uw Heer kwam zij voegden hun slechts verderf toe Hoed 11
4 Toen Jozef tot zijn vader zei O mijn vader in mijn droom zag ik elf sterren en de zon en de maan en ik zag ze zich voor mij nederwerpen Jozef 12
8 Toen zij zeiden Voorwaar Jozef en zijn broeder zijn onze vader liever dan wij ofschoon wij een sterke groep zijn Voorzeker onze vader dwaalt openlijk Jozef 12
15 Toen zij hem medenamen kwamen zij overeen hem op de bodem van een diepe put neer te laten en Wij zonden hem een openbaring U zult hun van deze zaak vertellen zonder dat zij het beseffen Jozef 12
22 Toen hij volwassen was schonken Wij hem oordeel en kennis zo belonen Wij de goeden Jozef 12
28 Toen hij haar man zag dat zijn hemd van achteren was gescheurd zei hij Dit is zeker een list van u vrouwen Uw list is inderdaad sterk Jozef 12
31 En toen zij van hun plannen hoorde nodigde zij haar uit en bereidde haar een maaltijd en gaf ieder een mes en zei dan tot Jozef Ga naar hen toe En toen zij hem zagen achtten zij hem grotelijks en zij sneden zich in de handen en zeiden Allah zij verheerlijkt Dit is geen mens dit is een edele engel Jozef 12
31 En toen zij van hun plannen hoorde nodigde zij haar uit en bereidde haar een maaltijd en gaf ieder een mes en zei dan tot Jozef Ga naar hen toe En toen zij hem zagen achtten zij hem grotelijks en zij sneden zich in de handen en zeiden Allah zij verheerlijkt Dit is geen mens dit is een edele engel Jozef 12
45 En degene van de twee die bevrijd was herinnerde zich na enige tijd Jozef en zei toen Ik zal u de verklaring er van laten weten zend mij daarom Jozef 12
50 En de koning zei Brengt hem tot mij Maar toen de boodschapper tot hem Jozef kwam zei hij Ga terug naar uw heer en vraag hem hoe het met de vrouwen is gesteld die zich in de handen sneden voorzeker mijn Heer kent haar sluwe plan goed Jozef 12
51 Hij de koning zei tot de vrouwen Wat was het geval met u toen u Jozef tegen zijn wil zocht te verleiden Zij zeiden Allah zij verheerlijkt Wij hebben geen kwaad van hem geweten De vrouw van de Aziez zei Nu is de waarheid aan het licht gekomen Ik was het die hem tegen zijn wil zocht te verleiden en hij behoort zeker tot de waarachtigen Jozef 12
54 En de koning zei Brengt hem bij mij ik wil hem voor mijzelf houden En toen hij tot hem Jozef had gesproken zei hij U bent van deze dag af een man van positie en vertrouwen bij ons Jozef 12
59 En toen hij hen van levensmiddelen had voorzien zei hij Brengt mij uw broeder van vaderskant Ziet u niet dat ik u met volle maat geef en dat ik een goed gastheer ben Jozef 12
63 En toen zij tot hun vader terugkeerden zeiden zij Onze vader een verdere maat is ons ontzegd zend daarom onze broeder met ons mede opdat wij onze maat koren mogen verkrijgen en wij zullen zeker op hem passen Jozef 12
65 En toen zij hun reisgoederen openden vonden zij hun geld aan hen teruggegeven Zij riepen uit O onze vader wat kunnen wij meer wensen Hier is ons geld aan ons teruggegeven Wij zullen nogmaals koren voor onze familie halen en op onze broeder passen en wij zullen als toegift de maat van een kameellast ontvangen Dat is een maat die gemakkelijk verkrijgbaar is Jozef 12
66 Hij Jacob zei Ik zal hem niet met u medezenden voordat u mij een ernstige belofte aflegt in de naam van Allah dat u hem zeker tot mij zult brengen tenzij u allen omsingeld zult worden En toen zij de belofte hadden afgelegd zei hij Allah waakt over hetgeen wij zeggen Jozef 12
68 Maar toen zij de stad binnen gingen zoals hun vader hen had bevolen kon hen dit tegen Allah toch niets baten het was slechts dat Jacob zijn zin gedaan kreeg want hij had voorzeker grote kennis omdat Wij hem hadden onderwezen maar de meeste mensen weten het niet Jozef 12
69 En toen zij Jozef bezochten huisvestte deze zijn broeder bij zich En hij zei Ik ben uw broeder treur daarom niet over hetgeen zij hebben gedaan Jozef 12
70 En toen hij hen van hun provisie had voorzien legde hij een drinkbeker in zijn broeders zadeltas Toen riep een omroeper O karavaan u bent waarlijk dieven Jozef 12
70 En toen hij hen van hun provisie had voorzien legde hij een drinkbeker in zijn broeders zadeltas Toen riep een omroeper O karavaan u bent waarlijk dieven Jozef 12
80 En toen zij wanhoopten trokken zij zich terug om in afzondering te beraadslagen De oudste zei Weet u niet dat uw vader een plechtige belofte in de naam van Allah van u heeft genomen en hoe u voorheen in uw plicht tegenover Jozef hebt gefaald Ik zal het land daarom niet verlaten voordat mijn vader het mij toestaat of Allah voor mij beslist en Hij is de beste Beoordelaar Jozef 12
88 En toen zij opnieuw voor hem Jozef kwamen zeiden zij O Aziez armoede heeft ons en onze familie getroffen en wij hebben een armzalige geldsom meegebracht geef ons daarvoor de volle maat en wees liefdadig Voorzeker Allah beloont de liefdadigen Jozef 12
89 Hij zei Weet u wat u Jozef en zijn broeder aandeedt toen u onwetend was Jozef 12
94 En toen de karavaan uit Egypte vertrok zei hun vader Ik bemerk voorzeker de geur van Jozef zelfs al ziet u mij voor zwakzinnig aan Jozef 12
96 En toen de drager van de blijde tijding kwam legde hij het hemd voor hem Jacob neder zodat hij zekerheid verkreeg Dan riep hij uit Zei ik u niet Ik weet van Allah wat u niet weet Jozef 12
99 En toen zij tot Jozef kwamen huisvestte hij zijn ouders bij zich en zei Komt zoals het Allah behaagt Egypte in vrede binnen Jozef 12
100 Hij hief zijn ouders op de troon en zij wierpen zich voor hem neder En hij zei O mijn vader dit is de vervulling van mijn vroegere droom Mijn Heer heeft deze verwezenlijkt En Hij schonk mij een gunst toen Hij mij uit de gevangenis verloste en u uit de woestijn bracht nadat Satan tweedracht tussen mij en mijn broeders had gezaaid Voorzeker mijn Heer is goedertieren voor wie Hij wil Waarlijk Hij is de Alwetende de Alwijze Jozef 12
102 Dit behoort tot de tijdingen van het verborgene die Wij u o Profeet openbaren U was niet bij hen toen zij zich tegen u verenigden en plannen smeedden Jozef 12
6 En toen Mozes tot zijn volk zei Gedenk Allah's gunst aan u toen Hij u van Pharao's volk redde dat u met een smartelijke foltering kwelde uw zonen doodde en uw vrouwen spaarde daarin was een grote beproeving van uw Heer Ibrahiem 14
6 En toen Mozes tot zijn volk zei Gedenk Allah's gunst aan u toen Hij u van Pharao's volk redde dat u met een smartelijke foltering kwelde uw zonen doodde en uw vrouwen spaarde daarin was een grote beproeving van uw Heer Ibrahiem 14
7 En toen uw Heer verklaarde Als u dankbaar bent zal ik u meer geven maar als u ondankbaar bent is Mijn straf inderdaad streng Ibrahiem 14
13 En de ongelovigen zeiden tot hun boodschappers Wij zullen u voorzeker uit het land verdrijven tenzij u tot onze godsdienst wederkeert Toen zond hun Heer hun de openbaring Wij zullen de onrechtvaardigen zeker vernietigen Ibrahiem 14
35 En toen Abraham zei Mijn Heer maak deze stad oord van vrede en weerhoud mij en mijn kinderen van het aanbidden van afgoden Ibrahiem 14
28 Toen uw Heer tot de engelen zei Ik ga de mens uit droge klinkende klei scheppen uit leem gewrocht Hidjr 15
52 Toen zij bij hem binnentraden zeiden zij Vrede hij antwoordde Voorwaar wij vrezen u Hidjr 15
61 Toen de boodschappers tot de familie van Lot kwamen Hidjr 15
36 En voorzeker Wij wekten onder elk volk een boodschapper op Aanbidt Allah en vermijdt de boze Toen waren er sommigen onder hen die Allah leidde en er waren sommigen die bleven dwalen Reist daarom op aarde rond en ziet wat het einde was der loochenaars An Nah 16
5 Toen dan ook de tijd voor de eerste van de twee bedreigingen kwam zonden Wij Onze dienaren toegerust met grote macht tegen u uit die de huizen binnendrongen dit was een belofte die in vervulling ging Israa 17
7 Zeggende Indien u goed doet doet u goed voor uzelf en indien u kwaad doet is het tegen uzelf En toen de tijd was gekomen voor de tweede bedreiging zonden Wij andere volkeren om u met schande te treffen zodat zij de Moskee zouden binnendringen zoals zij er de eerste keer binnen gingen om alles wat zij veroverd hadden te verwoesten Israa 17
24 En wees teder voor hen in erbarming En zeg Mijn Heer ontferm u over hen daar zij mij opvoedden toen ik jong was Israa 17
60 En toen Wij tot u zeiden Voorzeker uw Heer heeft het volk in Zijn hand Wij gaven het visioen dat Wij u toonden slechts als een beproeving voor de mensen evenals de gevloekte boom in de Koran En Wij waarschuwen hen maar het doet hen slechts in grotere overtreding toenemen Israa 17
61 En toen Wij tot de engelen zeiden Betuigt eer aan Adam betuigden zij eer behalve Iblies Hij zeide Moet ik mij ter aarde werpen voor iemand die U geschapen heeft uit klei Israa 17
94 En niets heeft de mensen belet te geloven toen de leiding tot hen kwam dan het feit dat zij zeiden Heeft Allah een mens als boodschapper gezonden Israa 17
101 En voorwaar wij schonken Mozes negen duidelijke tekenen Vraag dit aan de kinderen van Israël Toen hij tot hen kwam zei Pharao tot hem Ik geloof O Mozes dat u een betoverd mens bent Israa 17
10 Toen de jongelingen hun toevlucht zochten in de grot zeiden zij Onze Heer verleen ons Uw genade en bereid ons een weg naar vrede en voorspoed uit onze beproeving Kahf 18
14 En Wij versterkten hun hart toen zij opstonden en zeiden Onze Heer is de Heer der hemelen en der aarde Nimmer zullen wij een andere god aanroepen naast Hem anders zouden wij inderdaad een grote dwaasheid begaan Kahf 18
39 Waarom zei u niet toen u de tuin binnentraadt Het is zoals het Allah behaagt er is geen God dan Allah indien u mij als uw mindere in rijkdom en nakomelingen ziet Kahf 18
50 Gedenk de tijd toen Wij tot de engelen zeiden Buigt voor Adam zij bogen maar Iblies niet Hij was één der djinn derhalve was hij ongehoorzaam aan het gebod van zijn Heer Zult u hem en zijn nageslacht tot vrienden nemen terwijl zij uw vijanden zijn Slecht is het loon der onrechtvaardigen Kahf 18
59 En deze steden Wij vernietigden ze toen zij ongerechtigheden bedreven En Wij stelden een bepaalde tijd vast voor hun verdelging Kahf 18
60 En gedenk de tijd toen Mozes zei tot zijn dienaar Ik zal het niet opgeven voordat ik de samenvloeiing van twee zeeën heb bereikt al moet ik eeuwenlang voortgaan Kahf 18
61 En toen zij de plek bereikten waar de beide zeeën samenkwamen vergaten zij hun vis en deze zwom snel weg in de zee Kahf 18
62 En toen zij verder gingen zei hij tot zijn dienaar Breng ons het ochtendmaal Waarlijk vermoeidheid heeft ons bevangen vanwege onze reis Kahf 18
63 Hij antwoordde Zie toen wij ons op de rots begaven vergat ik de vis - en slechts Satan deed mij vergeten er over te spreken - en de vis vond op bewonderenswaardige wijze zijn weg naar de zee Kahf 18
96 Brengt mij blokken ijzer Zij deden dit totdat hij de ruimte tussen de beide rotsen had opgevuld toen zei hij Blaast totdat het ijzer wit gloeiend werd nu zei hij Brengt mij gesmolten koper opdat ik het er overheen giete Kahf 18
3 Toen hij zijn Heer in het verborgene aanriep Marjam 19
9 Hij zei Het zij zo Uw Heer zegt Het is gemakkelijk voor Mij Ik heb u voordien geschapen toen u niets was Marjam 19
16 En vermeld Maria in het Boek Toen zij zich van haar volk terugtrok in een op het Oosten uitziende plaats Marjam 19
42 Toen hij tot zijn vader zei O mijn vader waarom aanbidt u hetgeen hoort noch ziet noch u op enigerlei wijze kan baten Marjam 19
49 Toen hij zich van hen en van hetgeen zij nevens Allah aanbaden had losgemaakt schonken Wij hem Izaak en Jacob en maakten elk hunner profeet Marjam 19
58 Dezen zijn het over wie Allah Zijn zegeningen heeft uitgestort namelijk de profeten van het nageslacht van Adam en van degenen die Wij met Noach droegen in de ark en van het nageslacht van Abraham en Israël en zij behoren tot degenen die Wij leidden en uitverkoren Toen de tekenen van de Weldadige hun werden voorgelezen vielen zij buigend en wenend neder Marjam 19
67 Herinnert de mens zich dan niet dat Wij hem voorheen hebben geschapen toen hij nog niets was Marjam 19
10 Toen hij een vuur zag zei hij tot de zijnen Blijft hier ik bespeur een vuur misschien zal ik u daarvan een vuurbrand kunnen brengen of door het vuur de weg vinden Taa Haa 20
11 En toen hij het vuur naderde werd hij aangeroepen O Mozes Taa Haa 20
38 Toen Wij uw moeder openbaarden Taa Haa 20
40 Toen uw zuster voorbijkwam en zei Zal ik u iemand noemen die hem zal verzorgen Aldus schonken Wij u terug aan uw moeder opdat haar oog zou worden verfrist en zij niet zou treuren En u doodde een man maar Wij verlosten u van smart En Wij beproefden u op verschillende manieren En u vertoefde jaren te midden van het volk van Midian Dan bent u o Mozes herwaarts gekomen zoals besloten was Taa Haa 20
78 Alsdan achtervolgde hen Pharao met zijn leger en toen overspoelde de zee hen allen Taa Haa 20
92 Hij Mozes zei O Aäron wat belette u toen u hen zag dwalen Taa Haa 20
116 En toen Wij tot de engelen zeiden Bewijst Adam eer bewezen zij allen eer maar niet Iblies Hij weigerde Taa Haa 20
12 En toen zij Onze straf bemerkten ziet toen sloegen zij er voor op de vlucht Anmbijaa 21
12 En toen zij Onze straf bemerkten ziet toen sloegen zij er voor op de vlucht Anmbijaa 21
52 Toen hij tot zijn vader en tot zijn volk zei Wat zijn deze beelden waaraan u zo gehecht bent Anmbijaa 21
59 Toen zij dit zagen zeiden zij Wie heeft dit onze Goden aangedaan Voorwaar hij moet een boosdoener zijn Anmbijaa 21
64 Toen kwamen zij tot inkeer en zeiden bij zichzelf U bent zelf de boosdoeners Anmbijaa 21
76 En toen Noach voordien riep verhoorden Wij zijn gebed en redden hem en zijn gezin uit de grote ramp Anmbijaa 21
78 En toen David en Salomo rechtspraken betreffende het veld waar de geiten van zekere mensen bij nacht graasden waren Wij Getuige van hun oordeel Anmbijaa 21
83 En gedenk Job toen hij tot zijn Heer riep zeggende Kwelling heeft mij terneer geworpen en U bent de Genadigste der genadigen Anmbijaa 21
87 En Zonnoen Jonas toen hij in toorn heenging en dacht dat Wij geen macht over hem hadden en in de duisternis uitriep zeggende Er is geen God dan U Heilig bent U Ik behoorde inderdaad tot de onrechtvaardigen Anmbijaa 21
88 Wij verhoorden toen zijn gebed en namen zijn droefenis van hem weg En aldus verlossen Wij de gelovigen Anmbijaa 21
89 En Zacharia toen hij tot zijn Heer riep zeggende Mijn Heer laat mij niet alleen en U bent de Beste der erfgenamen Anmbijaa 21
90 Toen verhoorden Wij zijn gebed en beloofden hem Johannes en Wij maakten zijn vrouw geschikt een kind te krijgen Zij plachten met elkander te wedijveren in goede werken en zij riepen Ons in hoop en vrees aan en waren nederig voor Ons Anmbijaa 21
26 En toen Wij Abraham de plaats voor het Huis de Kaaba aanwezen zeggende Vereenzelvig niets met Mij en houd Mijn Huis rein voor degenen die de rondgang verrichten en degenen die opstaan voor gebed en neerbuigen en zich ter aarde werpen Hadj 22
44 En de inwoners van Midian eveneens En Mozes werd ook verloochend Maar Ik schonk de ongelovigen uitstel daarna greep Ik hen en hoe groot was toen Mijn afkeer Hadj 22
27 Toen openbaarden Wij hem Bouw de Ark onder Onze ogen en in overeenstemming met Onze openbaring En wanneer Ons bevel komt en de oppervlakte der aarde overstroomt neem dan aan boord twee exemplaren van wat nodig is en uw gezin behalve degenen tegen wie het woord reeds is uitgevaardigd En spreek Mij niet over de onrechtvaardigen want zij zullen worden verdronken Al Mominoen 23
31 Toen verwekten Wij een ander geslacht na hen Al Mominoen 23
42 Toen verwekten Wij na hen andere geslachten Al Mominoen 23
12 Waarom dachten de gelovige mannen en vrouwen toen zij dit hoorden geen goed over hun eigen mensen en zeiden Dit is een openlijke lastering An Noer 24
15 Toen u het van elkander hoorde en u zei waarvan u geen kennis bezat dacht u dat het onbeduidend was terwijl het in de ogen van Allah belangrijk was An Noer 24
16 Waarom heeft u niet gezegd toen u het hoorde Het betaamt ons niet om erover te spreken Heilig bent U dit is een grote lastering An Noer 24
37 En het volk van Noach toen dit de boodschappers verloochende verdronken Wij het en Wij maakten het tot een teken voor het mensdom En Wij hebben een pijnlijke straf voor de onrechtvaardigen bereid Forqaan 25
10 Toen uw Heer tot Mozes riep Ga naar het onrechtvaardige volk Sjoaraa 26
18 Hij Pharao zei Voedden wij u niet onder ons op toen u een kind was En u bleeft onder ons vele jaren van uw leven Sjoaraa 26
20 Hij Mozes zei Ik deed dit toen ik nog tot de dwalenden behoorde Sjoaraa 26
41 En toen de tovenaars kwamen vroegen zij aan Pharao Zal er een beloning voor ons zijn als wij de overwinnaars worden Sjoaraa 26
44 Toen gooiden zij hun touwen en hun roeden en zeiden Bij de macht van Pharao wij zullen de overhand krijgen Sjoaraa 26
61 En toen de twee scharen elkander zagen zeiden de metgezellen van Mozes Wij worden zeker ingehaald Sjoaraa 26
63 Toen openbaarden Wij aan Mozes Tref de zee met uw staf Waarop zij vaneen week en elk gedeelte was als een grote berg Sjoaraa 26
70 Toen hij tot zijn vader en zijn volk zei Wat aanbidt u Sjoaraa 26
98 Toen wij u gelijk stelden aan de Heer der Werelden Sjoaraa 26
106 Toen hun broeder Noach tot hen zei Wilt u niet God vrezen Sjoaraa 26
124 Toen hun broeder Hoed tot hen zei Zult u niet godvruchtig worden Sjoaraa 26
142 Toen hun broeder Salih tot hen zeide Wilt u niet godvruchtig worden Sjoaraa 26
161 Toen hun broeder Lot tot hen zei Wilt u niet rechtvaardig worden Sjoaraa 26
177 Toen Shoaib tot hen zei Wilt u niet godvruchtig worden Sjoaraa 26
7 Gedenk toen Mozes tot zijn familieleden zei Ik zie een vuur Ik zal u daarvan enig bericht brengen of ik breng wat vuur mee opdat u moogt verwarmen Naml 27
8 En toen hij er bij kwam riep een stem hem toe Gezegend is hij die in het vuur is en gezegend is hij die er dichtbij is glorie zij Allah de Heer der Werelden Naml 27
10 Werp uw staf neder Maar toen hij de staf zich als een slang zag bewegen wendde hij zich af en wilde zich niet omkeren En Allah zeide O Mozes vrees niet voorwaar bij Mij vrezen de boodschappers niet Naml 27
13 Maar toen Onze verlichtende tekenen tot hen kwamen zeiden zij Dit is openbare tovenarij Naml 27
18 Toen zij tot het dal van de mieren kwamen zei een mier O u mieren gaat uw woningen binnen opdat Salomo en zijn scharen u niet verpletteren zonder dit te bemerken Naml 27
36 Toen de gezant der koningin tot Salomo kwam zei deze Schenkt u mij rijkdommen Maar datgene wat Allah mij geschonken heeft is beter dan wat Hij u heeft gegeven Nee u verheft u op uw gaven Naml 27
40 Iemand die kennis van het geschrift had zei Ik zal hem tot u brengen vòòr uw bode terugkeert en toen Salomo de troon naast zich zag geplaatst zei hij Dit is bij de gratie van mijn Heer opdat Hij mij moge beproeven of ik dankbaar of ondankbaar ben En wie dankbaar is is dankbaar voor het welzijn van zijn eigen ziel maar wie ondankbaar is waarlijk mijn Heer is Zichzelf-genoeg Geëerd Naml 27
42 En toen zij kwam werd haar gevraagd Is uw troon als deze Zij antwoordde Hij is als het ware dezelfde En ons is voordien kennis gegeven en wij zijn reeds onderdanig geworden Naml 27
44 Er werd tot haar gezegd Ga het paleis binnen En toen zij het zag dacht zij dat het een massa water was en zij raakte in verwarring Hij zei Het is een paleis dat geplaveid is met glas Zij zei Mijn Heer ik heb mijn ziel inderdaad onrecht aangedaan en ik onderwerp mij met Salomo aan Allah de Heer der Werelden Naml 27
54 En Lot toen hij tot zijn volk zei Begaat u onzedelijkheid tegen beter weten in Naml 27
14 En toen hij volwassen werd en zijn volle kracht had bereikt gaven wij hem wijsheid en kennis zo belonen Wij hen die goed doen Qasas 28
19 En toen hij hem wilde grijpen die een vijand van beiden was zei deze O Mozes wilt u mij ook doden zoals u gisteren een man gedood had U wenst slechts een geweldenaar te worden in het land en wilt geen vredestichter zijn Qasas 28
22 En toen hij zijn gezicht naar Midian keerde zei hij Ik hoop dat mijn Heer mij naar de rechte weg zal leiden Qasas 28
23 En toen hij bij de bron van Midian aankwam vond hij daar een groep mannen die hun vee drenkten En hij vond naast hen twee vrouwen die haar kudden terughielden Mozes zei tot haar Wat scheelt u Zij antwoordden Wij kunnen niet drenken totdat de herders hun kudden terugnemen want onze vader is een zeer oude man Qasas 28
25 En een der twee vrouwen kwam verlegen naar hem toelopen Zij zei Mijn vader roept u opdat hij u moge belonen omdat u voor ons gedrenkt heeft Dan toen hij tot hem kwam en hem het verhaal vertelde zeide hij Vrees niet u bent een onrechtvaardig volk ontvlucht Qasas 28
29 Toen Mozes de termijn had voltooid en met zijn familie op reis ging bemerkte hij een vuur in de richting van de berg Sinaï Hij zei tot zijn familie Wacht hier ik zie een vuur misschien kan ik u nieuws of wat vuur daarvan brengen opdat u moogt verwarmen Qasas 28
30 En toen hij er bij kwam werd hij door een stem van de rechterzijde van het dal geroepen op de heilige plaats van uit de boom O Mozes voorwaar Ik ben Allah de Heer der Werelden Qasas 28
31 Werp uw staf neder En toen hij hem zag bewegen als een slang vluchtte hij en keerde niet om O Mozes kom en vrees niet want u behoort tot hen die veilig zijn Qasas 28
36 En toen Mozes met Onze duidelijke tekenen tot hen kwam zeiden zij Dit is niets dan verzonnen tovenarij en wij hoorden nooit van iets dergelijks onder onze voorvaderen Qasas 28
44 En u Mohammed was niet aan de westelijke kant van de berg toen Wij Mozes de geboden mededeelden noch was u onder de aanwezigen Qasas 28
46 En u was niet aan de bergkant toen Wij naar Mozes riepen Maar uit barmhartigheid van uw Heer bent u gezonden opdat u een volk naar hetwelk geen waarschuwer kwam vòòr u moogt waarschuwen opdat zij er lering uit mogen trekken Qasas 28
48 Maar toen de Waarheid van Ons tot hen kwam zeiden zij Waarom is hem niet hetzelfde gegeven als aan Mozes werd gegeven Verwierpen zij datgene niet wat Mozes voorheen was gegeven Zij zeiden Twee tovenaars die elkander ondersteunen En dezen zeggen Wij geloven in beiden niet Qasas 28
76 Korach behoorde voorwaar tot het volk van Mozes maar hij gedroeg zich aanmatigend tegenover hen En Wij hadden hem zoveel schatten gegeven dat zijn sleutels zeker een last waren geweest voor een groep sterke mannen Toen zijn volk tot hem zei Poch niet want Allah houdt niet van degenen die pochen Qasas 28
28 En toen Lot tot zijn volk zei U verricht een gruweldaad die niemand onder het mensdom ooit vòòr u heeft begaan Ankaboet 29
31 En toen onze boodschappers Abraham het nieuws brachten zeiden zij Wij willen het volk dezer stad vernietigen want haar inwoners zijn onrechtvaardigen Ankaboet 29
33 En toen Onze boodschappers tot Lot kwamen was hij verdrietig wegens hen en voelde zich daardoor in moeilijkheid En zij zeiden Vrees niet noch treur Voorzeker wij zullen u en uw familie redden behalve uw vrouw die tot de achterblijvenden behoort Ankaboet 29
13 Toen Loqmaan tot zijn zoon terwijl hij hem raad gaf zei O mijn lieve zoon ken geen medegoden aan Allah toe afgoderij is inderdaad een grote ongerechtigheid Loqmaan 31
7 En toen Wij met de profeten een verbond sloten met u met Noach Abraham Mozes en Jezus de zoon van Maria sloten wij een hecht verbond Ahzaab 33
9 O u die gelooft herinnert u Allah's gunst aan u bewezen toen er legers tegen u opkwamen en Wij tegen hen een wind zonden en legers die u niet zaagt En Allah ziet wat u doet Ahzaab 33
10 Toen zij over u kwamen van boven en van beneden en toen uw ogen staarden en het hart in de keel klopte en u over Allah allerlei gedachten koesterde Ahzaab 33
10 Toen zij over u kwamen van boven en van beneden en toen uw ogen staarden en het hart in de keel klopte en u over Allah allerlei gedachten koesterde Ahzaab 33
11 Toen werden de gelovigen beproefd en zij werden hevig geschokt Ahzaab 33
12 En toen de huichelaars en zij in wier hart een ziekte is zeiden Wat Allah en Zijn boodschapper ons beloofden was slechts bedrog Ahzaab 33
13 En toen een gedeelte van hen zei O volk van Jasrab Medina u kunt hier geen stand houden keert daarom terug En een gedeelte vroeg zelfs om toestemming van de Profeet zeggende Onze huizen staan aan de vijand bloot Deze waren echter niet blootgesteld zij wensten slechts te vluchten Ahzaab 33
22 En toen de gelovigen de scharen zagen zeiden zij Dit is wat Allah en Zijn boodschapper ons beloofden en Allah en Zijn boodschapper spraken de waarheid En dit vermeerderde slechts hun geloof en deed hun onderwerping toenemen Ahzaab 33
37 En herinnert u toen u tot hem wie Allah gunsten had bewezen en wie u ook gunsten had bewezen zei Behoud uw vrouw voor u en vrees Allah U verborgt in uw hart wat Allah aan het licht zou brengen en u vreesde de mensen terwijl Allah er meer recht op heeft dat u Hem zult vrezen Toen Zaid van haar scheidde verenigden Wij haar met u in de echt opdat er voor de gelovigen geen bezwaar mocht zijn ten opzichte van de vrouwen van hun aangenomen zonen als zij van haar zijn gescheiden Allah's gebod moet worden nageleefd Ahzaab 33
37 En herinnert u toen u tot hem wie Allah gunsten had bewezen en wie u ook gunsten had bewezen zei Behoud uw vrouw voor u en vrees Allah U verborgt in uw hart wat Allah aan het licht zou brengen en u vreesde de mensen terwijl Allah er meer recht op heeft dat u Hem zult vrezen Toen Zaid van haar scheidde verenigden Wij haar met u in de echt opdat er voor de gelovigen geen bezwaar mocht zijn ten opzichte van de vrouwen van hun aangenomen zonen als zij van haar zijn gescheiden Allah's gebod moet worden nageleefd Ahzaab 33
14 En toen Wij zijn Salomo's dood hadden veroorzaakt deed niets hen djinn zijn dood beseffen dan een worm der aarde die zijn staf macht opvrat en toen die nederviel bemerkten de dijnn duidelijk dat indien zij het onzichtbare gekend hadden zij niet zolang in een toestand van vernederende kwelling zouden zijn gebleven Saba 34
14 En toen Wij zijn Salomo's dood hadden veroorzaakt deed niets hen djinn zijn dood beseffen dan een worm der aarde die zijn staf macht opvrat en toen die nederviel bemerkten de dijnn duidelijk dat indien zij het onzichtbare gekend hadden zij niet zolang in een toestand van vernederende kwelling zouden zijn gebleven Saba 34
42 Zij zweren bij Allah hun plechtigste eden dat indien een waarschuwer tot hen zou komen zij de leiding beter zouden volgen dan andere volkeren Maar toen een waarschuwer tot hen kwam deed het hen slechts in afkeer toenemen Faatir 35
13 Geef hun de gelijkenis van de bewoners ener stad toen de boodschappers tot haar kwamen Jaa Sien 36
35 Voorzeker toen er tot hen werd gezegd Er is geen God naast Allah waren zij vanmatigend Saaffaat 37
84 Toen hij tot zijn Heer kwam met een deemoedig hart Saaffaat 37
102 En toen deze de knapenleeftijd bereikte zei hij O mijn lieve zoon ik heb in een droom gezien dat ik u heb te offeren Zie wat zegt u daarvan Deze antwoordde O mijn vader doe zoals u bevolen is u zult mij indien Allah het wil zeker geduldig vinden Saaffaat 37
103 En toen zij zich beiden aan Gods bevel hadden onderworpen en hij hem plat op zijn voorhoofd had gelegd Saaffaat 37
124 Toen hij tot zijn volk zeide Wilt u niet godvruchtig zijn Saaffaat 37
134 Toen Wij hem en zijn familieleden redden Saaffaat 37
140 Toen hij in het geladen schip vluchtte Saaffaat 37
3 Hoevele geslachten hebben Wij vernietigd vòòr hen Zij schreeuwden het uit toen er voor ontkomen geen tijd meer was Saad 38
31 Herinnert u toen er renpaarden van het edelste ras en vlug ter been op een avond voor hem werden gebracht Saad 38
32 Dat hij zei Ik houd van goede dingen vanwege de gedachtenis aan mijn Heer Toen zij de zon door een sluier verborgen waren zei hij Saad 38
33 Brengt ze naar mij terug Toen begon hij ze over hun benen en nek te strijken Saad 38
41 Herinnert u Onze dienaar Job toen hij tot zijn Heer riep Satan heeft mij met kommer en smart geslagen Saad 38
69 Ik heb geen kennis van de verheven vergadering toen zij onderling redetwistten Saad 38
71 Toen uw Heer tot de engelen zei Ik ga de mens uit klei scheppen Saad 38
10 De ongelovigen zullen worden toegesproken Het misnoegen van Allah was groter dan uw eigen misnoegen toen u tot het geloof werd geroepen maar u dit verwierpt Momin 40
12 Dit kwam omdat u niet geloofde toen Allah de Ene werd genoemd maar toen Hem medegoden werden toegeschreven geloofde u Nu behoort het oordeel aan Allah de Allerhoogste de Allergrootste Momin 40
12 Dit kwam omdat u niet geloofde toen Allah de Ene werd genoemd maar toen Hem medegoden werden toegeschreven geloofde u Nu behoort het oordeel aan Allah de Allerhoogste de Allergrootste Momin 40
25 En toen hij Mozes met Waarheid van Ons tot hen kwam zeiden zij Doodt de zonen der gelovigen met hem en ontziet hun vrouwen Maar het plan der ongelovigen is ijdel Momin 40
34 En voordien kwam Jozef tot u met duidelijke tekenen maar u bleeft twijfelen aan hetgeen hij u bracht maar toen hij stierf zei hij Allah zal na hem geen boodschapper meer zenden Alzo laat Allah de buitensporigen en de twijfelaars dwalen Momin 40
83 En toen hun boodschappers met duidelijke tekenen tot hen kwamen namen zij genoegen met de kennis die zij bezaten en de straf waarover zij spotten verstrikte hen Momin 40
84 En toen zij Onze straf zagen zeiden zij Wij geloven in Allah als de Enige en wij verwerpen alles wat wij vroeger met Hem plachten te vereenzelvigen Momin 40
14 Toen hun boodschappers van vòòr hen en achter hen tot hen kwamen zeggende Aanbidt niets dan Allah zeiden zij Als onze Heer het had gewild zou Hij beslist engelen hebben nedergezonden Derhalve verwerpen wij datgene waarmede u gezonden bent Fussilat 41
47 Maar toen hij met Onze tekenen tot hen kwam ziet bespotten zij hem Zochrof 43
50 Maar toen Wij de straf van hen wegnamen ziet zij braken hun woord Zochrof 43
55 Toen zij Ons vertoornden straften Wij hen en verdronken hen allen Zochrof 43
63 Toen Jezus met duidelijke bewijzen kwam zei hij Waarlijk ik ben met wijsheid tot u gekomen opdat ik u iets van hetgeen waarover u onderling verschilt duidelijk moge maken Vreest daarom Allah en gehoorzaamt mij Zochrof 43
22 Toen bad hij tot zijn Heer Dit is inderdaad een zondig volk Dochaan 44
32 En toen er werd gezegd De belofte van Allah is zeker waar en aan het Uur is geen twijfel zei u Wij weten niet wat het Uur is wij vermoeden het slechts en zijn er niet zeker van Djaasijah 45
7 En wanneer Onze duidelijke woorden aan hen worden medegedeeld zeggen degenen die de Waarheid toen zij tot hen kwam verwierpen Dit is klaarblijkelijk tovenarij Ahqaaf 46
21 En gedenk de broeder van Aad toen hij zijn volk in de zandheuvels waarschuwde - en er zijn waarschuwers vòòr en na hem geweest - Dient Allah alleen want ik vrees de straf van een grote Dag voor u Ahqaaf 46
22 Toen zeiden zij Bent u tot ons gekomen om ons van onze goden afvallig te maken Breng hetgeen waarmee u ons bedreigt dan over ons als u waarachtig bent Ahqaaf 46
24 Toen zij een wolk naar hun valleien zagen komen zeiden zij Dit is een wolk die ons regen zal geven Nee dat is hetgeen u zocht te verhaasten een wind die een smartelijke straf bevat Ahqaaf 46
29 En toen Wij een aantal van de djinn naar u deden komen die de Koran wensten te horen en toen zij bij u kwamen zeiden zij Weest stil en toen het de prediking beëindigd was gingen zij naar hun volk terug en waarschuwden dit Ahqaaf 46
29 En toen Wij een aantal van de djinn naar u deden komen die de Koran wensten te horen en toen zij bij u kwamen zeiden zij Weest stil en toen het de prediking beëindigd was gingen zij naar hun volk terug en waarschuwden dit Ahqaaf 46
29 En toen Wij een aantal van de djinn naar u deden komen die de Koran wensten te horen en toen zij bij u kwamen zeiden zij Weest stil en toen het de prediking beëindigd was gingen zij naar hun volk terug en waarschuwden dit Ahqaaf 46
18 Voorzeker Allah had aan de gelovigen welgevallen toen zij u onder de boom trouw zwoeren en Hij wist wat in hun hart was en Hij zond op hen kalmte neder en Hij beloonde hen met een spoedige overwinning Fath 48
26 Toen de ongelovigen verwaandheid in hun hart verborgen- de verwaandheid der onwetendheid - zond Allah Zijn kalmte over Zijn boodschapper en over de gelovigen neder en deed hen het woord der rechtvaardigheid nakomen En zij hadden er recht op en waren het waardig Allah heeft kennis van alle dingen Fath 48
5 Nee zij hebben de Waarheid verloochend toen deze tot hen kwam derhalve zijn zij in een verwarde toestand geraakt Qaaf 50
25 Toen zij bij hem binnentraden en zeiden Vrede antwoordde hij Vrede Hij zei bij zichzelven Vreemde mensen Zaarijaat 51
29 Toen kwam zijn vrouw in verbijstering en sloeg de hand voor het gezicht en zei Een verwelkte bejaarde vrouw Zaarijaat 51
38 En in Mozes is eveneens een teken toen Wij hem tot Pharao zonden met openlijk gezag Zaarijaat 51
41 En er was een teken in de Aad toen Wij een orkaan tegen hen zonden Zaarijaat 51
43 En er was een teken in de Samoed toen er tot hen werd gezegd Vermaakt u voor een wijle Zaarijaat 51
16 Toen het goddelijke Licht de Lotusboom overstraalde Nadjm 53
32 Zij die behalve kleine feilen de ergste zonden en slechtheden vermijden - voorwaar uw Heer is de Heer der Alomvattende Vergiffenis Hij kende u toen Hij u uit aarde deed ontstaan en toen u een embryo was in de baarmoeder uwer moeder Prijst daarom uzelf niet om reinheid Hij kent de godvruchtigen het beste Nadjm 53
32 Zij die behalve kleine feilen de ergste zonden en slechtheden vermijden - voorwaar uw Heer is de Heer der Alomvattende Vergiffenis Hij kende u toen Hij u uit aarde deed ontstaan en toen u een embryo was in de baarmoeder uwer moeder Prijst daarom uzelf niet om reinheid Hij kent de godvruchtigen het beste Nadjm 53
11 Toen openden Wij de poorten van de hemel voor het stromende water Qamar 54
21 Hoe groot was toen Mijn straf en Mijn waarschuwing Qamar 54
30 Hoe vreselijk was toen Mijn straf en Mijn waarschuwing Qamar 54
27 Dan deden Wij Onze boodschappers in hun voetsporen treden en Wij deden Jezus de zoon van Maria opvolgen en Wij gaven hem het Evangelie En Wij legden zachtmoedigheid en barmhartigheid in het hart zijner volgelingen Maar het kloosterleven schreven Wij hun niet voor maar zij vonden dit zelf uit om Allah's welbehagen te zoeken Zij namen dit echter niet in acht zoals het behoorde Toen gaven Wij de gelovigen onder hen een beloning maar velen onder hen waren overtreders Hadied 57
4 Er is een goed voorbeeld voor u in Abraham en degenen die met hem waren toen zij tegen hun volk zeiden Wij hebben niets uitstaande met u en hetgeen u buiten Allah aanbidt Wij verwerpen u en er is tussen u en ons eeuwige vijandschap en haat ontstaan tenzij u in Allah de Enige gelooft - uitgezonderd het woord van Abraham tot zijn vader Ik zal zeker om vergiffenis voor u vragen ik heb niets van Allah ten uwen behoeve - Onze Heer in U stellen wij ons vertrouwen en tot U wenden wij ons en naar U is de terugkeer Momtahanah 60
5 En toen Mozes tegen zijn volk zei O mijn volk waarom ergert u mij wetende dat ik Allah's boodschapper voor u ben En toen zij afdwaalden deed Allah hun hart zich afwenden want Allah leidt het opstandige volk niet Saff 61
5 En toen Mozes tegen zijn volk zei O mijn volk waarom ergert u mij wetende dat ik Allah's boodschapper voor u ben En toen zij afdwaalden deed Allah hun hart zich afwenden want Allah leidt het opstandige volk niet Saff 61
6 En toen Jezus zoon van Maria zei O kinderen van Israël Ik ben Allah's boodschapper voor u datgene bevestigend wat vòòr mij in de Torah was en een blijde tijding gevende van een boodschapper die na mij komen zal zijn naam zal Ahmad zijn En als hij tot hen komen zal met duidelijke bewijzen zullen zij zeggen Dit is louter bedrog Saff 61
14 O u die gelooft weest Allah's helpers zoals toen Jezus zoon van Maria tot zijn discipelen zei Wie zijn mijn helpers terwille van Allah De discipelen antwoordden Wij zijn Allah's helpers Toen geloofde een gedeelte van de kinderen Israëls terwijl een ander deel niet geloofde maar Wij hielpen de gelovigen tegen hun vijand en zij werden overwinnaars Saff 61
14 O u die gelooft weest Allah's helpers zoals toen Jezus zoon van Maria tot zijn discipelen zei Wie zijn mijn helpers terwille van Allah De discipelen antwoordden Wij zijn Allah's helpers Toen geloofde een gedeelte van de kinderen Israëls terwijl een ander deel niet geloofde maar Wij hielpen de gelovigen tegen hun vijand en zij werden overwinnaars Saff 61
3 Toen de profeet een woord aan een zijner vrouwen toevertrouwde en zij het daarna ruchtbaar maakte aan een andere deelde Allah hem dit mede Hij maakte een deel er van bekend en verzweeg een deel ervan En toen hij het haar vertelde zei zij Wie gaf u hiervan kennis Hij zei De Alwetende de van alles op de hoogte heeft mij er bericht van gegeven Tahriem 66
3 Toen de profeet een woord aan een zijner vrouwen toevertrouwde en zij het daarna ruchtbaar maakte aan een andere deelde Allah hem dit mede Hij maakte een deel er van bekend en verzweeg een deel ervan En toen hij het haar vertelde zei zij Wie gaf u hiervan kennis Hij zei De Alwetende de van alles op de hoogte heeft mij er bericht van gegeven Tahriem 66
11 En Allah vergelijkt de gelovigen met de vrouw van Pharao toen zij zei Mijn Heer bouw voor mij een huis bij U in het Paradijs verlos mij van Pharao en zijn daden en verlos mij van het onrechtvaardige volk Tahriem 66
12 En met Maria de dochter van Imraan die haar kuisheid bewaarde Toen ademden Wij haar Onze geest in - zij geloofde in het Woord van haar Heer en Zijn Boeken en behoorde tot de gehoorzamen Tahriem 66
17 Voorwaar Wij zullen hen de ongelovigen op de proef stellen zoals Wij de eigenaars van een tuin beproefden toen zij zwoeren dat zij zeker het fruit daarvan in de vroege morgen zouden plukken Qalam 68
19 Toen kwam er van uw Heer een bezoeking over hen terwijl zij sliepen Qalam 68
21 Toen riepen zij tot elkander in de morgen Qalam 68
26 Maar toen zij de tuin zagen zeiden zij Voorwaar wij zijn verdwaald Qalam 68
30 Toen gingen zij elkaar beschuldigen Qalam 68
43 Hun ogen zullen terneergeslagen zijn en vernedering zal hen overvallen want zij werden tot het prostraat Sadjdah geroepen toen hun niets ontbrak en zij deden het niet Qalam 68
48 Wacht geduldig op het gebod van uw Heer en wees niet als de man van de vis toen hij Allah aanriep terwijl hij misnoegd was Qalam 68
11 Ziet toen de wateren stegen droegen Wij u de ark binnen Haaqqah 69
8 Toen riep ik hen luide Noach 71
13 En toen wij de leiding hoorden geloofden wij er in En hij die gelooft in zijn Heer heeft geen vrees voor verlies of onrecht Djinn 72
19 En toen de dienaar van Allah opstond om Hem te aanbidden vielen zij hem bijna aan Djinn 72
21 Toen keek hij om zich heen Moddassir 74
1 Voorzeker er is voor de mens een tijdperk geweest toen hij geen vermeldenswaardig ding was Dahr 76
16 Toen zijn Heer hem in het heilige dal van Towa toeriep zeggende Naziaat 79
20 Toen toonde hij hem Pharao het grote teken Naziaat 79
12 Toen de ongelukkigste onder hen opstond Sjams 91

Volgende Terug naar het Begin